Categorie archieven: Interne competitie

Ronde 24 – Bert mept toch nog van zich af.

Vorige week schreef ik dat de kaarten nu wel geschud waren. Dat zal ook wel. Maar toch.

Bert- Ron werd wel een heel venijnig gevecht. Hollands. 1. Pf3 f5 2. e3 Pf6T.g.v. het m.i. niet erg logische 3. Pc3 al van alle databases verdwenen. ( 2.Pc3 of 3.Pc3 hebben meestal de bedoeling om desnoods met een gambiet (Staunton) e4 zo snel mogelijk door te zetten. Maar dat is nu erg onwaarschijnlijk omdat dan 2. e3 puur tempoverlies was. Mij lijkt 3. c4 meer voor de hand liggend. Ron: “Ik speelde voor het eerst in m’n leven Hollands.” (ES: Maar ik zag hem voorheen met door het ‘Hollands’ sterk geïnspireerde varianten tegen het Engels optreden. ) Bert rocheerde lang! Dat komt in het Hollands niet zo vaak voor. Met dus onverholen agressieve bedoelingen. (In bijna alle Hollandse partijen speelt wit g3 en rocheert kort). Ron dacht daarvan te kunnen profiteren door de witte koningsstelling aan te randen door een stukoffer voor te bereiden. Ook agressieve bedoelingen dus. Leuke stelling:

24BertRon1

Voor de toeschouwers: Wie heeft er nu de stelling het beste getaxeerd? Natuurlijk kan wit niet gelijk op a3 slaan wegens 14 …. , Dxc3. Maar wit heeft wat tussenzetten die er niet om liegen. Vanaf nu spelen beide partijen onafgebroken de sterkste zetten, volgens Houdini: 14. d5 !! Nog een pion in de aanbieding! Wie is er hier nu eigenlijk aan het offeren? Knap hoor! 14 …… , Lxd5 (Le7 is ook niet leuk 15. dxe6 dxe6 16. Lc4) 15 De5! met matdreiging Tf7 (wat anders?) En na dit tempowinstje dekt de dame de loper op c3. Dus nu dan maar: eigen schuld dikke bult: 16. bxa3. Maar die dame moet dan wel de loper op c3 kunnen blijven dekken! Kan dat wel? Nu is zwart aan de beurt! 16 ….. d6 17. De1 (de enige) h6 (om Pg5 te voorkomen)

24BertRon2

Na 18. Lb4 (Lb2!?) Dd7 en daarna 19. c4 wordt langzamerhand wel duidelijk dat Ron te weinig heeft voor dat geofferde stuk. ….. Lxf3 (noodzakelijk, want na Lb7 20 Lc2 gaat de d6-pion verloren) 20. gxf3 OK, die pionnenstelling op de rechterflank ziet er uit alsof er sprake is van enig achterstallig onderhoud (ik vermoed dat Gerrit bijv. hier heel erg onrustig van zou worden, maar Bert heeft over het algemeen een positieve kijk op zijn wereld). Er staat wel wat tegenover: een prachtige diagonaal a1-h8 als uitnodiging voor de witte dameloper, en na Lc2 ook een redelijke actieve witte koningsloper, een halfopen d-lijn voor wit, een halfopen e-lijn voor wit, een halfopen g-lijn voor wit, en een kleine materiële voorsprong. Mogelijkheden te over.

Ron: “Ik kon eigenlijk daarna net zo goed opgeven, maar was benieuwd hoe Bert het zou aanpakken. Wat mij verbaasde is dat hij niet simpel torens verdubbelde op de g-lijn nadat hij me gedwongen had tot 19…, Lxf3. Ik hoopte nog op een blunder van zijn kant, maar dat zat er niet in. Tijdnood speelde ook nog een grote rol zoals je gezien hebt”    Zeker!  Want na een wat mindere 32e zet van wit kan zwart nog vechten. Maar er resten nog slechts een handjevol seconden! Zelfs Ron wordt dat te veel. Nou ja, te weinig dus.

24BertRon3

35. Tcc8  (35 …… Tce7 is ook onvoldoende, maar beter) 36. Tg6 (Dd7!?) en Ron hield het voor gezien. Direct overlijden ( 36 . Txh6+ gxh6 37. Dxh6 mat) kan worden voorkomen met De3 maar echt beterschap zit er voor de patiënt niet meer in.

Peter (zwart) viel weer de eer te beurt doelwit te zijn van ons snelschaakkanon Marco. Engels uiteraard. Peter deed dat niet slecht: e5, Pc6, Lc5 en indien ook nog Pf6 gaat alles volgens het boekje. (Nou ja, volgens een van de vele boekjes met medicijnen tegen de Engelse ziekte.) Maar Peter speelde Pg8-e7 wat me wat te sloom lijkt. Neemt niet weg dat zijn stelling bij zet 9 nog heel redelijk is. Doch met een verkeerd plan (Lb4i.p.v. La7 en ruil van de loper tegen Pc3) bereikt hij slechts dat Marco licht in het voordeel komt. (meer invloed in het centrum en een mooi loperpaar) Misschien daarom, maar ook omdat Peter -ooit door schade en schande wijs geworden- meer naar zijn klok dan naar zijn schaakbord kijkt (vertelde hij achteraf timide) , maakt hij een enorme fout bij zet 11. Hij overziet een eenvoudige pionvork en dat kost hem een stuk. Voor hem heel vervelend, voor Marco een feestje. Voor mij ook, want ik kon de stelling leuk gebruiken in mijn boekje met mijn schaaklessen op de Blauwe Morgenster. Onder het diagram vermeldde ik met afkorting : Marco v. Wijk – Peter v. P. , maart 2014.   Afkorting uit mededogen. ( Niet omdat je zo over kriminelen schrijft. )

Na deze elementaire vergissing kwam Peter v. P er niet meer aan te pas. Met klok of zonder klok, dat maakte niet meer uit. Bij zet 23 gaf hij op. Kun je nagaan hoe erg het was. Als zelfs Peter geen lichtpuntjes meer ziet.

Te horen aan de lach van Gerrit was hij wel tevreden met een remise tegen Marko. Te zien aan het gezicht van Marko was hij niet echt tevreden met de remise tegen Gerrit.  Eindeloos analyseren achteraf hoe het nu had gemoeten. “Ik stond toch beter!?” “Haha” lacht Gerrit.

Natuurlijk. Na 1.d4 d5 2.c4 het verderfelijke Pf6, tja, dan kom je met wit vanzelf beter te staan. Ik denk dat G.v.D. ( afkorting nu niet uit mededogen maar als aanduiding van iemand onder ernstige verdenking van immoreel gedrag) die zet speelt om mij ervan te overtuigen dat ik beter kan stoppen met mijn schaakcommentaar op de website. Mijn wijze lessen worden toch direct weer vergeten. Bij zet 15 staat wit veelbelovend. Maar zijn vernuftige schijnoffer levert niet veel op.

24MarkoGerrit1

15. Lxf5? exf5 16. e6 Lh5 17.exd7 Lf7 blijkt erg weinig op te leveren. ( Houdini adviseert 15 a4 Pd5 16. Pxd5 cxd5 17. Tc1 ook met iets beter spel voor wit.) Toch blijft wit steeds een tikje beter staan maar er is wel erg veel techniek nodig om er iets mee aan te vangen. Die heeft Marko (nog) niet voorradig. Hij maakt nergens ernstige fouten en speelt logische zetten. Maar ja tegen gewapend beton valt niet veel uit te richten. Troost voor Marko: Ik heb denk ik wel tien partijen met Gerrit in m’n boekjes staan waarbij ik gedacht heb: “Ik stond toch beter. Waarom kon ik dat nou weer niet winnen!” Het is een ervaring die veel clubgenoten zullen herkennen.

Paul (wit) tegen Martin.   

Siciliaans. Onregelmatig. 1. e4 c5 2. Pf3 Pc6 3. c4 !?          Paul: “Zelf een opening geprobeerd die een schaakvriend al 30 jaar speelt, ken alleen de eerste 3 zetten. Vraagje, wat gebeurt er als zwart bij zet 5 Da5 speelt, ik was daar bang voor, maar een vroege dame zet is misschien ook niet goed. Kan je met dat speeltje van jou dat eens uitzoeken.”

Eerst wat statistiek (uit mijn speeltje PB 2014 (Powerbook) ): 3. d4    49104 partijen score wit: 53.3 %   3. Lb5 18104 partijen score wit: 56.6%    3Pc3 9015 partijen score wit: 56.3 %  3. c3 2435 -partijen score wit: 53.8 %     3. d3 (Gerrit?) 938 partijen score wit: 45.5 %

Tenslotte:    3. c4 (Paul & Co) 162 partijen score wit: 45.5 %   Als wit die zet 3. c4 ongestraft kan spelen is het natuurlijk prima. Het vertraagt de bevrijding met d7-d5. Het meest gespeelde antwoord van zwart is dus 3 ….. e6 met de bedoeling zo snel mogelijk toch d5 door te zetten. Hoofdvariant: 4. Pc3 Pf6

24PaulMartin1   Analysediagram 24 PaulMartin

5. Le2 d5 (door 3.c4 i.p.v. 3. d4 heeft wit geen 5. Lg5 achter de hand om d7-d5 te blijven belemmeren) Vraagje: Maar 6. e5 dan? H. vindt 6 ….. Pg4 de beste. Weer een bezwaar van c4 i.p.v. d4 : Er kan geen loper naar f4 om e5 te dekken.  Zwart staat bevredigend. Hoofdvariant: 6. exd5 exd5 7. cxd5 Pxd5 (0.07 Gelijk dus)

Terug naar de echte partij met Martin: 1. e4 c5 2. Pf3 Pc6 3. c4 !? d6 !? Moet ook kunnen! Bedoeling zal wel zijn e5 te voorkomen. Wat niet echt nodig is. Wordt dus bijna nooit gespeeld, maar mijn speeltje H. is er niet ontevreden over. 4. Pc3 Pf6 5. d4

24PaulMartin2

Vraagje van Paul : “5 ….. Da5 Is dat wat?” Noch mijn speeltjes, noch ik zien hier een probleem voor wit.  Daarop volgt 6. d5 Pe5 7. Pxe5 dxe5  (6…… Pb4 a3 gevolgd door bijv. Lg5 en het paard moet terug naar a6 omdat de toren op a1 nu gedekt staat. ) Ld3 of Dc2 om e4 te dekken en wit staat beter.

Martin speelt terecht 5 …. , cxd4 6. Pxd4 PB geeft nog ong. 2800 partijen met deze stelling! Het meest gespeelde (en beste) antwoord is nu 6 ….. g6 met een sterk op de Siciliaanse Draak gelijkende stelling. Martin speelt hier echter 6 …. Lg4 (En is daarmee uit de boeken. Bij Houdini staat die zet pas op plaats 8.) Volgens H. is de sterkste nu toch 7. f3 maar Paul’s 7. Le2 is ook niet slecht. Wit staat een fractie beter. Dat wordt meer als Martin besluit bij zet 8 om e5 te spelen. Dat mag dan leuk zijn in bij een Najdorf-variant (Ron) of een Svesnikov (Martin) maar het vervelende is dat er nu een pion op c4 staat. Nog een extra dekking van dat gat op d5 dat natuurlijk een belangrijke rol gaat spelen. Na enkele zetten volgt 12. Pd5

24PaulMartin3

Martin probeert een tempootje in te lassen, maar dat pakt niet goed uit.  12 …. Pa5? Wat doet dat paard hier na dekking van c4? (12 ….. Pxd5!?) 13. b3 Pxd5 14. cxd5 b6 om in ieder geval dat paard nog ergens heen terug te kunnen halen 15. Ld2 Pb7 16. b4 en wit staat beter (meer ruimte). Als zwart daarna dan ook nog verzuimt om direct met Tc7 en Tfc8 de c-lijn te bezetten, doet wit dat voor hem, en bij zet 20. Da6 (Txc7!? Dxc7 21. Tc1 Dd7 22. Da6) is de situatie hopeloos voor zwart. Geen wonder dat “bij gebrek aan goede zetten de slechte vanzelf komen.” Moeiteloos dringen de witte stukken binnen.

24PaulMartin4

24. ……  Pd8?? 25. Pxe7 schaak! Dxe7 26. Txd6 Db7?

24PaulMartin5

27. Txd8 (leuk) Als zwart de toren terugneemt, verliest hij zijn dame. De dame kan nog weg, maar naar e7 en na torenruil blijft zwart een stuk achter en de vrijpion stormt voorwaarts. Zwart geeft op.

Joop (wit) deed het lang redelijk goed tegen Frank.     “Ik had wel eens zoiets gezien, en dacht dat kan ik ook wel eens proberen.”

24JoopFrank1

Na 15. La5 De8 (….. Dc8? 16 Pxde7 met damewinst!) 16. bxa4 kan wit nog lang voort gekund. Maar hier gaf wit gewoon een pion weg met 15. Pc3    Maar OK, kan gebeuren. Erger wordt de situatie bij zet 21. wanneer een enorme misser gelijk een eind maakt aan de onbegrensde aspiraties van onze veelbelovende senior.

24JoopFrank2

21. Tb2?? ( brrr,  die staat in het schootsveld van de loper op g7) Pxf3+ en dat kost een toren op b2! Einde verhaal. Joop rommelde nog een aantal zetten verder, maar ja, tegen een Frank !? Hopeloze zaak dus.

Er viel dus weer genoeg te beleven vanavond. “Aris de Heer een kleine maar gezellige vereniging.

 

RONDE 18 – Titanenstrijd

Ging Bert nu de eerste plaats bedreigen? Maar ja, met zwart. Maar ja tegen de London?

Hoewel ….  Natuurlijk kiest Bert ook hier zijn “Konings-Indische” opzet. Echter met een wel zeer snel 5 …. c5

18RonBert1

                        18RonBert1

Wil Bert hiermee Ron uit zijn routines halen? Dat lukt niet. Op 6. dxc5? volgt ….. ,  Pe4! (de pion op b2 staat ongedekt.) Ron gaat onverstoorbaar op de hem bekende weg voort  6. c3  cxd4 7. exd4 en nu speelt Bert 7 …. Db6. In mijn nieuwe database (Powerbook 2014) vond ik één partij daarmee, Malakhatko (ELO 2546) – Massoni  (ELO 2338) 1- 0 en 7 partijen met 7 … , 0-0. Houdini kiest ook 7…. , 0-0. Maar het gaat allemaal om zeer kleine verschillen. Malakhatko koos hierna voor 8. Db3. Ron gaat gewoon verder volgens de sjablones en speelt logisch 8. Pbd2.  Er is nog niets aan de hand.

18RonBert018RonBert0

(Ron: “De pion op b2 was overigens zwaar giftig en nemen kost de dame!”

ES: 8 …. , Dxb2  9. Pc4 , Dxc3  (Db5 10. Pxd6) 10. Ld2)

8. Pbd2 0-0 9. Pc4

18RonBert218RonBert2

Maar dan.   10. …..  b5  11. Pe3  Da5

Ron: “Bert vond 11…, Da5 niet goed en daar Db6 beter, maar ook dat verliest na 12. Db3 een pion. De zet 10…, b5 is gewoon niet goed. Ik vond rochade toen veiliger (terecht) en sta hier volgens mij al erg goed. Bert staat dus direct in de openingsfase al niet goed”

Bert geeft in het vervolg de pion op b5 en weet het dan toch weer ingewikkeld te maken. Dat is toch zijn talent.

18RonBert318RonBert3

“Hij kiest bijvoorbeeld niet voor het snel en gemakkelijk verliezende 17…, a6, want na 18. Lxa6, Txb2 19.Tfb1 is mijn a-pion snel aan de overkant.

Op zijn 17…, Ph5 (1.05 voor wit!) reageer ik volgens mij goed. Zelfs het opgeven van het loperpaar is dan niet meer erg omdat de stukken van Bert niet goed staan”

ES : Wat niet wegneemt dat volgens Houdini na zet 23 …. , Pf4 zwart absoluut niet minder meer staat.

18RonBert418RonBert4

24. Lf1 d5 

“Bert gaf overigens zelf direct het goede plan aan. I.p.v. 25. a5 kan ik daar veel beter 25. Pg4 spelen. Het paard komt via e5 dan snel in het spel. (Houdini: 25 …. Tfc8 26. Ta3 Le7  =   I.p.v. 25 Pg4 geeft Houdini  25. Teb1 )  Ik dacht echter dat het geen kwaad kon mijn pionnen eerst op de goede kleur te zetten, namelijk niet die van de loper. Mijn paard komt dan echter moeilijker weer in het spel. Bert gaf direct ook aan dat ik het paard naar c5 moest spelen. Als ik dit paard tegen de loper kan ruilen sta ik wél simpel gewonnen. Ik zag echter niet tijdens de partij hoe ik dat snel en veilig voor elkaar kon krijgen. Dat kan echter door mijn torens op a1 en a3 te zetten en dan kan het paard via d1, b2, a4 naar c5!”

………………………………..

Dus door 25. Pg4 na te laten heb ik het mijzelf niet gemakkelijk gemaakt. Ik verkeerde echter ook in de verkeerde veronderstelling dat als ik de paarden zou ruilen ik waarschijnlijk ook nog wel het eindspel kon winnen. Maar met ongelijke lopers is dat erg lastig en ik zag het niet. Misschien vindt Houdini nog wat? Zoeken naar winstwegen kostte mij veel tijd. Sportief is dan wel dat Bert met 25 minuten meer direct remise accepteert toen ik dat aanbood met nog 5 minuten op mijn klok.”
……………………………….

“Je zou toch zeggen dat als ik steeds London speel, men eens gaat nakijken wat ze daartegen het beste kunnen spelen? 2. Pf3 was overigens om te proberen d5 uit te lokken. Ik vind verder 5…., c5 overigens ook geen goede opzet voor zwart omdat wit toch al op de damevleugel wil spelen en dit geeft dan aanknopingspunten.”

Het was een spannende partij. Bert verloor een pion, stond in de buurt van zet 18 duidelijk minder. Daarna haperde de witte machine een beetje  (19 b4  –  20 Lxf6 –  21.  Pd5 ) en kreeg zwart ook mogelijkheden.  Houdini ziet geen voordeel voor wit meer na zet 22. Tot zet 31. Daarna lijkt wit weer wat vat op het spel te krijgen. Bij zet 41 geeft Houdini 0,73 voor wit. Maar ja. Inderdaad: Ongelijke lopers, en gebrek aan tijd bij wit. Nog 5 minuten bij de sudden death. En zwart nog 25 minuten! Inderdaad: heel sportief. Bert had door kunnen spelen in deze stelling. Het tekent de goede sfeer in ons “kleine doch gezellige” clubje!

(ES:  waar u …………… ziet staan, heb ik Ron’s uitvoerig commentaar noodgedwongen wat moeten inkorten.)

 

Marco mocht proberen zich de man in topvorm van het lijf te houden (Gerrit). Zijn opening met zwart was daar niet geschikt voor. Na 1. d4 d5 speelde Gerrit het verrassende 2. Pc3. Niet gebruikelijk maar niet slecht,  omdat daarmee overgangen naar vele openingen mogelijk worden, en zwart wellicht daar even over moet gaan nadenken. Marco kiest voor 2 …. , b6 en dat is geen gelukkige keuze.  Als er al een pion op d5 staat heeft de loper op b7 niet veel te zoeken. Nu al hebben beiden dus de theorie al achter zich gelaten. In mijn database komt niet één partij voor met deze opstelling.

GerritMarco118GerritMarco1

Als zwart dan ook nog g7-g6 gaat spelen en Lg7 raakt hij aardig achter in ontwikkeling. Twee lopers fianchetteren is wellicht te tijdrovend.
Houdini geeft bij zet 5 al 0.70 voor wit. Maar rond zet 16 verslikt wit zich even.

GerritMarco218GerritMarc02

16. Pfxd4? (exd4!) Nu  krijgt zwart even wat tempi om zijn achterstallig onderhoud wat in te halen. 16. …. , e5 ! Mooi gevonden! Helaas volgt na 17. Pf3 een misser:

GerritMarco318GerritMarco3

Na 17  … , d4! exd4  18. exd4 staan er ineens twee mooie zwarte lopers hun partijtje mee te blazen.
Marco speelt echter 17 …..  Pc7? zich onvoldoende realiserend dat de dame het paard  niet echt goed kan dekken.

18. Pxc7? Dxc7  19. cxd5 en de toren valt de dame aan. Totaal onnodig pionverlies dus.

Gerrit: “Marco maakte een foutje op zijn 17e zet Pc7, waardoor hij pion d5 verloor.

Toch had hij deze pion nog kunnen terugwinnen op de 20e zet (Dxd5).

Maar met  20. ….. – Ta8-d8? gevolgd door mijn 21e zet Lb5 was kwaliteitsverlies onontkoombaar.”

GerritMarco418GerritMarco4

Door twee ernstige fouten achter elkaar is Marco plotseling kansloos. Vastgesteld moet worden dat Marco toch te snel speelt, te weinig kijkt naar de mogelijkheden van de tegenstander, en er pas echt voor gaat zitten als hij slecht staat. Maar tegen Gerrit in vorm (Hij staat nu 4e!) haalt dat deze avond niets uit. Die ruilt de dames, maakt geen enkele fout, snoept nog een pionnetje extra mee, en als hij dan ook zijn twee torens op de 7e rij kan posteren is zwart machteloos. Volgende keer beter.

Onze jeugd lijkt nu al aan de krokusvakantie toe. Laat Marco al niet veel zien vanavond, Marko maakt er helemaal een potje van. Bij zet 10 staat hij prima. Maar dan onderschat hij duidelijk zijn tegenstander. Daarna speelt dus ook hij te snel, kijkt niet naar de mogelijkheden van zijn tegenstander (sorry, ik word saai) en toen hij slecht stond ging hij er niet voor zitten, maar raffelde zijn zetten af op weg naar alweer een nieuwe blunder. Vreselijk!

Opgemerkt moet worden dat Peter prima zijn koningsvleugel in beweging zette, heel goed wist wat twee paarden samen kunnen uitrichten en daarna met verve een paard offerde. Het was niet echt moeilijk, maar je moet het wel even zien. En hij zag het!

MarkoPeter118MarkoPeter1

18. Lc2? wit staat natuurlijk al slecht (stuk achter, voor twee pionnen)  maar met 18 Lxe5 was er nog wel wat te schaken geweest. Pgf3 schaak !!! Wit geeft op. Hij verliest een dame. (gxf3 Pxf3)

Paul zag kans om te doen waar Martin (wit) heel vaak heel goed in is: een prachtige stelling drastisch vergokken.

Bij zet 21 lijkt het een kwestie van techniek (en die heeft Paul wel in huis, het is zijn beroep) . Twee gezonde pionnen voor. Nu alleen even goed opletten. Dat lukt niet. Martin vecht voor zijn leven.

MartinPaul018MartinPaul0

Na 21. …. , Lc8  of 21. …… , Lh3 zijn Pauls lopers oppermachtig en de pionnenmeerderheid op de damevleugel zal zich niet lang in bedwang laten houden.

21 …. , Le6 is een stuk minder, maar ook dan staat zwart na 22. Pxe6 fxe6  23. Lg4 nog best goed. Na 23 ….. Lc3!  24. Lxe6+ heeft zwart weliswaar één pionnetje weer moeten inleveren maar een prachtige stelling, vooral omdat de witte torens ineens niet goed meer staan.

MartinPaul118MartinPaul1

Zwart speelt echter 23 …. e5? en blijkt dan na 24. Txc7 ineens de actieve witte stukken niet in toom te kunnen houden. In no time staat niet zwart een pion voor, maar wit! En er dreigt nog een pion verloren te gaan. Einde. Paul: Ik stond zo goed! Daarbij een machtige grijns, om zijn teleurstelling en verbijstering te verbergen. Dat deed hij weer heel goed vanavond! Maar zijn schaakpartijtje was wat minder.

Keizer, 3 maart 25

Nieuwe ronde Keizer . Alleen de bovenste helft van de ranglijst is aanwezig. Die anderen zitten aan hun huiswerk. Of hebben andere belangrijke afspraken.

Er is wel wat te zien. Er is weer een nieuwe tentoonstelling. Nu van Carine van de Noort. Passend in de nieuwe trend van neorealisme in de schilderkunst. Wel fraai vind ik. Daar zit een wulps wezen naar Ron te loeren.

691A9000CXWEB.jpg

691A9000CXWEB

Maar Ron ziet niks. Die heeft geen tijd. Die moet Danny zien te verslaan. En dat vraagt best veel concentratie.

Ron speelde een Svesnikov. Is dat nog niet in Danny’s zoektocht naar openingenkennis langs gekomen? Of speelt hij bewust iets ongebruikelijks? : 1 e4, c5  2 Pf3, Pc6 3 d4, cxd4  4 Pxd4, Pf6  5 Pc3 e5!?

Danny - Ron (5...e5).jpg 

6. Pxc6  ? (Pb5!)

Je kunt het spelen natuurlijk, maar hierna heeft zwart echt geen problemen meer met zijn zet achterstand. Na Pxc6 bxc6 kan zwart zich gaan opmaken voor een d5. Maar OK, wit kan die vuistdikke boeken over de Svesnikov dus nog even lekker ongeopend laten. Dat wel. Ron staat gelijk comfortabel genoeg en speelt rustig verder. Af en toe zit hij wel nee te schudden, maar dat zegt niet zo veel bij Ron.

Leuk wordt het voor mij als Danny te veel hooi op zijn vork neemt 

  Danny – Ron (20…Lxh4)

21. Td7 ??

Leek hem waarschijnlijk een  niks bedervende tussenzet, maar dat is het niet. Het verliest nateriaal. Zowel Lc8 als Dc8 zijn goed. Na lang nadenken speelt Ron Lc8.

Na Dxh4 Dxd7 Dxh5  staat zwart een kwaliteit voor in een overzichtelijke stelling. Die gaat winnen, verwacht ik, als ik om 23.00 het pand verlaat om mij op te stellen voor busvervoer.

Ik denk dat vrijwel niemand van de aanwezige schakers lette op wat er nu onder de linden weer voor moois op de wand hangt. Gerrit had een fraaie raadsvrouwe, voor hem alleen, achter zich. Die ziet een stelling zonder naar het bord te kijken. Dat doen grote schakers wel vaker. Marrtin doet het ook wel eens. Maar Gerrit wist dat niet, anders had hij haar wel raad gevraagd. Deed hij niet, dus verloor hij van Martin.

691A8997XWEB

Rond de 17e zet creëert Martin  iets wat op GrieksRomeins worstelen op een schaakbord lijkt. Ik vind het geweldig wat hij daar op het bord zet. En ik realiseer me met spijt dat ik het zelf allemaal even niet meer kon uitrekenen. Tja, toch een dagje ouder.

en wit blijft een stuk voor tegen 2 zwakke pionnen

Frank tegen Thomas :

Een opening met 1 e4 en 2 Lc4 3 Pc3 . Daar weet ik niets van, speelde zelf nooit 1 e4 en beantwoordde nooit met zwart e4 met e5. Dus wat de heren op het bord zetten zegt me niets. Wel zag ik ineens een zet van Frank die op een blunder leek. Dat was zo, demonstreerde Thomas

 Frank – Thomas (14.Pce2)

14 ….. Pc5!! Dat gaat wit een stuk kosten. Wel tegen 2 pionnen. Maar daar heeft Thomas geen moeite mee.

Resteert Hugo tegen Marc. Beiden met hun favoriete opstellingen. Hugo doet het lang goed. Maar houdt zijn defensieve aanpak iets te lang vol en dat geeft Marc de gelegenheid om de logische Hollandse aanval in te zetten met g5.

Als ik vertrek is het voor mij nog niet helemaal duidelijk maar ik denk wel dat Marc gaat winnen.

Nu de coryfeeën zelf:

Ron:

Wat is schaken toch leuk en gecompliceerd. Ik kan iedereen adviseren om verschillende openingen en varianten te proberen. Dat leert je om bepaalde stellingskenmerken te doorgronden en begrijpen. Ook wat je in bepaalde stellingen moet vermijden. Zo wordt de Wolga/Benko op topniveau bijna niet meer gespeeld, vanwege de vervelende (snelle) Lg5 variant, voordat zwart g6 heeft kunnen spelen. Maar vanuit een KI opzet zijn wel diverse overgangen naar een Wolga opzet mogelijk!

Ik zag Frank nu tegen Thomas bijvoorbeeld nalaten om op zijn c6 direct het principiële en  thematische d4 te spelen, zodat hij gelijk minder kwam te staan en vervolgens al snel in de problemen kwam. Niet nodig.

Martin blijft goed oefenen met zijn c4 variant en opzet en overspeelde Gerrit. Zijn e5 was fraai winnend, al begreep ik nog wel van hem later dat hij het ergens nog onseccuur had gedaan, maar we blijven mensen (zie verderop wat ik in mijn partij laat liggen).

Hugo tegen Marc was een genot om te zien. Marc speelde heel thematisch en geduldig tegen de solide opzet van Hugo (KI in de voorhand). Toen Hugo verzuimde om zelf voldoende tegenspel te creëren, kreeg Marc geleidelijk de overhand. Zeer fraai gespeeld, hij zal hier zelf wel iets over zeggen.

Dan mijn partij. Leerzaam en beslist niet zonder diverse fouten. Ik wilde weer eens Svesnikov proberen, wat ik heel vroeger wel eens heb geprobeerd. Maar zijn 6. Pxc6 heb ik nog nooit tegen me gehad.

Danny – Ron (5…e5)

6.Pxc6 bxc6

Na zijn 7. Lg5 schijnt 7…, Le7 of Tb8 (!) theorie te zijn, maar mijn 7…, h6 is dus ook goed.

 Danny – Ron (8.Lh4)

9. Lc4, 0-0

Na 8. Lh4 had ik al kunnen profiteren met 8…., Tb8 die nu veel sterker is geworden dan de zet ervoor. Daarom is de Siciliaan ook zo leuk, altijd complex spel met diverse kansen.
Na zijn 9. Lc4 heb ik al zitten rekenen of schijnoffer met 9…, Pxe4 kon. Het kan wel, maar levert zwart niets op, wit komt iets beter te staan. Maar na nu 9…, Db6 dreigt dat wel, wit is verplicht dan om alsnog op f6 te nemen.
I.p.v. het logisch eruit ziende

  Danny – Ron (11…Dc7)

11…., Dc7 kan ik beter 11…., Ph5 spelen. Na mijn 13…., Lb7

  Danny – Ron (13…Lb7)

had hij met zijn dame uit de penning op de d-lijn moeten gaan. Op 14. Lg3 (?)  kon ik nu heel sterk 14…, d5 spelen! Ik had gemist dat deze pion vervolgens kan doorstomen naar d4! Ik word ook een dagje ouder, want ik heb hier echt heel lang naar gekeken. Nu kwam ik minder te staan, Danny grijpt met 15. f4 zijn kans, waarop ik alsnog het beste 15…., d5 kan spelen! Met 17. Tf5 had hij nu kunnen winnen.

  Danny – Ron (15.f4)

Zijn 17. Lh4 was niet verkeerd, maar wel zijn 18. Dg3 (?).

  Danny – Ron (18.Dg3)

Met 18…, g5 kan ik nu stuk winnen, maar dorst dat niet aan. Na slaan op g5 zag ik namelijk Td3 komen en zag niet hoe ik dan mat kon voorkomen (maar met Ph7 en Lg5 kan zwart zich verdedigen, je moet dat maar zien).
Na mijn 19…, Ph5 was het gelijk. Tenzij hij in een val trapt, op 21. Td7? wint 21…., Lc8 (overigens ook 21…, Dc8).

  Danny – Ron (20…Lxh4)

21. Td7 ??

Daarna was het een kwestie van techniek.

Danny:

Deze partij mocht ik tegen Ron, waar ik nog niet eerder tegen had gespeeld. Maar de stand van de interne competitie vertelde mij genoeg. Dit wordt een zware avond.

1. e4 c5 2. Nf3 Nc6 3. Nc3 Nf6 4. d4 cxd4

Siciliaans kom ik steeds vaker tegen online, maar deze traditionele variant met 4 paarden had ik nog niet eerder gezien. Ik was dus al vrij snel onbekend met de stelling.

5. Nxd4 e5

Danny – Ron (5…e5)

Na e5 is er eigenlijk maar één zet om de voorsprong te houden, het paard naar b5. Ik koos ervoor om het paard op c6 te pakken, de op één na beste optie en in principe nog steeds theorie.

6. Nxc6 bxc6 7. Bg5 h6 8.Bh4 Be7 9. Bc4 O-O 10. O-O d6 11. Qd3 Qc7 12. Rad1 Rd8 13. Kh1

  Danny – Ron (13.Kh1)

Ik behield de druk op d5 en het paard op f6. Mijn plan was om f4 te gaan spelen op het juiste moment, met kh1 voorkom ik allerlei schaakjes die mijn pion op b2 zwak maken en pogingen van wit om mij onder druk te zetten voorkomen.

Bb7 14. Bg3 a5 15. f4

 Danny – Ron (15.f4)

Dankzij het boek van Jeremy Silman ‘How to reassess your chess’ leer ik steeds beter zwaktes te creëren of van zwaktes te profiteren. f4 is hier ook de beste zet waar ik erg blij mee was, in de partij had ik het idee dan ik na 15…Rf8 beter stond. De computer is het daar mee eens maar dan moet je bij voorkeur deze zetten wel opvolgen met extra druk op e5 na 16. fxe5 dxe5, door toren f5 te spelen.

Rf8 16. fxe5 dxe5 17. Bh4 Rad8 18. Qg3 Rxd1 19. Rxd1

  Danny – Ron (19.Txd1)

Hier had Ron mijn loper kunnen winnen, eerder zag ik dit wel toen ik ervoor koos om mijn paard niet te manoeuvreren naar g3. Slordig, maar ik kom er mee weg na Nh5 20. Qg4 Bxh4. Op dit moment zie ik een trucje, en begin ik met het doorrekenen hiervan. We zijn inmiddels al zo’n 2,5 uur bezig en dan word ik nog wel eens wat ongeduldig zoals eerder ook tegen Frank. Zonde, want als ik hier gewoon het paard of de loper pak staan we gelijk. Ik ga op avontuur met 21. Rd7 met als doel materiaal te winnen met de druk op f7.

  Danny – Ron (21.Td7)

Maar dit werkt helemaal niet. Ik ging ook volledig voorbij aan het feit dat na 21.Rd7 Ron gewoon Bc8 of Qc8 kan spelen. Dit doet hij dan ook.

21.Rd7 Bc8 22. Qxh4 Qxd7 23. Qxh5 Qd6 24. h3 Be6 25. Bd3 Rb8 26. b3 f6 27. a4 Qb4 28. Ne2 Qe1+ 29. Kh2 Qf2 30. Ng1 Kh7 31. Nf3 g6 32. Qh4 Qxh4 33. Nxh4 Rd8

Niet ontevreden over de partij. Ron is een hele sterke speler, en ik heb nog veel te leren. Misschien dat de resterende 383 pagina’s van het boek mij ertoe in staat brengen het Ron nog moeilijker te maken de volgende keer. Ik moet het nu doen met wat momenten waarop ik in ieder geval het gevoel kreeg dat hij flink moest nadenken.

Martin:

Wel mooi gespeeld, maar zeker niet foutloos. Ik zag bij zet 21 niet meer het winnende gevolg, en de computer zegt ook dat die er niet is!

 Martin – Gerrit (21.Df4)

Ik schreef meteen een uitroepteken achter 21….Pg4!

En zag de afwikkeling naar een vrij gelijke die waarschijnlijk in een toreneindspel remise zou verzanden. Zonde van mijn mooie stelling.

Die pionnen in het centrum opspelen is het juiste idee, maar nog niet helemaal goed uitgevoerd.

Dus met wat geluk toch gewonnen. 

Thomas:

Ik speelde een keer geen Siciliaans tegen Frank en werd getrakteerd op het Klassieke Loperspel, een opening die zeer
populair was in de 19e eeuw, maar tegenwoordig vaak overgaat in het Italiaans.
We waren al vrij snel uit de theorie. Frank speelde al vroeg 4. a3 , bekend was nog de zet 4. d4, al zijn er diverse andere voortzettingen geprobeerd.
Ik was blij het centrum in handen te krijgen met d7-d5 , alleen de verdere afwerking was niet zo nauwkeurig.

 Frank – Thomas (6.Lb5+)

Na 6. Pc6 ipv 6.. Pbd7 had ik bijna -1 voordeel gehad volgens de engine, nu was het alweer bijna gelijk
Het pionoffer na 8. .. Le7 nam Frank niet aan, maar achteraf (!) blijkt het best mogelijk te zijn geweest.

  Frank – Thomas (8…Le7)

Na 9. Pxd5, Pxd5 10. Dxd5, 0-0 heeft zwart een lichte ontwikkelingsvoorsprong, maar wit staat nog een tikkeltje beter.
Maar achter het bord, op het moment zelf zijn dergelijke beslissingen vaak lastiger te nemen. In zijn plaats zou ik me ook wel drie keer bedacht hebben. Veel aan de hand was er nog niet  14. Pce2? was pas de echte fout.

  Frank – Thomas (14.Pce2)

Na 14. Pxe6, Lxe6 15. Pce2, Tc8 staat zwart iets beter, maar veel stelt het niet voor. Na het stukverlies tegen twee pionnen (14. .. , Pc5!) probeerde Frank er nog wat complicaties in te gooien (daar is hij, als hij de kans krijgt, erg goed in!) en ik was in deze fase erg blij nog een damevleugelpion over te hebben. Met een “kale” damevleugel zou het technisch een stuk lastiger zijn geweest. Nu gaf na nog enkele afruilen Frank zich gewonnen.

 Marc:

Hugo-Marc

1.Pg1-f3 f7-f5 2.c2-c4 Pg8-f6 3.g2-g3 g7-g6 4.Lf1-g2 Lf8-g7 5.0-0 0-0 6.Pb1-c3 d7-d6 7.d2-d3 a7-a5 8.b2-b3  

Stelling na 8.b2-b3 

Als plan voor wit weet ik alleen b2-b4-b5 (meestal voorbereid met 8.Tb1 en 9.a3) en dan op een gegeven moment Pf3-d2 met druk over de h1/a8-diagonaal. Het idee voor zwart is om het witte plan te vertragen, en ondertussen tegenspel te zoeken met het f5/e5-pionnenduo.  

De zet 8.b3 had ik nog niet eerder gezien. Het lijkt erop dat wit een wat afwachtende houding aanneemt (de loper kan immers ook naar b2 na Tb1, a3, b2-b4-b5). Het nadeel van b3 is dat het tijdelijk de zwarte velden in het witte kamp verzwakt, maar ik kon geen manier vinden om daarvan te profiteren (bijvoorbeeld 8..Pe4 9.de4: Lc3: 10.Tb1 fe4: 11.Dd5 e6 12.De4: of nog beter 10.Lh6 met voordeel voor wit).  

8…e7-e5 9.Lc1-b2 c7-c6 10.e2-e3  

Stelling na 10.e2-e3 

In het Hollands hoop je natuurlijk op varianten als 10.e4 f4 11.gf4: Ph5 12.fe5: Lg4, gevolgd door Ph5-f4xg2, of ideeën met Lf3: en Dg5, enz. Niet gedwongen allemaal, maar wel thematisch in deze opening.  

Na 10.e3 hoopte ik dat wit d3-d4 van plan was, want dan komt e5-e4 gevolgd door d6-d5. Ik speel dat graag, het creëert een soort muur door het midden van het bord (langs de diagonalen g1/a7, h1/h8). Bijvoorbeeld 10.e3 Pa6 11.d4 e4 12.Pe1 d5 en mogelijk 13.c5 g5, waarbij de punt van de zwarte pionnenstructuur in de richting van de witte koningsstelling is gericht (hetgeen er op wijst dat er daar wellicht mogelijkheden zijn, al is het allemaal nog niet zo gemakkelijk uiteraard). 

10…Pb8-a6 11.a2-a3 h7-h6 12.Pf3-d2  

Stelling na 12.Pf3-d2 

Wit wil waarschijnlijk f4 spelen, al vergt dat wat voorbereiding met Dc2 (maakt plaats voor Ta1) en Tae1 (dekt het veld e3) omdat op f4 direct zwart Pg4 kan antwoorden. Ik besloot daarom om maar zo snel mogelijk zelf f5-f4 te spelen.   

12…g6-g5 (voorkomt ook e3-e4 aangezien ik dan gemakkelijker f4 kan antwoorden) 13.Dd1-c2 f5-f4 14.Ta1-e1 Lc8-f5 15.Pc3-d1 

Stelling na 15.Pc3-d1 

Tijdens de partij had ik hier nog niet door wat de bedoeling was van Pd1, maar Hugo wil eerst de d3-pion ontpennen met e3-e4 en dan d3-d4 opspelen. Had ik over het hoofd gezien, maar pakte gelukkig voor mij toch redelijk uit. 

De computer geeft als aanbeveling 15.gf4: en claimt dan dat wit beter staat, maar dat moet je wel durven na bijvoorbeeld 15..gf4: 16.ef4: Ph5 17.fe5: Pf4 18.Pce4 d5 of 18.Te3 de5: 19.Pce4 Pa6-c7-e6. 

15…Ta8-c8 16.e3-e4 Lf5-e6 17.d3-d4 Pf6-h5 18.Pd2-f3 

Stelling na 18.Pd2-f3 

18.d5 was beter geweest, al staat ook dan zwart iets beter, maar 18.Pf3 is goed gevonden. Het idee is dat na 18..g4 19.de5: gf3: 20.Lf3: het paard op h5 in de problemen komt. 

18…g5-g4 19.d4xe5 g4xf3 20.Lg2xf3  

Stelling na 20.Lg2xf3 

Ik speelde hier 20..Pg3:. De computer geeft 20..Dg5 als beter, maar ik vind het er wat riskant uitzien, aangezien na 21.ed6: Tcd8 22.e5 het paard op h5 (en de dame op g5 trouwens ook) nog steeds geen velden heeft (22..fg3: 23.fg3: Pf4 24.Lc1) terwijl wit alvast drie pionnen voor zijn stuk heeft. 

20…Ph5xg3 21.f2xg3 f4xg3 22.h2xg3 d6xe5  

Stelling na 22…d6xe5 

Hugo speelde hier Lc1, waarschijnlijk om Db6 met Le3 op te vangen, maar het speelt “achteruit” en geeft zwart wat initiatief. Beter was 23.Pe3 waarbij de stelling gelijk of ietsje beter is voor wit.  

23.Lb2-c1 Pa6-c5 24.Lf3-e2  

Stelling na 24.Lf3-e2 

De zet Le2 is wel logisch, want met Pc5 dreigde zwart veld d3 onder controle te krijgen, maar het is opnieuw “naar achteren”. Beter was 24.Le3 met een gelijke stelling. De tijd begon hier trouwens ook een rol te spelen.  

24…Dd8-b6 25.Lc1-e3 Db6xb3  

Stelling na 25…Db6xb3 

Wit raakt hier denk ik in paniek-modus. Heel herkenbaar: vermoeidheid, tijdsdruk, stelling tegen, dan zie je het even niet meer en er is ook niet genoeg tijd om even een pauze te nemen om te herstellen. Wit speelde 26.Dc1 en verliest een tweede pion en daarmee is de partij eigenlijk wel over. Beter was 26.Dc3 Dc3: 27.Pc3: waarna zwart weliswaar beter staat, maar wit nog niet verloren (en veel tijd had ik zelf ook niet meer). 

26.Dc2-c1 Pc5xe4 27.Kg1-g2 b7-b5 28.c4-c5 Le6-d5 29.Kg2-h3 Tf8xf1 30.Te1xf1 Tc8-f8 31.Tf1xf8 Lg7xf8 32.Dc1-b2 (wit heeft genoeg van de penning, als Le3 speelt volgt Dg3X) Db3xb2 33.Pd1xb2 Lf8xc5 (na het verlies van een derde pion vind Hugo het wel mooi geweest, maar het was een leuke en spannende partij) 0-1.