Categorie archieven: Schaak diversen

Herinnering

 Als duister je soms eens gaat bedreigen

Weet dan hoe  wat  licht weer te verkrijgen

Gewoon   verzinken  in  herinneringen

Aan leuke en ook mooie dingen

Dat potje schaak uit ver verleden

Zo’n zeventig jaren  al weer geleden

Ik wist de winst toen al te beramen

Door een  offer

                               van  mijn lieve Dame

Voor de theoretisch wat minder gevorderden hieronder nog even hoe het verder ging of had kunnen gaan.

Zwart gaf op na zet 11

Simultaan Pieter Hopman

Pieter – Kees

Geschreven door Kees

Gemiste kans!

In de simultaanpartij tegen Pieter Hopman kreeg ik een opgelegde kans om revanche te nemen voor de nederlaag die Pieter mij in 1990 toebracht waardoor ik geen clubkampioen werd…

Stelling na 18. De1+

Na een trucje kwam ik een stuk voor te staan. Ik schatte de stand na 18. Dd1+ totaal verkeerd in en dacht dat ik het stuk wel terug moest geven. Onzin! Gewoon 18…Kc8 spelen en de ruime voorsprong zou in stand blijven.

Enige excuus dat ik heb is dat ik op hete kolen zat, omdat ik weg moest naar een ander feestje en ik daarvoor met mijn vrouw had afgesproken om 16:00 uur thuis zou komen.

Tja en dan krijg je dit!

Uiteraard had Pieter totaal geen moeite om de stelling na 18…Le5?? te winnen.

Verder prima georganiseerd feestje!

Jubileumsimultaan Aris de Heer

Pieter – Frank (0-1)

Geschreven door Frank

Op zaterdag 10 oktober was het zover; wij vierden het 120-jarig bestaan van onze kleine, gezellige vereniging met een simultaan gegeven door IM Pieter Hopman, die ooit zijn eerste zetten in clubverband bij ons speelde en inmiddels een gerenommeerde naam in de schaakwereld is.

Wij maakten gebruik vandaag van de Keyserin, dat bood wat meer ruimte voor een simultaan dan Onder de Linden. Hapjes waren gesponsord door Cono Kaasmakers en De Beemster Chocoladefabriek. Martin opende de middag met een kort woordje waarna Kees zowel de club als in het bijzonder ons toch aanwezige erelid Eddy Saraber in het zonnetje zette.

Eddy was de eerste ontvanger voor zijn jarenlange en tomeloze inzet op allerlei manieren voor de club van de ESP (Eddy Saraber Prijs). Daarna legde Martin nog even kort de regels uit en kon de simultaan tegen Pieter beginnen.

Er werd gestreden op 17 borden, iets minder dan gehoopt, maar toch een gezellige groep. Helaas konden niet alle leden aanwezig zijn.

Bovendien werd die middag ook het bedrag van de Rabo Clubsupport uitgereikt, waarmee we weer een mooi bedrag mochten ontvangen van de Rabobank.

Nu het dan spektakel: Pieter liep gemoedelijk langs de borden en gaf hier en daar wat tips of mogelijkheden tot verbetering als iemand een foutje maakte in de opening, daardoor was het voor iedereen leuk en duurde het ook lang voordat de eerste partij beslist was.

Schaken in een simultaan is voor mij erg wennen, ik vergat soms zetten te noteren waardoor ik thuis nog een en ander moest reconstrueren achteraf. Gelukkig lukte dat met hulp van Matthijs, die speciaal voor de simultaan vanuit de Betuwe was gekomen.

Stelling na 29. Dd1

Ik had een mooie partij tegen Pieter die tot de 28e zet redelijk in evenwicht was. Toen deed wit een foutieve zet waardoor ik het initiatief kreeg. Na Dd1 volgde Th3!

Stelling vóór 34. Kg1

f3 was van mijn kant niet de sterkste zet, maar Kg1 wat daarop volgde ook niet. Wie bedenkt er dan ook dat je daar Kh3 moet spelen?… Zwart houdt overigens ook dan nog voordeel.

Op zet 37 mis ik helaas mat in 10 volgens de computer als ik Dg3 speel. Dat ziet er natuurlijk ook heel dreigend uit, maar ik zag de directe winst niet en dat was zeker ook geen gemakkelijke weg.

Stelling na 40…Lxf3+

Op zet 40 zie ik de winnende combinatie, althans dat dacht ik. Vol overtuiging speel ik Lxf3 en Pieter ziet wat ik zie en geeft op. Gewonnen dus! Dik tevreden ruimen we de spullen op en praten we even na. Als ik de partij in de computer stop, blijkt dat het bij de eindzet toch even anders in elkaar stak dan een dikke winstpartij voor zwart.

Eerst even teleurgesteld, maar dan ook wel weer trots dat ik zo goed kwam te staan tegen misschien wel de beste schaker die De Beemster en Aris de Heer ooit heeft voortgebracht.

Ook een schaakmeester kan dus last hebben van “schaakblindheid”.

Zie jij het ook?

Schaken te boek X

Systemen van tederheid. Marek Ŝindelka

Ik lees nog steeds veel. Maar zelden een buitenlandse auteur.  Probeer wel de Nederlandse schrijverij nog een beetje bij te houden. Zonde om dat helemaal te laten  versloffen.

Maar toen ik een recensie las van dit laatste boek van een Tsjechische auteur viel me op dat het schaakspel er nogal een rol in scheen te spelen. Grappig!  Misschien iets voor de serie ‘Schaak te boek’ op uw website? Kopen dus!

Een literaire schrijver die het over schaken heeft. Maar, begreep ik, wel op een andere manier dan dat gebeurde bij Bomans, Buddingh, Multatuli, Max Pam , waar ik eerder over schreef.

Ik heb het boek inmiddels uit. Het bleek best een boek dat veel van de lezer vraagt. Het is lijvig, heeft een niet direct begrijpelijk thema, en gaat vaak diep in op een groot aantal verschillende onderwerpen. Bij alle loftuitingen voor dit boek ,kom je ook vaak tegen dat het boek wel erg bont is. Het gaat uitvoerig in op leven en werk van  diverse componisten . En op het bestaan van allerlei wezens die door machines werden nagebootst. Trompettisten, eenden , schakers, beren.  De uitvoerige geschiedeis  van ontstaan, toepassing en einde van  de Turk, die zogenaamd geheel machinale schaker in de 19e eeuw. Geïllustreerd met  filosofische verhandelingen over mens en wereld. Wel een heel rijk boek. Te rijk om te kunnen navertellen.  Het gaat in het bijzonder heel uitgebreid  in op klassieke muziek en de techniek ervan. Voor musici heel interessant, maar voor gewone mensen soms wel wat  te veel. En wie niets  van schaken en schaakgeschiedenis weet zal ook wel eens wat bladzijden  willen overslaan. Daar had ik dus geen last van.

Het hoofdthema is  het leven van een vrouw die veel van haar vader hield, veel op hem leek, en na diens ondergang beseft dat ze veel van hem niet weet en probeert daar wat van terug te vinden. Vader was een begenadigd en gevierd pianist, die naar perfectie bleef streven. Zo monomaan dat de muziek voor hem tenslotte een emotieloos systeem werd, en hij door het eindeloos te zwaar oefenen een ongeneeslijke spierontsteking in zijn linkerhand krijgt wat het einde van zijn  carrière betekent . Hij wordt alcoholverslaafd  en gaat eraan ten gronde.

Het verloop van het leven van zijn dochter lijkt hier wat op. Fanatiek studeren op de muziek, veelbelovend pianiste worden, en tenslotte de muziek als een systeem gaan vertolken en gevoel daarbij kwijt raken en dus ook de aandacht van het publiek. Al van jongsaf aan heeft ze een waanzinnige behoefte aan systemen. Een vaste plaats voor de zeep in het zeepbakje, voor de plaats van  een boek in de kamer, voor hoe de schoenen in de kast staan, vaste gewoontes in omgaan met haar moeder, met haar pianolerares, enz., enz.

Maar nu over het schaakspel: het lijkt kennelijk volgens de hoofdpersoon ook op een ‘systeem’.  Het schaken keert in het boek steeds weer terug, op vele manieren.

Direct in het begin al wordt uitgelegd hoe de dochter aan haar naam komt. Ada. Een verwijzing naar Ada Lovelace.( 1815-1852) , wiskundige, beschouwd als de eerste programmeur van een computer, een machine die volgens haar in de toekomst veel meer  zou kunnen dan berekeningen uitvoeren. (Bijvoorbeeld een wereldkampioen schaken ,Kasparov, verslaan! Ook vermeld in dit boek) Veel personen in dit boek zijn bezeten van machines. Ook een thema. De mens en zijn machines.

Ada en haar vader Werner spelen veel schaak. Werner begint zijn partij dan altijd met 1. a2-a3 … 2. d2- d4 ….3. a3-a4. Onzinnig tempoverlies volgens de auteur, maar Werner wint er toch mee. Maar het  is vooral een bewijs van liefde voor zijn dochter . De vreemde opening is eigenlijk haar naam.  : a(3)d(4) a(4)  Vaak fluit deze musicus  een deuntje naar haar.

De noten  a, d,  a. Dus die noten zijn samen een systeem om zijn tederheid voor zijn dochter te tonen. En  die schaakopening eveneens!

Vader gebruikt (7 bladzijden lang ) het schaakbord om zijn dochter iets over het leven uit te leggen : ‘Dit is je leven, Ada’

Op een vraag van vader antwoordt Ada dat ze denkt dat zwart beter staat. ‘Omdat de dame alle kanten uit kan.’  Maar omdat ze ziet dat haar vader niet reageert, verandert ze van gedachten en denkt dat wit beter staat.

‘Je moet niet gokken’ reageert pa. ‘Dit leren kinderen meteen de eerste les op de schaakclub. Denk na!’De lezer zal dit wel moeten opvatten als een levensles van vader aan dochterVervolgens legt hij uit dat de stelling toch in evenwicht is.

‘Zwart kan van alle kanten de koning aanvallen, maar die hoeft alleen maar om de loper heen te draaien.’  ‘En als de toren wordt aangevallen speelt die heen en weer tussen e2 en a2.‘ ‘veilig want daar gedekt door de loper.’  ‘Dit is jouw kleine zonnestelsel Ada, jouw veilige atoom, zei vader met een glimlach.’ Door die onverwachte glimlach kreeg Ada tranen in haar ogen.’ ………. ‘Ergens ver weg, echt ver weg, joelden vrolijk spelende kinderen. En ergens vanaf de binnenplaats rees die geur van gemaaid gras op. Maar dat was niet zeker. Papa, ik hou van je,’ zei Ada.

.Uw wepmeester vond dit best wel een leuke probleemstelling. De oplossing verraste hem ook. Maar hij bleef , als vaker in dit boek, toch met het onaangename gevoel zitten dat hij de overdrachtelijkheid van dit schaakprobleem naar Ada’s leven niet goed begreep!

Vaderneemt Ada mee naar een expositie van machinaal nagebootste en bewegende dieren en mensen. Daar staat ook De Turk. (1770-1850 ) Een machine die mensen kan verslaan. Dat apparaat begint te werken en dat maakt op Ada een overweldigende indruk.

‘Ada deed geschrokken een stap achteruit. De arm kwam met een knarsende elleboog, alsof die levenloze androïde bij elke beweging pijn voelde, zoals de arm van een grote kraan boven de daken, met een exact rechthoekige beweging boven het schaakbord, bleef daar even loerend steken en daalde toen met een verschrikkelijke, onstuitbare beweging, als een jagende roofvogel wanneer die van een hoogte van honderd meter in het herfstveld een verwarde muis ontwaart, naar de koning op het speelveld, de vingers klapten als een klauw dicht, grepen hun prooi en verzetten de koning triomfantelijk naar een ander veld. De Turk keek met de blik van een overwinnaar naar Ada. Die ogen! Ze kende die ogen! Ze zag de stelling op het bord en haar hart verkrampte.’

. Ada - Ada.jpg

Werner Bohamil speelt ook schaak met zijn vriend de dokter.  De lezer moet wel even weten wat er op het bord verscheen. De schrijver is bij alle thema’s van het boek kwistig met details. ‘De dokter hing trage bedachtzame systemen aan: de oeroude Italiaanse opening, het damegambiet, de Spaanse opening (de saaiste variant, die Bohumil desondanks bijna nooit wist te verslaan). Bohumil daarentegen was een fervent aanhanger van de moderne stijl, met name de agressievere versies van de Siciliaanse verdediging.’  

Wat moet een niet schakende lezer hier nu mee?   Na allerlei uitweidingen over schilderkunst  en muziek duikt het schaakspel weer op in de roman. Vader speelt 8 partijen tegrn zijn dochter, die zij wat ze ook verzint allemaal kansloos snel verliest. Ada barst in tranen uit en veegt de stukken woedend van het bord. Ook haar moeder is boos. ‘Kon je haar nu niet een keertje laten winnen ? Het is nog maar een kind!’‘Maar het ergste van alles was: geen enkele keer had vader geopend met de zetten a3 – d4 – a4. Ze had gerust alle partijen van de wereld van vader verloren, als hij die maar had geopend zoals vroeger, met hun geheime groet.’ Later, als vader zijn gezin verlaten heeft, en zijn dochter inmiddels een jonge vrouw is, maar hem na zijn vertrek nooit meer heeft gezien of gesproken:‘Vandaag de dag zou ze al die partijen van vader hebben gewonnen. Ze zou gedurfde, baanbrekende, prachtige manieren vinden om te scoren. Maar het was te laat. Er was niemand om tegen te spelen. Het enige wat overbleef was de blik van de machine. De vreselijke, dromerige en tegelijk minachtende blik van de mechanische Turk, met wiens gedaante vader in haar herinnering één werd.’

Er volgt in het boek een zeer uitvoerige beschrijving van de Turk. Een grote machine die kon schaken, zetten bedenken en mechanisch stukken verzetten. Een voorloper van AI? Het wordt een gedegen tekst met een beschrijving van de uitvoering van het apparaat, het ontstaan ervan, de handel erin, het versjouwd worden over de hele wereld om er geld mee te verdienen, de talloze mislukte pogingen om te achterhalen dat het bedrog was met een echte schaker erin versttopt, een beschrijving van hoe het mogelijk was om aan het publiek schijnbaar het hele interieur te laten zien zonder dat ze de mens erin konden opmerken, welke bekende personen  er allemaal tegen gespeeld hebben (en verloren. O.a. Napoleon . Die partij heb ik eerder al eens in een artikel voor u afgrdrukt. Volgens deze auteur heeft slechts één persoon ooit tegen de Turk gewonnen.) .Meer informatie over de Turk dan hier  zult u nergens kunnen vinden. Wikipedia kan niet tegen deze boekfragmenten op.

Voor het geval de lezer nog steeds niet echt door heeft wat het schaakspel in dit boek voor functie heeft zal het volgende fragment misschien nuttig zijn:‘De mens heeft echt structuur nodig. Dat oeroude verlangen om de op deze wereld aan hem toebedeelde tijd te organiseren. Die decennia ergens onder te brengen! Muziek is zo’n structuur. Schaken is zo’n structuur. En duizenden andere systemen en mechanismen, waarin je je geriefelijk op kunt rollen. ‘ (ES: zoals een menseijke schaker in de Turk)

Hierna volgt een heel hoofdstuk  met de geschiedenis van de metronoom. Hij gaat ver terug. Tot 1820, over de man die deze machine populair maakte en over zijn geruzie met componist Beethoven. Hij was ook de man die schaakmachine De Turk kocht en ermee rondreisde. Beethoven haatte de metronoom. Omdat het de muziek alle menselijke aspecten zou ontnemen en veranderen in machinaal systeem.

Ada is verder bijna het hele boek steeds op zoek naar materiaal en herinneringen die haar inmiddels gestorven vader voor haar kunnen terugroepen. Ze vindt tenslotte mappen met composities van hem. Die gaat ze -ze is inmiddels bekend pianiste- proberen te spelen, maar het is vreselijke muziek, waar ze eigenlijk niets mee kan. Ze vraagt haar vriend en musicus  Hans of die er ook eens naar wil kijken. Die besteedt er veel tijd aan en doet dan een verbijsterende ontdekking. Het zijn geen muziekstukken, maar eigenlijk schaakpartijen! Omgezet in notenschrift.

.

De a op de notenbalk betekent eigenlijk Toren a1, de b op de notenbalk is eigenlijk Paard b1, pion a2 is op de notenbalk a is, pion c2 is als noot c is.

Ada gaat hard studeren op die eigenaardige manier om een schaakpartij te noteren, en begrijpt het tenslotte. (E.S.: ik niet helemaal)

‘Sommige partijen die vader in noten had overgezet waren legendarisch. Algauw herkende ze Lasker, Aljechin, Tal. En natuurlijk Morphy, die door vader enorm was bewonderd. Plots vond ze het heel logisch. Alles greep perfect in elkaar. Toen ze de volgende schriften doornam, stuitte ze nog op andere partijen. Die waren lang niet zo meesterlijk, bijna allemaal begonnen ze met de damegambiet of het Londensysteem, soms nog met de Siciliaanse verdediging, de klassieke Najdorf-variant. Toch zaten daar ook wel een paar mooie vondsten bij. Ada moest lachen toen ze het eindelijk zag – dat waren vaders  partijen! Die hij tegen zijn vriend de dokter had gespeeld (ze rook de flauwe geur van hoestdruppels). Hij had waarschijnlijk de potjes genoteerd die hij geslaagd vond.’

Als ze verder zoekt herkent ze ook omgezet op notenbalken de 8 partijen die ze destijds zelf tegen haar vader zo smadelijk had verloren. Die had hij dus belangrijk genoeg gevonden om ze te bewaren. Dat troost haar een beetje. En nog mooier, ze vindt een onvoltooide fuga die vader op haar naam  had geschreven.

Foto Notenbalk met haar naam

In het slot van het boek heeft Ada een zoon. En weer duikt het schaakspel op:

‘Ze had hem al op zijn vierde leren schaken. Ze was opgetogen over hoe snel hij zijn weg wist in het spel, een natuurtalent. Gisteren had ze hem uitgelegd hoe je je kon verdedigen in sommige ogenschijnlijk uitzichtloze situaties. De stukken stonden er nog net zo als ze die hadden achtergelaten’

Dat is ongeveer het einde van dit hoogsteigenaardige boek, bomvol verwijzingen naar het schaakspel. En bomvol  wetenswaardigheden van andere ‘systemen’.

Eigenlijk zijn het meerdere  boeken in één boek. Ada komt andere mensen tegen waarover we veel informatie krijgen. en beleeft andere muziek. We lezen ook een hoofdstuk over leven en werk een moderne componist: Skrjabins. En een hoofdstuk over AI. Ada probeer een fuga te schrijven met behulp van AI.

Ik moet bekennen dat ik nogal wat bladzijden zonder veel begrip aan me voorbij liet gaan. Vooral veel die over muziek gingen.

Maar het hoofdthema, de tederheid, die voor Ada zo’n belangrijke rol speelt, vind ik erg mooi beschreven. En de taal van de roman is prachtig. En wat er over het schaken aan informatie in staat  is vooral veel! Zo uitvoerig heb ik dat  nog nooit in de literatuur aangetroffen., Ik heb toch geen spijt van mijn aanschaf.

En vond het leuk om voor u vooral het schaakaandeel eruit te halen. Aanbevolen, maar eigenlijk vooral voor schakende musici , met ook nog belangstelling voor taal.

Eindcorrectie moet nog plaatsvinden