Alle berichten van Martin Zwaneveld

Jeugdschaak bij Aris de Heer – doe je mee?

Heb je ons gezien op de dagmarkt en kriebelt het om zelf achter het schaakbord te kruipen? Goed nieuws: Aris de Heer start een jeugdafdeling! Onder begeleiding van Kees Pruis leer je de regels, slimme openingen en hoe je je tegenstander schaakmat zet. Of je nu net weet hoe het paard springt of al een echte strateeg bent, iedereen is welkom.

Wil je meedoen? Stuur even een berichtje naar Schaakclubarisdeheer@gmail.com. Dan laten we je weten wanneer we starten met onze jeugdafdeling. Tot snel aan het bord!

Sfeerverslag: ALV en prijsuitreiking, 24 augustus

Onder de Linden zat gezellig vol op maandag 24 augustus, voor de Algemene Ledenvergadering. Tussen de vertrouwde koppen aan de tafels en de kleurrijke kunst aan de muur (het clublokaal deelt de ruimte deze zomer met een kunstexpositie, dus we vergaderden onder een indrukwekkend gezelschap aan schilderijtjes) werd het bestuur herkozen, en werd het laatste nieuws over de 120-jarige jubileumsimultaan tegen Pieter Hopman op 10 oktober gedeeld.

Ledenvergadering in Onder de Linden

Maar het hoogtepunt van de avond was de prijsuitreiking. Met een gouden bokaal in de aanslag werden dit jaar de lauweren verdeeld: Thomas mag zich clubkampioen noemen, Paul sleepte de titel beste Bondsprestatie procentueel in de wacht en Martin ging naar huis met de prijs voor beste Bondsprestatie op punten. Onder applaus en de nodige plagerijen werden de bekers en presentjes uitgedeeld zelfs een arm in het verband kon niemand weerhouden om de trofee triomfantelijk de lucht in te steken.

Prijsuitreiking
Trofee triomfantelijk omhoog
De prijsuitreiking

Tussen de agendapunten door was er volop ruimte voor een drankje, een praatje en de aanmelding voor de dagmarkt van 6 september. Kortom: een avond met de gebruikelijke schaakclub-gezelligheid, een vleugje jubileumkoorts en drie meer dan verdiende kampioenen.

Op naar het nieuwe seizoen de traditionele simulaan is al op 31 augustus!

Frank – Marc / Paul -Thomas

Frank – Marc

Frank – Marc, 30 maart 2026

1.d2-d4 f7-f5 2.Pb1-c3 Pg8-f6 3.Lc1-g5 d7-d5 4.Pg1-f3 e7-e6 5.e2-e3 c7-c6 6.Lf1-d3 Lf8-d6 7.Pf3-e5 Pb8-d7 8.f2-f4 Ld6-e7 9.h2-h3

Stelling na 9.h2-h3

De zet h3 verzwakt de diagonaal h4-e1 dus ik probeerde daarvan te profiteren. Ik had echter de zet Kd2 voor wit onderschat (de koning staat daar eigenlijk prima, en wit verbind de zware stukken op de onderste rij). De volgende afwikkeling brengt wit dan ook in het voordeel.

9…Pd7xe5 10.f4xe5 Pf6-e4 11.Lg5xe7 Dd8xe7 12.Ld3xe4 De7-h4 13.Ke1-d2

Stelling na 13.Ke1-d2

Ik was van plan om fe4: te spelen, maar begon hier te beseffen dat de f-lijn dan vermoedelijk voor wit is (tegen de tijd dat ik mijn onderste rij op orde heb is wit waarschijnlijk al binnen). Na lang nadenken dus toch maar de4:, maar met tegenzin. Wit heeft dan mogelijk g4 als breek-zet (fg4: zou e4 en e6 zwak maken), mogelijk een doorbraak met b3, c4, d5, en ik heb niet eens een paard om op d5 te zetten als compensatie. Ik zag in deze stelling alleen maar winstkansen voor wit, en begon me in te stellen op een lange partij om een half puntje te verdedigen.

13…d5xe4 14.Dd1-e1 Dh4xe1 15.Ta1xe1 b7-c6 16.Pc3-e2 Lc8-a6 17.Pe2-f4 Ke8-f7 18.Th1-g1 h7-h5

Stelling na 18…h7-h5

Het idee van h5 was om g4 minder aantrekkelijk te maken, en wit speelde dan ook 19.Tc1 om zich op de alternatieve breek-zet c4,d5 te richten. Het idee van h5 was echter ook om Pf4 het veld h5 af te nemen, en na 19.Tc1 kon ik dan ook mijn loper tegen het witte paard ruilen; waarna zwart weer meedoet. Mijn computer adviseert dan ook 19.h4 om g5 te verhinderen (maar h4 ligt niet zo voor de hand na eerst h3 en Thg1).

19.Te1-c1 g7-g5 20.Pf4-e2 La6xe2 21.Kd2xe2 Ta8-d8 22.c2-c3 Kf7-g6 23.g2-g3 h5-h4 24.g3-g4 f5-f4 25.e3xf4 g5xf4

Stelling na 25…g5xf4

Wit speelde nu 26.Kf2, met het idee Te1, maar beter is 26.g5 en een aanval op de pionnen van opzij met Tg4.

26.Ke2-f2 Kg6-g5 27.Tg1-e1 e4-e3 28.Kf2-f3 c6-c5 29.d4xc5

Stelling na 29.d4xc5

Na 29.dc5: komt wit in erg zwaar weer terecht, want zwart komt binnen via de d-lijn.

29…Td8-d2 30.c5xb6 a7xb6 31.Te1-e2 Th8-d8 32.Tc1-e1 Td2xe2 33.Te1xe2 Td8-d5 34.Kf3-e4 Td5-d2 35.Ke4-f3 Td2-d1 36.c3-c4 Td1-g1 37.Te2-h2 Tg1-f1 38.Kf3-e2 Tf1-b1 39.Ke2-d3 Tb1-d1 40.Kd3-e4 Td1-d2 41.Th2-h1 Td2xb2 42.Th1-f1 Tb2-f2 43.Tf1-b1 e3-e2 44.Tb1-e1 f4-f3 45.Ke4-e3 Tf2-f1 46.Ke3-d2 Kg5-f4 47.a2-a4 Tf1xe1 48.Kd2xe1 Kf4-e3 49.g4-g5 f3-f2# 0-1.

Paul – Thomas

Gisteren was toch weer een aardige opkomst, al zal bij een aantal de wedstrijd van vrijdag nog “in de benen” hebben gezeten.
In ieder geval heb ik daar afgelopen zaterdag wel iets van gemerkt, ik verloor toen in een KNSB wedstrijd een (dubbel) toreneindspel in 82 zetten, al wil ik dat niet als smoes aanvoeren. Mijn tegenstander maakte het eindspel met een hoge moeilijkheidsgraad technisch zeer kundig af.
Paul , die afgelopen vrijdag won, was mijn tegenstander en zette de opening rustig op.
Over de opstelling met c4 en e4 laat niet iedereen zich enthousiast uit, maar het is gewoon een bekende opzet
en na een rustig begin kan zoals bekend later alsnog de vlam in de pan slaan.
Theorie tot de zesde zet
In plaats van 6. g3 was er nog een partij uit 2021 bekend, die verder ging met 6. Le2. Wit won destijds.
De waardering van de engine gaat voor wit van enkele tienden in de min in het begin naar rond min een op zet 9.
Hij vindt 9. exf5 iets beter dan 9.0-0 maar het verschil is niet al te groot.. En dat geldt ook voor zet 10, evenals 10. Lg5
Na 10. De2 dacht ik over 10..f4

  1. ef4, Lg4 maar 10. fxe4 vindt hij ook prima.
    Zwart staat wel prettig, maar je moet altijd waken voor te groot optimisme. De neiging om een openingsopzet die je als minder beschouwt (niet zelden ten onrechte!)
    te willen “weerleggen” kan je lelijk opbreken!
    Echter na 12. dxe4 ipv het betere 12. Dxe4 werd het zwarte voordeel beduidend groter en de penning van het paard op f3 bleek erg lastig voor wit. Door het tussenschaak op d5 kon het paard nog worden gered maar raakte de witte dame in de problemen. En uiteindelijk stond de witte dame nog op het bord en de zwarte niet, maar stond wit mat na een kleine combinatie die Paul (heel vriendelijk!) mij gunde.

    En we hebben in de analyse nog een dameoffer op f3 voor twee stukken bekeken, wat er kansrijk voor zwart uitzag, maar altijd wel een risico inhoudt dat je verborgen verdedigingsmogelijkheden mist. En deze variant kwam niet in de eigenlijke partij in beeld.

Kees – Thomas

Soms gebeurt het in een partij dat het kritieke moment al heel vroeg valt.
Gisteren had dat moment al rond zet 5 kunnen zijn.
In een ongebruikelijke opening
(Wade variant) waren we al na zo’n zet op drie op onbekend terrein voorzover ik weet.
Na 4. Pd7 keek ik naar ideeën met Pg5 , maar begon de twijfelen na het zien van de tussenzet 5. Pe5!?. Zwart maakt met tempowinst een vluchtveld voor de koning terwijl de witte dame nog steeds aangevallen staat.
En 6. dxe5, Lxd1 7. Lxf7+ ziet er interessant uit, maar heeft wit genoeg voor de dame? Na 7. Kd7 8. Le6+ kan zwart als hij wil een eventueel eeuwig schaak ontlopen met 8.. Kc6
maar gaat dat een “winnende wandelkoning” worden?
En wat wil wit als zwart weer terug gaat naar e8? Alsnog eeuwig schaak? En dat na amper 10 zetten? Voor beiden houdt doorgaan een zeker risico in. En geldt dat niet eigenlijk voor elke stelling?
En afgezien van andere bespiegelingen, het levert wel een onderhoudende partij op.

Na deze zetten reeks geeft de engine aan dat wit zo’n+3 voordeel heeft, maar zoals ik al vaker verkondigde, zijn dat soort wegingen voor de mens van vlees en bloed natuurlijk veel lastiger te maken.
Tot ik een engine spontaan zie roesten, ga ik er van uit dat bij hem zenuwen van “oh jee heb ik wel genoeg voor die dame” dat zij niet nerveus worden van dat soort overwegingen!
Zoals het ging won wit een pion en ging de partij afgezien daarvan normaal verder.
Om eerlijk te zijn zag ik nog even een beetje spoken, ik hield rekening met de zwarte tussenzet Pxe4 toen ik 9. c3 speelde ipv het eerst geplande

  1. Pd2.
    Na 9. c6 is dat gevaar weer even geweken omdat wit dan schaak op d6 heeft.
    Concreet 10.Pd2,Pxe4 11. Pxe4, Lxg5 12. Pxd6+
    Overigens was ik niet zeker over hoe te richten. De korte rochade zal best veilig zijn, maar de open gekomen h-lijn biedt voor zwart mogelijk aanvalsdoelen. Misschien speelde het artikel dat ik voor de partij zag over de
    “herboren” Bosboom die zijn tegenstander h-lijnde een rol!
    In de fase tot plm zet 15 had ik zelf het idee dat ik hier en daar wat doortastender had kunnen spelen, maar het lijkt achteraf mee te vallen. In deze fase maakte Kees ook geen echte fouten en dan moet er ook met een pion voorsprong geduld geoefend worden.

De ” desperado” combinatie met 15. Dxf6 leverde nog een belangrijke pion op en dan is het zoals men altijd zo makkelijk zegt ” een kwestie van techniek”. Het eindspel met gelijke lopers en op beide vleugels bood goede winstkansen voor wit. Zoals ik vorige week al zei, als je maar een pion voorsprong hebt, bestaat het risico dat de tegenstander na diverse pionneruilen een licht stuk voor de laatste pion offert met een theoretische remise.
In dit geval bestaat dat risico als wit op een vleugel een pion offert om met de koning naar de andere kant door te breken en daarbij een misrekening maakt.
Overigens deed bij het invoeren van de zetten na 34. g5 nog heel plagerig de suggestie 34. Lb2 met de dreiging 35. Lc1+ en loperwinat. Toegegeven, het zal niet voor het eerst zijn dat dergelijke ” bedrijfsongevallen” gebeuren! In onze partij gebeurde gelukkig niet en kon ik een belangrijke overwinning noteren.
Niet te geloven dat het seizoen al weer zo ver gevorderd is!
In de na analyse met Kees en later Martin bleek overigens dat het dameoffer zeker praktische kansen biedt, maar vooral als de stelling open komt, zwart gevaarlijk kan counteren, zeker als wit nog niet gerocheerd heeft! Niet zelden faalden mijn winstpogingen op de lange duur.

Ronde 13

Marc – Maurice, 2 maart 2026

1.c2-c4 Pb8-c6 2.Pb1-c3 d7-d6 3.g2-g3 e7-e5 4.Lf1-g2 Pg8-f6 5.e2-e4 Lf8-e7

Stelling na 5…Lf8-e7 (Gesloten Siciliaans met kleuren verwisseld)

Na 1.c4 e5 speelt wit eigenlijk een Siciliaanse opening, maar met wit en dus met een tempo meer. Dat wist ik natuurlijk al, maar ik ben me daar recentelijk wat meer van bewust na de aanschaf van een Chessbase Dvd’tje: “Reversed Sicilian Power” van Nico Zwirs. Hierin wordt besproken hoe je je favoriete Siciliaan ook met wit kunt spelen (interessant voor Najdorf spelers is bijvoorbeeld 1.c4 e5 2.a3 of 2.d3). Heel boeiend, ook in combinatie met het boek “Mastering the chess openings”, deel 3, van John Watson wat ik weer uit de kast heb gehaald, over de voor- en nadelen (zoals het met de extra zet verstrekken van extra informatie) van het spelen van de Siciliaan met wit. Ook leuk trouwens (uit het Watson boek), wat te denken van bijvoorbeeld een reversed Aljechin na 1.c4 e5 2.Pf3 (een Aljechin met de gratis zet c5).

Bovenstaande stelling (na 5…Lf8-e7) uit de partij kan (met verwisselde kleuren) ook ontstaan uit een reguliere gesloten Siciliaan, bijvoorbeeld: 1.e4 c5 2.Pc3 Pc6 3.d3 g6 4.Le2 (de loper gaat meestal naar g2, maar dit kan ook) 4…Lg7 5.Pf3 e5

Analyse, stelling na 5…e5 (gesloten Siciliaans met zwart)

In de partij is het eigenlijk alsof wit na 5…e5 zou zeggen “ach, doe nog maar een zet”, waarna ik de zet Pge7 (of iets anders) mag spelen.

6.Pg1-e2 0-0 7.0-0 Lc8-e6 8.d2-d3 Dd8-d7 9.f2-f4 Le6-g4 10.f4-f5 Pc6-d4 11.h2-h3 Lg4xe2 12.Pc3xe2 c7-c5 13.g3-g4 b7-b5

Stelling na 13…b7-b5

Het was nodig om 13…h7-h6 te spelen, waarna de computer de stelling beoordeeld als gelijk. Na 13…b5 14.g5 staat wit beter, want na 14…Pe8 staat zwart veel te passief, en na 14…Ph5 (zoals in de partij) gaat materiaal verloren.

14.g4-g5 Pf6-h5 15.Pe2xd4 Ph5-g3 16.Pd4xb5 (ik wilde zwart zo min mogelijk kans op tegenspel geven, maar 16.Tf3 of zelfs 16.Tf2 kan ook) 17.Lg2xf1 f7-f6 18.h3-h4 a7-a6 19.Pb5-c3 Dd7-e8 20.Pc3-d5 Ta8-a7 21.b2-b3 g7-g6 22.Lf1h3 De8-d8 23.Dd1-g4 Tf8-f7 24.Kg1-h2 a6-a5 25.f5xg6 h7xg6 26.g5xf6 Le7xf6 27.Dg4xg6 Lf6-g7 28.Lc1-g5 Dd8-f8 29.Lh3-e6 Kg8-h8 30.Dg6-h5 Kh8-g8 31.Ta1-g1 zwart heeft sterk verdedigd, maar de witte druk op de zwarte koningstelling was na het materiaalverlies op de 14de zet gewoon te groot; Maurice vond het hier wel mooi: 1-0.

Thomas – Ron

Voor iemand die wel eens een partij verliest door een grove fout, heb ik maar twee opbeurende toevoegingen;
Ten eerste overkomt dat iedereen wel eens, ook de beste spelers ter wereld.
Ten tweede maakt het.optreden van fouten dat veel partijen de moeite van het bekijken en naspelen waard. Een partij zonder grote fouten verloopt vaak wat gelijkmatiger, om niet te zeggen saai

Nu heb ik het idee dat dat in de partij tegen Ron niet het geval is. Er was veel spanning onderhuids, een soort loopgravenoorlog. In de vrij ongebruikelijke Steinitz variant die ik af en toe tegen het Frans toepas, volgden we zo’n acht zetten theorie, althans wat ik in mijn nog werkende databases kon vinden.
Op zet 9 waren nog 9. Pbd2 en 9. c3 bekend. Maar naar mijn bescheiden mening is 9. Lf4 ook logischer dan Pbd2, tenzij de bedoeling is de loper te fianchetteren. Maar omdat ieder op zijn helft blijft, is er meer mogelijk, een kwestie van smaak ook.
Na 9..h6 moest ik mezelf inhouden om niet 10. Dd2 te spelen met offer ideeën op h6.
Toen ik 10.Lxf3 zag, liet ik het idee varen maar in de na analyse bekeken we nog de voortzettingingen na 11. gxf3 en 12. Kh1 met aanvalskansen via de open g-ljin. De computer geeft een minuscuul nadeeltje voor wit maar dat maakt het idee niet minder interessant.
Eigenlijk valt er niet meer te zeggen over de partij dan dat het evenwicht niet noemenswaardig verstoord bleef en er wederzijds geen grove fouten gemaakt zijn.
Ronduit saai was het ook allemaal niet, de boeiendste varianten bleven wel tot de analyse beperkt.
Enkele momenten licht ik er uit.
Op meerdere momenten was a2-a4 inlassen nuttiger geweest. 14. b3 was wat verplichtend en had beter door 14. c3 vervangen kunnen worden.. Een kritiek moment was zet 15 waar Ron duidelijk twijfels had over wel of niet op d4 nemen.
Zelf moest ik ook eerst mijn berekeningen dubbel checken.
Vooral aftrekschaakjes met de loper naar h7 hangen als een zwaard van Damocles boven de stelling.
Ik herinner me nog een partij toen ik net lid was van Aris de Heer, won ik een keer een dame met een soortgelijke combinatie.
Maar het bleek allemaal net te kunnen en Ron wist bekwaam mij tot een afwikkeling te dwingen waarbij de mooiste muziek wel uit de stelling was.
En andermaal bleek dat Ron moeilijk te verslaan is!

Martin – Paul

Een leerzame en plezierige partij, die wat mij betreft een mooie oefening was in de praktijk van openingsprincipes. De drie Pionnen Aanval tegen het Konings-Indisch bood een helder kader: Wit weet wat het wil, en de taak is vervolgens om dat plan met voldoende precisie uit te voeren.

De partij verliep soepel, maar dat vroeg wel om constant vooruit te denken — zien hoe de stelling zich stap voor stap ontvouwt en tijdig anticiperen op wat komen gaat. Aanvallen is méér dan pionnen oprukken; het is een kwestie van ritmisch en secuur werken, zodat het initiatief nooit verslapt.