We besloten Euwe 5 met de vraag of Euwe wel over het teleurstellende verloop van partij 19 heen zou komen. Niet omdat de partij in remise was geëindigd, maar de manier waarop.
Partij 20 werkte niet erg mee aan herstel van het zelfvertrouwen. Aljechin staat Euwe het Nimzo-Indisch toe. Eerder had hij Catalaans gespeeld om dat te voorkomen, maar hij denkt een verbetering te hebben gevonden.
Alekhine Alexander – Euwe Max (9.Pf3)
Maar Euwe heeft er geen moeite mee. Volgens Münninghoff is Aljechin op de 20e zet volkomen overspeeld.
Maar mijn stokvisje ziet dat niet na 20. .. La6 wat Euwe speelt. Alleen na 20… e4! 21.Lxe4 Txd2. 22. Dxd2 Dxe4. Maar goed, Euwe ziet zijn voordeel dus niet en de partij wordt toch weer remise.
Nu heeft Euwe nog 10 partijen over om de achterstand in te lopen. Een hart onder de riem is dat hij eigenlijk alle laatste partijen wel steeds sterker opgezet heeft dan Aljechin, maar het dan toch fout ging. Dus misschien komt nu het keerpunt.
Dat kwam. Maar niet in goede zin. Hierna gaat het helemaal fout voor Euwe.
In partij 21 laat Aljechin zien dat hij meer pijlen op zijn boog heeft dan Slavisch en NimzoIndisch. Hij speelt DameIndisch en verrast vriend en vijand met zijn 6e zet.
Euwe Max – Alekhine Alexander (6.Ld2)
6. Ld2 Lb4-e7?! Dat lijkt tempoverlies , maar blijkt best te kunnen. Euwe weet niet een goed vervolg te vinden en bereikt te weinig. Als hij dan de boel wil gaan forceren en zijn koningsvleugelpionnen te onvoorzichtig opspeelt.
0–1
3 punten achterstand.
Partij 22 brengt echt de beslissing. Euwe begrijpt dat hij nu echt op winst moet spelen met alle risico’s vandien. Er zit niet anders op. Hij probeert een ingewikkelde tactische stelling op het bord te krijgen, maar daar wil Aljechin niet aan meedoen. Verder dan remise zal het hem niet brengen. Wellicht daardoor teleurgesteld verknoeit hij de remisekansen en verliest weer.
4 punten achterstand. Dat kan Euwe niet meer aan. Hij gooit de handdoek in de ring. Hij speelt de match alleen nog maar uit omdat vindt dat hij dat uit sportiviteit jegens Aljechin verplicht is.
De 23e partij blijft het nog remise, maar ook de 24e en 25e verliest hij. Na de 17e partij heeft hij niet één partij meer gewonnen. Eindstand 9,5 -15,5
Euwe feliciteert de nieuwe wereldkampioen. En maakt er zelf geen drama van. Hij houdt het erop dat pers en fans ertoe hebben bijgedragen dat hij Aljechin heeft onderschat, en dat hij ook niet de goede aanpak heeft gekozen.
Hij gaat terug naar zijn werk als docent op de MeisjesHBS, maar blijft ook schaken op niveau.
Tot 1950 blijft hij veel successen boeken. De aanstormende Russische grootmacht kan hij nog steeds wel pareren. Hij speelt veel remise en wint geregeld van de dan al ijzersterke Keres, Bronstein, Botwinnik (!) , Kotov, Kramnik , Smyslov en soortgelijk spul. Veel toernooien wint hij niet meer maar eindigt wel meestal in de hoogste regionen. Na 1950 worden al die Russische wereldsterren die jarenlang samen onbetwist de wereldtop gaan vormen hem te machtig. Wat daaronder zit op het wereldschaaktoneel, die schakers die kunnen nog steeds niet tegen hem op. En in Nederland is hij nog lang helemaal ongenaakbaar. De andere sterke schakers alhier zijn niet tegen hem opgewassen. Of ze nu van Scheltinga, Cortlever, Prins of Donner heten, ze redden het niet. Donner spreekt Euwe altijd respectvol aan met ‘GrandMaitre’ en ‘Gij Grote en Goede’! Euwe wordt dus elke keer weer kampioen van Nederland. Vanaf 1921 twaalf keer! Dat stopt pas in 1955.
Ik ga het hier maar bij laten. Ik zou natuurlijk nog 100 interessante partijen van later datum uit de archieven kunnen opdiepen. Maar het spannendste deel van zijn schaakcarrière hebben we wel behandeld.
Zijn leven blijft bijzonder. Hij blijft schaken, wint wel nog wat Hoogoventoernooien, verlaat de meisjesleerlingen, wordt baas van grote levensmiddelenbedrijven en weet in de oorlog zo in het verzet nuttig te zijn met het smokkelen van levensmiddelen voor onderduikers, heeft in de oorlog een pistool en heeft geleerd hoe daarmee om te gaan, blijft boksen (!) om zijn lijf in vorm te houden, promoveert tot doctor in de wiskunde, wordt hoogleraar in dat en andere vakken aan de universiteit, raakt betrokken bij de geboorte en de kleutertijd van de computer, wordt voorzitter van de wereldschaakbond en weet door zijn overwicht en intelligentie de match om het wereldkampioenschap tussen Fischer en Spaski te redden. En schrijft verschrikkelijk veel fantastische schaakboeken. Wat een vent!
Er schijnt nu weer even wat belangstelling voor deze geweldige persoonlijkheid te bestaan. Hij werd 125 jaar geleden geboren. Het is ongeveer 90 jaar geleden dat hij wereldkampioen werd. Hij stierf aan een hartaanval in 1981 op 80-jarige leeftijd.
Ik vond het erg fijn om me nog eens in dit heel bijzondere leven te kunnen verdiepen. Misschien vond een enkele lezer van onze schaaksite het ook wel interessant.
Een paar jaar geleden schreef ik een serie verhaaltjes over schaakboeken die ik in mijn boekenkast vond. Nu nog maar eens zoiets. Alleen … dit boek kwam niet uit mijn eigen boekenkast. Maar uit die van de Volkskrant, en van Kobo Plus. En het was tamelijk recent op de markt gekomen: Max Pam : De laatste schaker. 2025, Uitg. Prometheus. Hoewel ik inmiddels al bijna 30 jaar met pensioen ben, probeer ik toch nog een klein beetje bij te houden wat er zo al aan nieuwe Nederlandse literatuur verschijnt. En ik las kort geleden in de krant een beoordeling van dit nieuwe boek van Max Pam. Literatuur? Ach wat is literatuur precies? En Max Pam in de Volkskrant lees ik altijd. Hij had vroeger een schaakrubriek in een andere krant, maar daar is hij mee gestopt. Hij schrijft nu over politiek en cultuur. Altijd interessant. En deze nieuwe roman van hem schijnt toch over een schaker te gaan. Tja, u begrijpt, dan moest ik dat zeker absoluut beslist zonder mankeren aanschaffen. En hoera, ook als e-book te koop. Dat kan ik vergroot op mijn tablet lezen.
Het leest als een trein. Kon niet stoppen. Ik had het in 2 dagen uit.
Hoofdpersoon is Viktor Sanders. Een fictief persoon. Veel personen die in dit boek voorkomen, of genoemd worden, zijn echte bekende schakers. Soms met hun echte naam ( Fischer, Kasparov, Polgar ,Reshevski, Aljechin, Euwe, Carlsen, etc) , maar vaak met een ‘schuil’naam. Meest voorkomend in het boek is Sander’s vriend Domar. Gezien wat er geschreven staat over diens karakter, zijn partijen, leven, ziekte en dood is dat onmiskenbaar Jan Hein Donner. Met hem was Max Pam bevriend. Is Sanders dus eigenlijk Max Pam zelf? Autobiografisch? Dat Pam dat in een interview ontkent, zegt niet alles – dat doen schrijvers bijna altijd- maar Sanders heeft wel erg veel wat Pam niet heeft. Die is bijvoorbeeld geen grootmeester, die lang echt professioneel leeft van het schaken: lezingen, simultaans. Pam was een gewone , wel sterke clubschaker. Even dacht ik dat Sanders eigenlijk Hans Ree was, omdat hij met streven naar topschaak gestopt was nadat hij in een vlaag van schaakverbijstering in goede stelling een paard naar a1 gespeeld had terwijl iedereen zag dat het daar nooit meer weg zou komen, en hij dus met een stuk minder speelde en verloor. Precies het bekende verhaal over ‘het paard van Ree’ (Donner). Maar even verderop lees je dat Sanders ook is gaan wielrennen, en zelfs daar prijzen mee heeft gewonnen. Dat doet meer denken aan zeer sterke schaker Tim Krabbé. Ook schrijver, die in zijn roman De Renner zo’n koers van zichzelf uitgebreid beschrijft. Al met al is Sanders dus behalve uit Pam zelf ook samengesteld uit diverse andere bekende schaakfiguren.
Andere figuur die een geïnteresseerde schaker al gauw herkent, is Frans Lunaman. Die wordt beschuldigd van vals spelen, en de schaakwereld raakt in rep en roer als een kampioen weigert tegen hem te spelen en niet verschijnt als de stukken klaar staan. Kan niet missen. Dat is Hans Nieman en zijn conflict met Carlsen. Sander raakt in conflict met Lunaman, die woedend reageert en met een rechtzaak en schadeclaim dreigt. Dan gaat toch bij iedereen een lichtje op ?! En in ene Corporaal herken ik Rob Hartoch, omdat daar sprake is van een zeer talentvolle jeugdspeler, die de hoogste toppen niet kan bereiken omdat hij te lui is om zich echt in de schaaktheorie te verdiepen, en dan maar arbiter wordt. Volgens Pam kon Corporaal dan rustig suffen achter zijn tafeltje om alleen in actie te komen als er een stuk op de grond viel. En ene Eva Jensen, ooit sterke schaakster, nu de baas van een groot cruesschip, kreeg -heel toevallig- precies dezelfde opvoeding als Judith Polgar. Maar toch weer een heel ander leven.
Voor alle schakers , en nog meer voor iets oudere, is er ongelofelijk veel te herkennen van nationale en internationale schaakgeschiedenis, al of niet in gecamoufleerde vorm. Soms grappig puzzelwerk.
En dat niet alleen, want en passant komt er ook heel veel normale geschiedenis en kennis van literatuur, wetenschap, en overige cultuur langs. En dat op een manier die zelden verveelt, vaak ook geestig opgediend.
Toch bekroop me wel eens een enkele keer het gevoel dat Pam hier wel eens wat te veel schoolmeester werd. Dat zijn ‘roman’ wel eens te veel naar nonfictie begon te neigen. Maar toch blijf je lezen. Het is toch ook spannend. Er gebeurt voortdurend van alles. Hoe loopt het af met die Sanders?
Na een periode van totale verloedering na dat stoppen met professioneel schaak herneemt hij zich , na een aanbod om op een groot cruiseschip als één van de tientallen mogelijkheden tot vermaak van de passagiers te gaan functioneren. Als grootmeester die in een zaal van het schip elke dag simultaans geeft, waar sterke en zwakke schakers kunnen aanschuiven. Het betaalt best fatsoenlijk, en het kost hem absoluut geen moeite om iedereen snel van het bord te vegen. Hij verliest slechts 1 keer , niet expres, en wel tegen een jong meisje. Die doet me erg denken aan Beth Harmon, van de Netflix-serie ‘The queens gambit’. Beetje vervelend alleen dat per contract vastgelegd is dat hij altijd minstens 1 partij moet verliezen en dan een prijs moet uitreiken waarmee de winnaar in het casino van het schip kan gaan gokken. Goed voor de economie op het schip. En wellicht ook aanlokkelijk idee voor mogelijke deelnemers. Misschien kun je winnen van een grootmeester. Sanders kan niet goed tegen verliezen. Dit deel van het verhaal is onderdeel van veel meer schimpscheuten op publiek en amusement van zo’n gigantisch cruiseschip. Trouwens het boek zit vol met kritische observaties van onze moderne samenleving. Een belangrijke plaats daarin neemt de digitalisering van het schaken . Dat is inmiddels geen spannend, gezellig spel meer, maar een allesbepalende strijd met veel steun van techniek. Sander zegt ergens: een schaker is tegenwoordig half mens half machine. En de belangstelling voor menselijke partijen, simultaanscéances en schaakverhalen neemt af. Misschien is Sanders wel de laatste echte schaker.
IK vond het een leuk boek. Vooral voor schakers (en schaaksters) natuurlijk. Maar misschien ook wel voor hun vrouwen (mannen) of vriendinnen. Want het is spannend, maar heeft ook wel diepgang. Ook vaak geestig. En de vele pagina’ s die aan ziekte, sterven en rouwplechtigheid van Domar worden gewijd zijn indrukwekkend, vooral als we ons realiseren dat het zo met Jan Hein Donner moet zijn gegaan. (Aan wie het boek trouwens is opgedragen) Ik heb ook alleen maar positieve recensies gelezen.
Ja, Euwe gaat natuurlijk ook de revanchematch winnen.Zo beëindigde ik verslag Euwe4, na de 6e partij. Maar …
Partij 7
Alweer Slavisch.De meeste huidige theorie van het Slavisch stamt uit deze periode van deze matches om het WK. Euwe schrijft later zelf dat het uitdraaide op licht voordeel voor hem (wit) , maar dat hij het verknoeide.
Nu staat Euwe zelfs even achter. Niet heel erg. Maar belangrijker is dat dit de eerste overwinning voor Alhechin met zwart is, en dat het erop lijkt dat Euwes superieure kennis van het Slavisch nu toch wel een deuk heeft opgelopen. En dat hij naar wat anders moet gaan omzien.
Partij 8
Dus kiest Euwe nu weer het NimzoIndisch
1.d4 Pf6 2 . c4 e6 3. Pc3 Lb4 4. Dc2 (dit is lang de gebruikelijkste gebleven. Wat later zag ik meer 4 e3) d5 5 cxd5
Diagram. 8. Zet 5 cxd5
5 …. Dxd5 6.e3 c5 7. a3 Lxc3 8. bxc3 Pbd7 9. f3
En hier gaat Aljechin verder met een nieuwtje (9 f3) dat waarschijnlijk dubieus is, maar wel flinke complicaties oproept.
Alekhine Alexander – Euwe Max (9.f3)(8)
Dat behandelt Euwe wel goed. Maar vlg de toenmalige hoogleraren schaakkunde (o.a. Keres) kiest hij bij zet 17 een voortzetting die agressief is, maar hem heel veel tijd gaat kosten. Hij wilde waarschijnlijk gezien de stand nu remise voorkomen, en onderschatte toch nog steeds zijn tegenstander een beetje. Bij zet 18 mist hij dan de sterkste voortzetting
Alekhine Alexander – Euwe Max (18…b6)(8)
8 … b6 ? ( f5 !?)
Waarna Alhechin doorbreekt in het centrum en m.i. erg knap geruime tijd schijnbaar een Loper op a6 en prise heeft staan, maar gezien heeft dat die niet gepakt kan worden.
Alekhine Alexander – Euwe Max (19.La6)(8)
Wat nu volgt moet Aljechin allemaal vooruit gezien hebben en dat toch wel erg mooi.
Dit is toch fraai allemaal.
Euwe geeft hierna snel op. Dat is toch wel even slikken voor de talloze fans. Nu staat hij 2 punten achter. Maar ach, dat is bij de vorige match ook wel eens voorgekomen.
Maar bedenkelijker is wel dat Euwe in partij 9 met wit wel goed komt te staan, maar weer geen kans ziet dat te verzilveren, weer in tijdnood raakt. Daar gelukkig wel heelhuids doorheen komt, maar dat er dan van winst geen sprake meer is. Remise.
Partij 10
In een bijna gelijke stand volgt alweer een flinke fout van Euwe.
Alekhine Alexander – Euwe Max (23.g4)(10)
Dit dreigt g5 en dan is er geen veilig veld meer voor Pf6. Dat zal Euwe heus wel gezien hebben, maar hij denkt nog wel tijd te hebben voor het wegspelen van zijn weinig nuttige paard op a4. Maar dat is niet zo. 23 …. h6 was noodzakelijk. Let op. als
World-ch16 Alekhine-Euwe 10 Nederland (10), 26.10.1937
Stukverlies. ( Na 24 .. h6 komt natuurlijk 25. Pf3 met damewinst!) Dat varkentje weet Aljechin natuurlijk wel even te wassen. 3,5 – 6,5 !!!
Daar reageert de pers niet prettig op. Zie je wel, Euwe heeft de vorige match alleen kunnen winnen doordat Aljechin veel te veel alcohol nuttigde. Maar nu hij niet voortdurend dronken is en veel aan zijn conditie heeft gewerkt, niet meer rookt, nu is Euwe natuurlijk kansloos! Euwe zelf had er een andere kijk op. Hij was van mening dat hij zich te veel door het optmisme van pers en publiek had laten beïnvloeden. Hij waa Aljechin gaan onderschatten en had in zijn partijen te veel risico’s genomen. Aangestuurd op ingewikkelde tactische verwikkelingen, maar eigenlijk was dat Aljechin’s sterke punt. Dat moest hij anders gaan aanpakken. Aljechin blaakte intussen van zelfvertrouwen. Gekleed in een door zijn vrouw gebreide trui met fraaie afbeeldingen van zijn katten liet hij zich goed gehumeurd interviewen.
Euwe krijgt met wit wat beter spel, maar winst zit er niet in. Tijd om deze variant maar even goed op te bergen.
Partij 12
Zelfde beeld. Euwe kiest het NimzoIndisch , krijgt goed spel met zwart, maar winst wil niet lukken.
Partij 13
13 is een ongeluksgetal, maar dat blijkt in deze partij voor Euwe niet van toepassing. Aljechin speelt weer Slavisch , maar Euwe komt met een mooi nieuwtje. Bij een bespreking van partij 8 heeft grootmeester Bernstein deze zet geopperd. Euwe had dat gezien en zag er wat in. Aljechin had het niet gezien. Euwe krijgt voordeel. Met een dubbel pionoffer bereikt hij een stelling met agressievere stukken, en zwakke geïsoleerde pionnen bij de tegenstander. Het wordt nog een hele klus, maar dit keer lukt het.
Euwe Max – Alekhine Alexander (44.Tc5)(13)
Na winst bij zet 68 is de stand 5,5-7,5 Hoop doet leven.
Partij 14
Maar alweer heeft Euwe problemen na een door hem gewonnen partij. Het lijkt wel of hij zich dan minder goed kan concentreren. Hij mist bij zet 24 een mooie kans .
World-ch16 Alekhine-Euwe Nederland (14),
24 … b5? ( 24 .. Pd6!! De dame raakt in de problemen, en daardoor komen er andere kansen ) Maar nu neemt Aljechin het initiatief over en wint. Weer heeft hij 3 punten voorsprong.
Partij 15
Euwe is met zwart gestopt met het Slavisch. Maar Aljechin niet. Hoewel hij de 13e partij ermee verloor, gebruikt hij hem nu weer. Hij wil laten zien dat zijn voorbereiding perfect is en hij vol zelfvertrouwen is geraakt. Imponeergedrag, ook door de eerste 10 zetten à tempo te spelen, in 1 minuut . Euwe neemt er een half uur voor. Bereikt een betere stelling, en raakt ook later niet in tijdnood. Maar winst gaat niet lukken.
Partij 16
Dat wordt een nogal sensationeel gevecht. Aljechin heeft met wit geen zin in Euwe’s nu favoriete NimzoIndisch en speelt Catalaans met wit.
d4 Pf6 2.c4 e6. 3. g3 d5. 4. Lg2
Alekhine Alexander – Euwe Max (4.Lg2)(16)
Aljechin krijgt flink voordeel, maar pakt het niet goed aan, en Euwe krjjgt initiatief. Maar dan gebeurt er iets buitengewoons.
Euwe mist een wellicht winnende voorstelling van zijn tegenstander. Hij speelt hier 25. … De5 ?
Alekhine Alexander – Euwe Max (25.Pc3)(16)
Ik denk dat bijna alle schakers van onze club bij dit diagram de beste voortzetting zullen vinden. Ook de toeschouwers in de zaal sloegen van ontzetting een hand voor de mond. Maar Aljechin zag het niet !!!! Hij dekt zijn paard en speelt 26. Lb2?
Euwe had hier het vege lijf kunnen redden door gauw 26 … De5-f5 te spelen.Maar hij ziet de combinatie nog steeds niet. En speelt 26. … Lc6
Diagram 16 na zet 26 …..Lc6
Alekhine Alexander – Euwe Max (26…Lc6)(16)
Nu wordt Dh8+ nog aantrekkelijker. Omdat na Pxe5 de Loper op c6 instaat.
De ademloze zaal toescnouwers is inmiddels wel op de hoogte en wacht gespannen af.
Maar ……. Aljechin ziet het ook nog steeds niet. Hij speelt 27. a3 ?
Ongelofelijk dat notabene de huidige wereldkampioen, en de vorige (en misschien zelfs volgende) 4 halve zetten lang deze eenvoudige combinatie misten.
Het is niet bekend of Euwe het hierna wel zag, of hij bij toeval ontsnapte. 27 … Ld6
Alekhine Alexander – Euwe Max (27…Ld6)(16)
Nu kan het niet meer omdat na 28 Dh8+ Kxh8 29. Pxf7 Kg8 30. Pxe5 de loper daarna het paard kan nemen en wit dan een stuk achter staat. Hierna heeft Euwe het niet gemakkelijk,maar redt remise dankzij ongelijke lopers.
Partij 17
Euwe mag dan met zwart het Slavisch hebben afgezworen ,Aljechin blijft het trouw. Tot en met zet 14 is alles als partij 9, behalve dat zwart nu wel eerst gerocheerd heeft.
Euwe Max – Alekhine Alexander (14.La3)(17)
Wit heeft nu minder compensatie voor zijn geofferde pion, maar nog wel iets. Mijn computer geeft na Te8 15. Tab1 hier + 0.15.. Euwe speelt heel sterk verder. Wint eerst zijn gambietpion terug en daarna nog een pion
Euwe Max – Alekhine Alexander (20…e5)(17)
21. Txb4
Euwe speelt de partij zelfverzekerd uit. Aljechin had gevoeglijk kunnen opgeven rond zet 27 , maar speelt door tot zet 41. Wachtend op nog eens een blunder van zijn tegenstander. Maar die kijkt wel uit!
Gelukkig. Euwe kan het nog. Wie weet? 2 punten achterstand. Als ik de vorige match? Eindsprintje?
Partij 18
Euwe speelt Tarrasch. Ook leuk.
Alekhine Alexander – Euwe Max (4…c5)(18)
Het wordt wel spannend. Na zet 20 lijkt Aljechin flink in de aanval. Drie stukken gericht op f7. Maar Euwe verdedigt sterk, Aljechin offert een pion voor de aanval, maat dat helpt niet.
Diagram 18, na zet. 29 …. , Dc2
Alekhine Alexander – Euwe Max (29…Dc2)(18)
30 Tc1 ( Td2!?)
Euwe heeft de betere stelling en lijkt bij zet 50 voor winst te gaan met een vrijpion. Aljechin redt zich op het nippertje met eerst een Torenoffer, en enkel zetten later met een fraaie paardzet.
Partij 19
Dat werd weer ietwat sensationeel. Aljechin beseft dat het Slavisch hem zelden een goede stelling heeft opgeleverd en speelt NimzoIndisch. Hij probeert iets nieuws bij zet 4. Valt tegen. Daar heeft Euwe geen moeite mee. Na een tiental zetten staat hij heel goed, wegens tempoverliezen va n zwart. Mijn computer zegt hier. + 1.30. !
DIagran 19, na zet 10 …. Pc6
ALjechin beseft dat hij er slecht voorstaat en besluit tot een stukoffer, dat Euwe aanneemt omdat hij terecht meent dat dat offer niet deugt.
Bij zet 27 zou 27 e6 tot te grote problemen voor zwart hebben geleid. Euwe speelt hier 28 La6
Diagram 19, na 27 … bxc5
Euwe Max – Alekhine Alexander (27…bxc5)19)
Waarna opeens al zijn voordeel verdampt is, en hij zelfs een pion achterstaat!
Hij ziet wel kans om het eindspel remise te houden, maar het moet wel een enorme schok voor hem geweest zijn!
Nog steeds 2 punten achter, maar er zijn nog veel partijen te gaan, dus daardoor hoeft hij de moed nog niet te verliezen. Maar dat hij door een bijna onbegrijpelijke gang van zaken de 19e partij niet heeft gewonnen dat is wel even een mentale opdoffer.
Komt hij daar nog overheen ?
Het antwoord op die vraag stellen we uit tot Euwe6.
Tot uw troost vertel ik u dat dat echt mijn laatste Euwe-verhaaltje gaat worden.
Eind 1935, Euwe wereldkampioen! Een amateur-schaker, eigenlijk een leraar wiskunde, die in wat schaarse vrije tijd even wereldkampioen was geworden. Dat deed afbreuk aan het toenmalige imago van de schaakgrootmeester. Voor het grotere publiek was dat altijd een onverklaarbaar genie geweest, een superintelligent wezen, ver verheven boven de gewone burger. Misschien dat daarom ook veel sterke schakers zich haastten met geringschattende commentaren. Het niveau van de matchpartijen was niet hoog. Te veel fouten aan beide zijden. Wereldkampioen geworden dankzij de alcoholverslaving van Aljechin. Etc.
Gelukkig waren er toen ook beroemde grootmeesters die er positiever over oordeelden. Oud – wereldkampioen Lasker schreef dat hij Holland gelukwenste met deze talentvolle zoon, en verwachtte dat die als leraar in staat zou zijn de kennis van ons oude spel op een hoger niveau te brengen. En Spielman dacht dat Euwe niet alleen de schaakkracht van zijn voorgangers Lasker, Capablanca, Alhechin evenaarde maar bovendien een warm hart had, een gentleman was. En hij prees zijn vechtlust. Veel anderen prezen ook zijn bescheidenheid, zijn sympathieke voorkomen en voorspelden dat hij daarom belangrijk zou kunnen zijn voor een toenemende populariteit van het schaakspel bij de gewone burgers. (Veel van die voorspellingen zijn uitgekomen. )
Ja, Euwe was een amateur die wereldkampioen werd. Maar dat zou dan nu wel veranderen! Met het winnen van de match natuurlijk bakken geld uitbetaald gekregen! Die man zou nu het schaken wel beroepsmatig gaan beoefenen.
Nee dus. Grote prijzen voor grote kampioenen dat is vooral iets van later tijden, door toedoen van Robert Fischer, Kasparov, en soortgelijke zelfbewuste lieden. Ja, Aljechin zelf had het wel al een beetje door. Die wilde alleen de match komen spelen bij vooruitbetaling van 10.000 gulden. Aldus geschiedde. Als winnaar van de match kreeg Euwe … niets! Hij mocht blij zijn met de uitbetaling van zijn reis-en verblijfskosten. Salo Flohr wist dat niet en raadde hem aan naar de Rivièra te gaan om na die inspannende match daar uit te rusten. Euwe antwoordde dat hij niet eens genoeg bezat om het Centraal Station Amsterdam te bereiken.
Euwe wist dat schaak als professie er in Nederland voor hem niet inzat, en hervatte zijn docentenwerk op de MMS. Hij had een gezin, en er moest brood op de plank zijn. Dat wil niet zeggen dat hij zijn verplichtingen als nieuwe wereldkampioen niet zag. Als zijn werk het toelaat, speelt hij mee in belangrijke toernooien (1936) . Zandvoort, Nottingham , Amsterdam. Hij won ze niet, werd tweede. Hij had eerder geventileerd dat hij hoopte dat de ervaring opgedaan in zijn zware match tegen Aljechin hem verlossen zou van van zijn slechte eigenschap om af en toe op een beslissend moment de winst te vergooien door een blunder. Misschien dat het opgedane extra zelfvertrouwen hem meer rust zou geven op beslissende momenten.Maar dat bleek nog niet erg. Hij verspeelde de eerste plaats in Nottingham en in Zandvoort, na een overigens sterk gespeeld toernooi, door blunders, tegen Lasker en tegen Bogoljubov.
Lasker-Euwe
Inmiddels werd er in Nederland gewerkt aan de revanchematch tegen Aljechin. Gezien Euwe’s sterke spel in Zandvoort , Nottingham, en andere toernooien, waar hij wel een enkele keer blunderde , maar de sterkste schakers van die tijd meestal versloeg (ook enkele keren Aljechin) was nu iedereen ervan overtuigd dat Euwe de komende revanchematch ging winnen.
(Terzijde : Bij die sterkste schakers begon er zich geleidelijk aan nu ook een te manifesteren, die zich niet lang daarna zou ontpoppen als een nieuwe wereldkampioen die een recordaantal jaren die titel zou behouden. Botwinnik. (wereldkampioen 1948 – 1963) . En die de aanvoerder werd van het contingent supergrootmeesters die van de USSR lange tijd een onverslaanbare schaaknatie maakten (1948- 1972) en bijna onverslaanbaar tot de val van de USSR (1990). )
Maar Euwe zou de revanchematch tegen Aljechin wel winnen. Ook al omdat Aljechin het al een poos niet geweldig deed. Het optimisme werd niet getemperd door het bekend worden van Aljechins voorbereiding: hij deed alcohol en tabak in de ban. Het verontrustte Euwe niet. Hij vond dat het alcoholgebruik van Aljechin bij de vorige match niet die rol had gespeeld die journalisten er aan toekenden. Wel werd mogelijk het een poos wat minder schitteren van Aljechin veroorzaakt door het geheim willen houden van zijn openingen-voorbereiding voor de revanchematch. Euwe zelf was gematigd optimistisch over de komende match. En de revenuen waren beter geregeld. Het prijzenfonds zou in de verhouding winnaar:verliezer= 8 :5 aan de combattanten worden uitgekeerd.
5 oktober 1937 was het zover. Wat ging het brengen? Zou Aljechin nu weer met 1. e4 openen? Daarmee openden zijn meeste en mooiste successen van weleer. Had Euwe nieuwe varianten uitgedokterd, andere openingen voorbereid als verrassingswapen?
Al gauw werd duidelijk dat Aljechin’s taktiek was: zelf geen nieuwe verrassende openingen gebruiken. Euwe opzoeken in diens eigen repertoire en eerst zien te achterhalen wat die inmiddels daarin bedacht had. Vooral aansturen op strategisch afwachtend spel, en pas veel later in de partij proberen de winst te zoeken. Euwe had weinig tijd gestopt in openingenonderzoek en vooral getracht zijn middenspel en eindspel verder te verbeteren. Hij was van mening dat zijn openingenkennis toch breder en meer solide was dan die van Aljechin.
De eerste partij liet al direct zien dat voorlopig op ervaringen van de vorige match wordt doorgeborduurd. Alweer Slavisch. Tot zet 14 gelijk aan partij 20 van destijds.
Hier had Aljechin toen 13 Tb8 gespeeld en kwam gauw slecht te staan. Nu 13 …. Le6 , en dat is beter. Maar Euwe antwoordt met 14. Pe4 ! wat een heel sterke blijkt te zijn. Jan Timman denkt blijkens zijn commentaar dat Euwe die zet gezien heeft bij 2 deelnemers aan een Olympisch toernooi in Stockholm, en daar aandacht aan heeft besteed. Aljechin antwoordt met Lb4, en wit houdt voordeel. Beide spelers moeten het verder alsnog zelf bedenken. Het blijkt zo ingewikkeld dat ze deze variant nooit meer in de match herhaalden.
De computer vindt dat het witte voordeel echt beslissend wordt na 20…Ld5
Euwe Max – Alekhine Alexander (20…Ld5)
21. Txa6 Lxg2 22.Kxg2 Tf7 en nu vindt Timman het ook ‘Wit wint vrij comfortabel na deze passieve zet.’ Hij vindt dat na 22. … Db7 het lastiger geworden zou zijn.
Euwe zet zijn voordeel om in eindspelvoordeel, in een toreneindspel. Leerzaam om te zien hoe Euwe zoiets aanpakt.
Euwe-Aljechin , 1
Aljechin geeft op. Na 50. hxg5 hxg5 kan zwart 2 verbonden vrijpionnen niet meer voldoende hinderen zonder ook zijn c- pion kwijt te raken.
Dat is een mooi begin! In de vorige match verloor Euwe de eerste partij, nu start hij met winst!
In de 2e partij speelt Aljechin met wit zijn aandeel in het Slavisch, hopend zo aan de weet te komen wat Euwe zelf in die variant voor zwart de beste voortzetting vindt. Maar daar trapt Euwe niet in, hij speelt een andere variant.
Het gaat wel goed, maar -commentarieerde Euwe later zelf- ‘ Aljechin kreeg een klein eindspel-voordeel, want een sterkere loper tegen paard.
Ik had de game wel kunnen redden, maar ik speelde zonder plan, en verloor. Stand 1-1
Alekhine Alexander – Euwe Max (31.Kf3)
31. … Pd5? (f5 !?) Ld3
In de 3e partij probeerde Aljechin opnieuw met wit te achterhalen wat die de beste voortzetting vond voor zwart in het Slavisch. Maar Euwe wilde er weer niet aan meewerken. Hij speelde nu de Meraner! Volgens mij een van de allerscherpste mogelijkheden tegen het witte damegambiet. Dat gaat als volgt: 1 d4 d5 2 c4 c6 3 Pf3 Pf6 4 Pc3 Pc6 5 e3 Pd7 6 Ld3 Lb4 7 0-0 0-0
Euwe Max – Alekhine Alexander (7…0-0)3
Zwart stelt het slaan d5xc4 uit. Zelf had ik iets met die Meraner, maar dan met na 6 Ld3 dxc4 7 Lxc4 en dan spoedig b5 ( met tempowinst) en a6-a5 Lb7. Ik werd later een beetje blij als ik zag dat ook Frank met iets in die richting experimenteerde.
Maar hier gaat het een beetje anders. Euwe slaat niet op c4. Met zijn aanpak krijgt hij vrijwel gelijk spel .
Euwe Max – Alekhine Alexander (11.Lb2)3
11. … e4
De partij eindigt in remise.
In de 4e partij, alweer Slavisch, alweer dezelfde variant , komt Aljechin met iets nieuws voor wit.
Alekhine Alexander – Euwe Max (6…e6)
7.f3 !
Euwe noemt dit zelf de ingewikkeldste partij tot nu toe. Dat hij erg alert moest zijn wegens vele dreigingen van wit. Hij houdt de partij toch remise.
Bij de 5e partij blijkt Aljechin het met zwart wel gehad te hebben met dat Slavisch, met (1 d4 d5 C4 ) 2. … c6. Hij ziet af van zijn plan om Euwe op diens eigen terrein op te zoeken en zo diens nieuwe wapens te ontdekken. 1 d4 d5 2 c4 dxc4 3 Pf3 a6.
Euwe Max – Alekhine Alexander (3…a6)
Wellicht is hij niet tevreden over zijn mogelijkheden tot nog toe. Maar over de nieuwe zal hij ook niet enthousiast worden. Euwe overspeelt hem . En al na 20 zetten dreigen er vele dreigingen. Hij verliest een stuk bij zet 24.
Er is geen goede vluchtplek voor de loper.
Zwart kan opgeven. Vreemd dat Aljechin nog tot zet 41 door rommelt, maar hij verliest natuurlijk Stand 3-2
Nu waren alle toeschouwers er wel zeker van: Euwe ging ook deze match wel winnen.
Maar daar dacht Aljechin anders over.
IN de 6e partij speelde Euwe weer Slavisch. Maar Aljechin koos voor een nieuwe agressieve voortzetting, Hij gunde zwart even zijn pluspion, maar kreeg daarvoor een agressief centrum
Het meest voor de hand liggend is nu die pion te dekken: 4. … b5 5. a4 b4 6. Pb1 Ik meen me herinneren ( maar mijn geheugen is ook niet meer wat het nooit geweest is) dat Bert Kuijer dat eens tegen mij speelde. (Al gauw wist ik het toen) niet meer. De witte stelling heeft zijn voor en zijn tegen. Maar zou ongeveer gelijk zijn. Maar Euwe prefereert een scherpere aanpak.
Alekhine Alexander – Euwe Max (4…e5) Een uitdaging.
Onze beste openingenkenner van toen weet het daarna ook niet meer zo goed en verprutst het nu totaal en staat na enkele zetten al verloren.
Eliskases , de secondant van Alhechin schreef erover : ‘After Euwe’s great effort in the fifth game he failed miserably in the sixth. He, who is able to handle the opening like no other man, was this time playing a loosing game after only a handful of moves. After 23 moves Euwe’s position was utterly hopeless’
Stand 3-3
Tja, Euwe gaat natuurlijk de revanchematch ook winnen, maar het is nog wel een beetje spannend.
Om te voorkomen dat u zich overeet aan dit heerlijke gerecht ga ik nu even stoppen. Over enige tijd laat ik u zien hoe het verder ging. Blijft u ook nog even in spanning. En heeft u wat te doen als u wakker ligt op de hete nachten die ongetwijfeld nog zullen komen.
Heel mooi stuk op de site met feiten die ik nog niet allemaal wist. Zo is er ook een mooi boek over de vriendschappelijke match Euwe tegen Sosonko, ik denk vanwege zijn 75e verjaardag en volgens mij door de AVRO gesponsord. Sinds mijn verhuizing heb ik dat boek niet meer, helaas. Ook heb ik een partij gezien uit de jaren 50 die Euwe van een nog piepjonge Fischer ( 14 jr ) zeer snel won. Maar die was natuurlijk nog niet op zijn top. Toch een mooi staaltje van ervaring tegen jeugd! Ik weet niet of je de partij kent, volgens mij een Damegambiet Nog een anekdote uit mijn eigen ervaring over zijn hoffelijkheid. Als 15-of 16-jarig jeugdspelertje zat ik een keer bij de voorzitter van de Egmondse schaakvereniging. Op een gegeven moment ging de telefoon. Euwe zou een simultaan spelen tegen het gemeentebestuur, echter die waren plots wegens een belangrijke vergadering verhinderd. Of er schakers van de Toren van Egmond bereid waren dit over te nemen? Er was plek voor tien man want Euwe was al bijna 80. Ik gaf aan de voorzitter aan dat ik mee kon doen en die ging rond bellen en vond een aantal vrijwilligers. Men was toch een beetje bang voor zo’n sterke schaker (helaas een vaak gehoord argument!) Het leek mij wel leuk en wie weet… Op een gegeven moment riep hij de namen op om op een lijst te zetten en ik had vaag het idee dat hij zich verteld had, maar ik zal me wel vergist hebben…? Op de bewuste dag gingen de deelnemers achter de borden zitten en wachtte ik netjes mijn beurt af.. tot bleek dat er elf namen op het lijstje stonden… En ik dreigde buiten de boot te vallen, maar iemand mompelde iets in zijn oor en toen mocht ik van hem ook meedoen.
Ik verloor de partij overigens wel, maar al zeg ik het zelf had de partij slechter gekund.
Ik heb daarna later in het jaar nog in Bergen aan Zee een simultaan tegen hem gespeeld, maar daar werd ik toch wel snel zoek gespeeld. Ik stuur je dit dan komt de site de komkommertijd weer een beetje door!
Voor de volledigheid nog deze. Dit was dus plm een half jaar voor zijn overlijden. Het was ter gelegenheid van een wedstrijd tussen Koningsclub en de landskampioen van de toenmalige hoofdklasse. Een en ander inclusief extra programmas werd gesponsord door de destijds bekende (of beruchte?) betonmiljonair Pagel.
Even een terzijde van Eddy:
Ja, beroemd en berucht: Arnfried Pagel , betonmiljonair, oprichter van Koningsclub Bergen. Een Duitser, die woonde in Bergen, en Koningsclub oprichtte omdat hij bij Schaaakclub Bergen niet in het eerste team mocht spelen. Zijn streven: Op naar het kampioenschap van Nederland! De schaakbond vond dat hij maar moest beginnen in de 4e klasse NHSB. Elk jaar promoveerden ze. In 1981 hadden ze de hoogste klasse van de KNSB bereikt. Pagel lokte sterke schakers naar zijn club door ze zeer goed te betalen! En hij bereikte zijn doel met andere dubieuze methoden. Dat hebben we met Aris de Heer ook ervaren. Toen wij in 19.. ( moet ik nog even nazoeken) in Bergen tegen ze moesten spelen. Aan het eind van de avond in gelijke stand werd alleen de partij van Bert Kuijer afgebroken . Die werd enkele dagen later benaderd door en gezant van Pagel met een mooi financieel aanbod als hij de partij zou verliezen. En zoiets gebeurt op een verder volkomen amateuristisch niveau! Maar Bert weigerde! En won. ( Geloof ik. Of werd het remise? Dat weet ik niet meer. Maar hoe dan ook, vervelend voor Pagel.)
Een tweede keer dat we tegen ze moesten spelen zat onze André Mulder tegenover een sterke Poolse grootmeester. Kuligovski , of zoiets. Die dacht nauwelijks na. Die had haast! Hij moest nog een vliegtuig halen naar Reykjavik voor een partij tegen Kortsnoi. Die hij ook nog schijnt te hebben gewonnen. Het lukte nog net. Een taxi stond voor de deur om hem naar Schiphol te racen. Hij had 10 minuten nodig voor de hele partij. André gewoon 1,5 uur. Bood dapper tegenstand, maar ja , tegen een grootmeester…..
Zelf moest ik ooit tegen …. Pagel himself! Dat moest ik kunnen winnen, want ik wist : heel sterk Is hij niet. Ik toen wel. Maar ik deed het niet erg goed. Pas halverwege de avond kwam ik beter te staan. Toen werd heer Pagel ziek. Hij begon te steunen. Om een glaasje water vragen aan zijn clubgernoten. Asperientje consumeren. Zielig kijken. ‘Hoofdpijn’ steunde hij.
Het haalde mij flink uit mijn concentratie. En ik heb toen maar sportief remise aangeboden. Wat later begreep ik dat ik in de maling was genomen. Allemaal toneel. Mijn hele leven spijt gehad dat ik niet van Pagel heb gewonnen.
Het kampioenschap van Nederland heeft Koningsclub , geloof ik , niet meer bereikt. Pagel werd veroordeeld tot gevangenisstraf wegens drugssmokkel en toen was er geen geld meer voor die betere schakers.