Alle berichten van Martin Zwaneveld

Thomas-Marc Partij, analyse en commentaar!

Komt dat zien, komt dat zien. Onze Tita tovenaar aan het werk, Hieronder eerst het verslag van Thomas daarna die van Marc.

Door Thomas
Gisteravond had ik het lange tijd heel zwaar tegen Marc, een “investering” van kwaliteit en pion is toch wel een behoorlijke uitdaging tegen een speler van zijn kaliber!
Tijdens het invoeren van de partij viel me al meteen op dat bij de eerste 10 zetten de benaming van de opening divers keren wisselde.
Het begon als Engels, werd even Frans en daarna weer een soort gesloten Siciliaan om uiteindelijk weer te landen als Engels Agincourt- Kurajica systeem. Grappig om zulke overgangen te zien! 6.. h5 was wat optimistisch en Marcs koelbloedige h3 maakte meteen duidelijk dat dit geen optimale strategie was maar wel mogelijk met nadelige gevolgen voor de wat langere termijn.
En 10. Pb5! vond ik een vervelende zet. De penning op de a-lijn en de zwakte van d6 waren ook geen hoopvolle signalen. Het kwaliteitsoffer leek praktisch de relatief beste kansen te bieden en ook de engine keurt het niet direct af en tijdens het doorrekenen zelfs even in het begin als eerste optie. Maar het voordeel was duidelijk bij Marc. Een belangrijk moment was het pionoffer op d5

Mijn oorspronkelijke plan na 18. Lxd5 was Te8+ om in ieder geval de witte rochade en verdere consolidatie te verhinderen maar 18. Pe5 houdt ook wat opties voor tegenspel open. Naarmate ik meer naar de stelling keek, was ik toch minder optimistisch over mijn kansen.
Overigens na de partij kwam Ron nog met de suggestie om in plaats van 17. ed5 , 17. Ta4 te spelen met het idee Ta8 en na activering van de zwarte dameloper volgt torenruil wat zwarts taak verder bemoeilijkt.
En de engine vind dit ook een goede optie..
En de aandachtige lezer zal ondertussen tussen de regels door gemerkt hebben dat mijn verhouding tot de engine wat dubbel is. Aan de ene kant de soms “onmogelijke” zetten die deze voorstelt , aan de andere kant de fantastische ressources die hij soms tevoorschijn tovert die bij een “handmatige” analyse niet of pas bij toeval na jaren naar boven komen! Zie bijvoorbeeld mijn commentaar van vorige week, het paardschaakje op d6.
Ook op zet 19, na 19. Tb4 veranderde ik van gedachten. Ik was Dd6 van plan en keek ook nog even naar Dc5 en Df6.
Maar mede de doorslag gaf de mogelijkheid van terugwinnen van de kwaliteit en de mogelijkheid om tempi te winnen. Wit was hooguit 1 of 2 zetten verwijderd van consolidatie en beslissende materiaalvoorsprong.
Het nadeel was wel weer dat vanaf zet 23 wit het loperpaar had en nog steeds een pion voorsprong. Mede dankzij de aanwezigheid van ongelijke lopers ging het weer richting gelijkspel Na 27. Tf1 ipv het betere 27. b3 en helemaal na 28. Tf6 ipv het tussenschaak 28. Dc4+ ging het ineens helemaal mis voor wit. Terwijl dit heel begrijpelijke zetten zijn. Overigens speelde ik ook met de gedachte na een eventueel g4 om aanvalslijnen tegen de zwarte koning te openen, mijn loper te offeren maar uiteindelijk kwam de tegenaanval van een andere kant.
Op het eerste gezicht leek het of wit achter elkaar mat ging, maar in de vooruitberekening waren er steeds geitenpaadjes
en het risico dat de schaakjes op zouden raken, met het gevolg dat de carambole weer voor wit was
Een concreet voorbeeld (niet geforceerd) Na 33. Kd3, De4+

  1. Kc4, Dd3+ 35. Lc3, Dd1+ 36. Ka3 moet zwart weer als de bliksem iets verzinnen tegen Df8+ en spoedig mat. Het mat lukte uiteindelijk niet, maar in het vooruitzicht van beslissend materiaalverlies staakte Marc de strijd. Maar ik was zeker ontsnapt en het openingsexperiment is niet voor herhaling vatbaar!

Commentaar en feedback van Marc

Marc – Thomas, 9 februari 2026
1.c2-c4 e7-e6 2.e2-e4 (Ron vindt deze opstelling maar niets, en waarschijnlijk heeft hij gelijk want er
zijn niet veel mensen die na 1.e4 e6 2.c4 spelen; maar ik vind het toch wel iets hebben) 2…c7-c5 (de
tweede keus in de database; meestal komt 2…d5 3.ed5: ed5: 4.cd5: Pf6 maar dan is het wit die op
activiteit speelt met de geïsoleerde pion) 3.Pb1-c3 Pb8-c6 (verhinderd 4.e5, na 3…Pf6 4.e5 Pg8 5.Pf3
Pc6 is 6.d4 een bekend pionoffer met kansen voor zowel wit als zwart (Mikenas variant); in een
externe partij niet zo lang geleden ontweek zwart dit ook zonder Pc6 met de volgorde 1.c4 Pf6 2.Pc3
c5 3.g3 e6 4.e4 wat ook zeker een interessant idee is) 4.g2-g3 g7-g6 5.Lf1-g2 Lf8-g7 6.Pg1-e2 h7-h5
(hoopt op h4 waarna zwart Pg8-f6-g4 heeft, terwijl het witte paard vanaf e2 niet zo gemakkelijk naar
g5 kan) 7.h2-h3 Pc6-d4 8.d2-d3

Stelling na 8.d2-d3
Ik besloot te wachten met Pd4: totdat het andere paard op c6 dreigt te verschijnen. Ik vraag me af
wat beter is, meteen 8.Pd4: cd4: 9.Pb5 of 8.d3 Pe7 en dan 9.Pd4: cd4: 10.Pb5. Beide zetten, d3 en
Pe7, zijn nuttig; na d3 heeft wit Lg5 als optie, maar na Pe7 kan zwart eerder rokeren. Misschien is
8.Pd4: toch iets beter, om de dreiging Pc3-b5-d6 (eventueel ondersteund door Dd1-a4-a3) meer
dreiging mee te geven. De zet Pb5 komt trouwens over het algemeen alleen in aanmerking als zwart
nog niet gerokeerd heeft, normaal gesproken gaat het paard terug naar e2.
8…Pg8-e7 9.Pe2xd4 c5xd4 10.Pc3-b5 Dd8-b6

Stelling na 10…Dd8-b6
Tijdens de partij dacht ik dat 10…d6 goed voor mij zou zijn, maar na 11.Da4 Pc6 12.Da3 Lf8 vind mijn
computer de stelling gelijk. 10…d5 11.ed5: ed5: 12.Lf4 was wel iets beter voor mij geweest.
11.Dd1-a4 a7-a6 12.Lc1-d2

Stelling na 12.Lc1-d2
De loper laat de b2-pion los, maar ik wilde na ab5: Da8: bc4: de zwarte c-pion ophalen met Ta1-c1xc4
(wit moet trouwens oppassen voor La5 ab5:).
12…a6xb5 13.Da4xa8 b5xc4 14.Ta1-c1 0-0 15.Da4-a3 Pe7-c6 16.Tc1xc4 d7-d5

Stelling na 16…d7-d5
Dit vond ik een lastig moment, de pion pakken of niet? Uiteraard is de pionwinst erg riskant, maar na
lang nadenken kon ik voor zwart niets concreets vinden dus ik kon de gratis pion niet weerstaan.
Daar moet ik wel bij vermelden dat ik het idee Tc4-a4-a8 (zoals aangegeven door Ron in de na-
analyse), ofwel direct met 17.Ta4 de4: of na 17.ed5: ed5: 18.Ta4 om de4: te voorkomen, niet had
gezien.
17.e4xd5 e6xd5 18.Lg2xd5 Pc6-e5 19.Tc4-b4 Db6-d8

Stelling na 19…Db6-d8
Sterk gespeeld, ik had alleen gekeken naar 19…Dc5 20.Le4 en 19…Dc7 20.Db3. Na 19…Dd8 en het
voor de hand liggende 20.Le4 wint zwart vrij geforceerd de kwaliteit weer terug (een punt van Dd8 is
dat het de diagonaal a3-f8 open laat).
20.Ld5-e4 (niet 20.Lb7: Lb7: 21.Tb7: Dd5) 20…Tf8-e8 21.Ke1-d1 (de koning moet wel van de lijn af)
21…Lg7-f8 22.Da3-a4 Lf8xb4 23.Da4xb4 Lc8-e6

Stelling na 23…Lc8-e6
De loper staat geweldig op e6 en valt aan op beide flanken (pion a2 en na Dd7 ook pion h3). Ook
deze zet had ik niet verwacht, want het laat de b7-pion los, maar ik kan niet slaan: 24.Db7: Pd3:
25.Ld3: Ld5.
24.f2-f4 f7-f5 25.f4xe5 f5xe4 26.d3xe4 Dd8-d7 27.Th1-f1

Stelling na 27.Th1-f1
Tegen Df7 en op zoek naar tegenspel met Tf6, maar dat pakte verkeerd uit. Mijn computer evalueert
de stelling na 27.Lf4! als gelijk (sluit ook de f-lijn en dekt e5). Heb ik helaas niet naar gekeken, en had
ik wel moeten overwegen, maar ik had het gevoel dat mijn stelling sowieso begon in te storten en
was dus eigenlijk wanhopig op zoek naar actieve tegenkansen en niet meer zozeer op zetten om de
stelling bijeen te houden. In de na-analyse gaf Thomas 27.Lh6 als optie met het idee 27…Lh3: 28.Th3:
Dh3: 29.Db7: maar zwart houdt de 7 de rij onder controle met Df7, ofwel na nog een paar schaakzetjes
ofwel meteen na 27.Lh6. Toch was dat misschien beter als actieve optie dan Th1-f1-f6.
27…Le6xh3 28.Tf1-f6 Dd7-g4

Stelling na 28…Dd7-g4
Dit had ik gemist in de vooruitberekening bij 27.Tf1, na Dg4 kan de koning niet naar c1, want Tc8,
Kb1, Dd1 loopt mat, en met een witte koning in het open veld op e1 staat zwart ook gewonnen.
De zet 28.Tf6 was te automatisch gespeeld (toren aangevallen, toren weg; en zoals gepland naar f6)
en ik had in plaats daarvan 28.Dc4 moeten proberen. Een echte computer-zet trouwens, ik weet niet
of ik dat bij langer nadenken wel had gevonden, maar aangezien Tf6 direct verliest, en Dc4 is een
schaakzetje, dus misschien… De dame staat actiever op c4 dan op b4 (zwart moet Df7 in de gaten
houden) en als zwart 28…Le6 speelt staat Tf1 tenminste niet meer aangevallen. Ook na 28.Dc4 blijft
zwart trouwens duidelijk in het voordeel.
29.Kd1-e1 Dg4xe4 30.Ke1-f2 De4-g2 31.Kf2-e1 Dg2-h1 32.Ke1-e2 Te8xe5 33.Ke2-d3 Dh1-b1 34.Kd3-c4
Db1-c2 35.Ld2-c3 b7-b5 0-1 (een mooie en verdiende overwinning van Thomas, die ook in de na-
analyse nog diverse fantastische varianten tevoorschijn toverde die ik helaas niet meer kan
reproduceren).

Keizer ronde

Martin – Thomas

Thomas: Was het thema van de lesavond vorige week schwindelen, het toeval wilde dat ik gisteren ingedeeld werd tegen Martin, die de afgelopen jaren op dit vlak al wat sterke staaltjes heeft laten zien.
Ik was wel vastbesloten voorzover ik zelf niet zou hoeven schwindelen , me in ieder geval niet te laten ” beschwindelen”!
We speelden zoals al vaker de Bremer variant van het Engels, ook bekend als “Reverse Dragon”.
We volgden de theorie tot en met zet 10.

  1. Te1 kon ik niet meer terugvinden, maar de zet ziet er logisch uit. Wit wil zijn koningsloper behouden voor de verdediging zonder een kwaliteit te hoeven offeren.
    De witte stelling lijkt op het eerste gezicht passief maar solide, echter schijn bedriegt.
    Praktisch vanuit het niets kunnen aanvalskansen opdoemen. In de fase tussen zet 10 en 15 speelde ik wellicht wat te scherp.
    Vooral 12.. h5?! was wat optimistisch en maakt de korte rochade onaantrekkelijk.
    En 14. Pb5 is zo,’n typische zet waar de engine niet van onder de indruk is, maar de tegenstander aardig op het verkeerde been te zetten. Zo wilde ik al heel enthousiast de h-pion naar h4 laten doorstomen, toen er ineens allemaal alarmbellen gingen rinkelen. Offers op e5! Gaat dat wel goed voor zwart?
    En 14.. h4 kon objectief wel, maar er volgt 15. Pxe5, fxe5 16. Lxc6, bxc6 17. Pxa7+ met nog steeds een kleine plus voor zwart, maar de positie is behoorlijk tricky geworden.
    Tijdens het invoeren van de partij viel me iets merkwaardigs op. Na 15. d4, e4 gaf een engine gestuurde pijl aan dat wit zijn dame in het verderf moest storten met 16. Dxe4?! wat complete kamikaze lijkt ivm 16.. Lf5 en spoedige opsluiting. Meteen na invoering van de partij ging ik de stelling eens zonder digitale hulo bekijken. Zou ik zelf de oplossing vinden? Ik kwam niet verder dan Pe5 waarna de schade blijft tot stukverlies en eventueel 17. Dxf5?!, Dxf5 18. e4 met twee stukken voor de dame en vage rommelkansen. Overigens liet Martin nog een variant tijdens de analyse zien met een soortgelijk dameoffer in combinatie met een opmars van de d-pion naar d5.
    Allemaal creatieve ideeën, maar de engine komt met een daverende verrassing. Na 16. Dxe4, Lf5 volgt 17. Pd6+!
    en wit redt niet alleen zijn dame , maar bereikt meteen een leuk voordeel (ruim +2)
    Dat zou vorige week een leuk plaatje hebben opgeleverd op het scherm!
    En zo zaten er meer momenten in deze zeer boeiende en spannende partij.
    En gek genoeg, de zet waar ik niet zo gerust op was, 16. Ph4 leidt tot een duidelijk nadeel voor wit , meer dan min drie.
    Het intermezzo met a7-a6 was achteraf niet niet handig want het paard wordt naar een beter veld gejaagd. De tactiek over en weer alsmede de wegtikken de klok maakte het met elke zet bijzonder spannend.
    Om niet alle gras voor Martin zijn voeten weg te maaien.
    Na het ogenschijnlijk logische
    20.. Pb4 miste wit 21. Dxc7+,Dxc7 22. Txc7+, Kxc7 23. Pe6+ gevolgd door Pg5
    met de dubbele dreiging Pf7 en Pxh3. Maar de stelling zat ook vol met dit soort latente dreigingen. In de na analyse kwamen nog allerlei spectaculaire winst pogingen van zwart en winnende wandel koningen van wit op het bord.
    Kortom, een van de lastigste, maar ook inhoudsrijke partijen die ik bij Aris de Heer gespeeld heb!

Ron – Marc, 2 februari 2026

Door Marc: 1.c2-c4 f7-f5 2.d2-d4 Pg8-f6 3.Pb1-c3 d7-d6 4.Pg1-f3 g7-g6 5.e2-e3 Lf8-g7 6.Lf1-e2 0-0 7.0-0 a7-a5
8.Dd1-c2 Pb8-a6 9.a2-a3 Dd8-e8 10.Ta1-b1 e7-e5 11.b2-b4 a5xb4 12.a3xb4 c7-c6

Stelling na 12…c7-c6
Het is nuttig om bij een zet niet alleen te kijken naar wat het voordeel van die zet is, maar ook naar
wat de zet opgeeft (alles heeft voor- en nadelen). Zo geeft c7-c6 het veld b6 op, dus een optie was
de5: de5: Pa4 (maar iets anders kan natuurlijk ook, zo stelde Ron na de partij bijvoorbeeld 13.Te1
voor wat er ook goed uit ziet, de toren op de lijn van de dame maakt ed4: lastiger). Wit speelde Db3,
maar dat geeft het veld e4 op, dus kon ik mijn paard daarheen sturen.

13.Dc2-b3 Pf6-e4 14.Tf1-e1

Stelling na 14.Tf1-e1
Na Te1 komt wit in een vervelende pin over de lange diagonaal. Mijn computer geeft de voorkeur
aan 14.de5: Pc3: 15.Dc3: de5: 16.Lb2 Tf7 met een open strijd om de diagonaal, waarbij de computer
voordeel geeft aan wit.
14…Pe4xc3 15.Db3xc3 e5-e4 16.Pf3-d2 c6-c5 17.b4xc5 d6xc5 18.Lc1-a3 Tf8-f7 19.f2-f4 (gericht tegen
f5-f4 ideeën voor zwart) 19…Lc8-e6 20.Tb1-b5

Stelling na 20.Tb1-b5
Mijn computer geeft 20.Pb3 b6 met gelijk spel. De toren komt met Tb5 de zwarte stelling binnen
(altijd vervelend), verhinderd b6, en houdt misschien een optie open voor alsnog Pb3. Echter, de
toren staat daar ook wat kwetsbaar, waarvan ik probeerde te profiteren met Tc8, dreigt cd4: en
Db5:. Maar dat zag Ron natuurlijk wel. De computer geeft de voorkeur aan 20…cd4: 21.ed4: Pc7 en
als 22.Tb7: dan 22…Dd8 23.Lc5 Pa6 met voordeel voor zwart, maar dat is allemaal vrij ingewikkeld.
20…Ta8-c8 21.Te1-b1 Tc8-c7 22.Pd2-b3 c5xd4 23.Pb3xd4 Tf7-d7

Stelling na 23…Tf7-d7
Ik meen mij te herinneren dat ik Ron hier zachtjes Tb6 in zichzelf hoorde mompelen (was erg sterk
geweest: 24.Tb6 Lf7 25.Ld6), maar gelukkig voor mij koos hij toch voor 24.c5 waarna mijn computer
de stelling na 24…Pb8 weer gelijk vind.
24.c4-c5 Pa6-b8 25.Le2-c4 Le6-f7 26.Dc3-b3 Lg7xd4 27.e3xd4

Stelling na 27.e3xd4
Ik kon 27…Td4: niet goed overzien, dus ik koos voor 27…Pc6. Echter, wat ik had gemist, en gelukkig
voor mij Ron ook, is dat zwart na Ld4: zeer zwak is geworden over de zwarte velden. Na 23…Pc6 had
wit een goede mogelijkheid met 28.d5 Pd4 29.Dc3 Pb5: 30.Lb5: Ld5: 31.Lb2. Uiteraard een
computervariant en niet zo eenvoudig, maar het gaat om het idee, dat wit nu de lange diagonaal kan
innemen.
27…Pb8-c6 28.Lc4xf7 met een remiseaanbod wat ik zonder veel nadenken accepteerde. Mijn
computer geeft een voordeeltje voor zwart, maar ik kon niet goed inschatten wie in de eindstelling
nou beter staat en ik vond het wel prima. Remise is denk ik wel een terechte uitslag van een leuk
partijtje met wisselende kansen, al denk ik dat over het geheel genomen Ron het dichtste bij een
overwinning is geweest…

Frank – Wouter

Door Frank: Wederom rustig opgebouwd. Wouter probeerde op de damevleugel aan te vallen, ik op de koningsvleugel. Ik kreeg voordeel toen Wouter op de 21e zet f3 speelde.

Ik won toen een kwaliteit en een pion. Dat bouwde ik mooi uit totdat ik op zet 37 Dg3 speelde. In een externe partij zou ik dat overigens niet doen en gewoon stukken afgeruild hebben. Ik offerde de kwaliteit terug en gaf ook 2 pionnen terug. Wouter zat al flink minder in zijn tijd dus moest relatief snel beslissingen nemen. Zet 42 Dxa7 vind de engine echt fout, hierdoor krijg ik weer meer voordeel (zie maar eens dat Ta1 beter is op zo’n moment…)

Mede door de tijdnood besluit Wouter begrijpelijkerwijs de dames te ruilen, maar mijn koning staat natuurlijk ook veel sterker dan de zijne. De pion stoomt op tot c2 en ik heb daarna vrij spel omdat de witte stukken moeten voorkomen dat ik promoveer. Na 54 Kf4 gelooft Wouter het terecht wel en geeft op.

Verslag Lesavond 26 Januari

Gisteravond was er een enthousiast clubje belangstellenden aanwezig om meer over schwindelen te weten te komen. Ook was er een nieuwigheid in de vorm van een beamer waarop de zetten geprojecteerd werden. Vakkundig bediend door Martin bood dit een zeer professionele aanblik. Ook mooi was dat ons knusse maar gezellige clubje een nieuw gezicht kon verwelkomen; Ernst werd door enkele van onze meer ervaren clubleden getrakteerd op een sessie met nuttige tips om een goede partij op te zetten. Laten we hopen dat hij zich thuis blijft voelen bij onze club
en bovenal veel plezier te beleven aan het prachtige schaakspel!

Het thema van de avond was zoals gezegd de schwindel.
Dit is een bijzondere vorm van de combinatie, die meestal bestaat uit een reeks zetten met een geforceerd karakter met het doel mat te zetten of anderszins voordeel te behalen.
Bij een schwindel hoeft geen sprake te zijn van fotderende zetten. Niet zelden wordt de tegenstander in verleiding gebracht een zet te doen die groot voordeel lijkt op te leveren maar door een onverwachte wending die de mindere partij remise maakt of zelfs wint.
Een aantal voorbeelden uit mijn praktijk en die van (groot)meesters passeerden de revue.
Het eerste voorbeeld was een partij die ik als 23-jarige speelde tegen een meneer genaamd Jan Smit. Met enige moeite kon ik de aanwezigen overtuigen dat hij niet na deze partij zingen als hobby had gekozen. Er was overigens ook weinig reden tot zingen gezien het verloop van de partij!

Na een poging tot aangenomen Morragambiet werd de witte pionnenstelling al snel versplinterd, alleen bood het loperpaar wat vage kansen. Op zet 17 dacht zwarte te oogsten met het ogenschijnlijk verpletterende 17.. Pc4. Er dreigt mat op b2 en 18. Lxc4, Txc4 met de dreiging Tb4+ gaat materiaal kosten.

Echter het verrassende 18. Ld4! leidde tot onmiddellijke capitulatie. Na 18. Pa3+ 19. Dxa3 Dxa3 volgt 20. Txg7+ met spoedig mat en 18. Dxd4 19. Lxh7+ kost de dame. Toch was dat zwarts kans geweest er nog enigszins een partij van te maken. Na 19.Kxh7 20. Txd4, b5 21. Dc2+,g6 is het nog een technische klus. Gezamenlijk bekeken we wat mogelijke voortzettingen en de conclusie was dat wit dit moet winnen na een technische fase.

Het tweede voorbeeld was een partij die ik als 19-jarige in het Alkmaars kampioenschap. Een stukje geschiedenis.

Begin jaren tachtig werd dit kampioenschap na jaren afwezigheid op de kalender nieuw leven ingeblazen dankzij sponsoring van de NMB (een voorloper van ING) en een Alkmaars computer bedrijf.
Na een korte onderbreking in de jaren 90 wordt dit toernooi nu al ruim 20 jaar mogelijk gemaakt door een bekende tapijtenlegger in Noord-Holland.

Mijn tegenstander Hein Spaan was jarenlang een boegbeeld van schaakclub Bergen en speelde op KNSB niveau. In 1982 had ik de tweede groep gewonnen en kon door mijn examenjaar geen gebruik maken van mijn promotie recht Het jaar daarop kon dat wel en werd ik vijfde Niet zonder enig fortuin, zoals bleek uit deze partij.Na een licht voordeel uit de opening te hebben gehaald begonnen rond zet 20 de problemen voor zwart. Met enkele blufzetten werd wit even bezig gehouden maar dit had niet afdoende moeten zijn. Pas toen wit verzuimde en passant op e6 te slaan ging het bergafwaarts.

Het derde voorbeeld was een leuke schwindel tegen Eline Roebers . Het publiek mocht in alle gevallen de schwindel raden en die werd meestal vrij snel gevonden. We vroegen ons ook hardop af bij het behandelen van losse stellingen of grootmeesters dergelijke zetten zouden missen. De conclusie mag zijn dat dat niet uitgesloten is, zeker in tijdnood!
Wat we overigens weinig gebeurd, ik was na enkele uren door mijn voorbeelden die ik had voorbereid heen.
Vastbesloten bij een eerstvolgende gelegenheid de tegenstander te beschwindelen verliet men tevreden ons kleine theatertje.


Verslag interne competitie 12 Januari

Frank – Gerrit
Een rustig opgebouwde partij. Gerrit speelt al snel a6 en h6 wat eigenlijk vaak niet de beste opties zijn als je nog zoveel stukken moet onwikkelen. Gerrit verliest al snel een pion.

Hij blijgt wat achter in ontwikkeling en daar wil ik van profiteren. Misschien te snel, 14. e4 is niet de beste. Zwart moet echter allemaal zetten met zijn dame doen en kan daardoor nie verder ontwikkelen.

Ik kan daarom snel 16.d5! spelen. De computer geeft nu, net als ik de analyse achteraf aan aan Gerrit, dat Pd8 het beste is. Dat voelt heel onnatuurlijk en Gerrit kiest ook voor Pa5. Daardoor doet het stuk helemaal niet meer mee.

Het gaat dan ook snel nu. Na dxe6 moet zwart niet terugpakken, maar ook dat ziet er niet lekker uit. Gerrit pakt wel terug en Pe5 geeft daarna heel groot voordeel met allerlei dreigingen over de diagonaal h5-e8. De beste zet zou h5 zijn, maar ook dat ziet er niet echt hoopvol uit. Na het gespeelde Dd6 is het eigenlijk al direct uit na 19. Dh5+

Zwart geeft op na Kd8, Pf7+ met dameverlies.

Ab – Marc, 12 januari 2026

1.e2-e4 d7-d5 2.e4xd5 c7-c6 3.Pg1-f3 c6xd5 4.d2-d4 Pb8-c6 5.c2-c3 Dc7 6.Lf1-b5 Lc8-g4 7.h2-h3 Lg4xf3 8.Dd1xf3 a7-a6 9.Lb5-d3

Stelling na 9.Lb5-d3

De hand van Ab zweefde even boven mijn paard, een korte twijfel, en toen toch de loper terug naar d3. Echter, Lc1 staat niet gedekt.., en er volgde 9…Pd4:. De computer geeft nog een mooie variant als wit na 9…Pd4: 10.Dd5: had gespeeld, namelijk: 10…Td8 11.De4 f5 12.De3 f4 13.Dd2 f3 14.Dg5 Dc4! (dat is wel mooi gevonden, en de opmars van de f-pion van f7 in een keer door naar f3 vind ik ook wel iets hebben) 15.De3 fg2: 16.Tg1 Pf3 17.Df3: Td3: 18.Dg2: g6 met een iets betere stelling voor zwart.

9… Pc6xd4 10.c3xd4 Dc7xc1 11.Df3-d1 Dc1xb2 12.Pb1-d2 Db2xd4 13.Pd2-f3 Dd4-b4 14.Dd1-d2 e7-e6 15.0-0 Db4xd2 16.Pf3xd2

Stelling na 16.Pf3xd2

Wit staat drie pionnen achter, maar heeft wel een behoorlijke ontwikkelingsvoorsprong. Om de c-lijn af te sluiten was mijn plan 16…Pg8-e7-c6, maar mijn computer heeft een beter idee; namelijk 16…Pg8-f6-d7-c5 (een iets langere, maar betere route). Dat bereikt hetzelfde (afsluiten c-lijn), maar het paard staat op c5 gewoon actiever en dekt vanaf daar ook nog eens de b7-pion.

16…Pg8-e7 17.Ta1-b1 b7-b5 18.Tf1-c1

Stelling na 18.Tf1-c1

Ik speelde hier 18…Tc8 maar mijn computer geeft een veel actievere oplossing… Het zwarte paard wil immers wel naar e5 (of c4), en dat kon gewoon: 18…Pg6 19.Tc6 Pe5 20.Ta6: Ta6: 21.Lb5: Tc6!

18…Ta8-c8 19.Pd2-b3 Pe7-c6 20.Pb3-d4

Stelling na 20.Pb3-d4

Voor de hand liggend en goed was hier 20…Kd7 geweest. Ik speelde 20…Pa7 maar na 21.Tc8: Pc8: 22.Tc1 had Ab een toren naar binnen kunnen sturen via c6 (bijvoorbeeld 22…Kd7 23.Tc6 of 22…Pd6 23.Tc6). Ik sta dan nog steeds beter, maar het was wel lastiger geweest. Gelukkig voor mij stuurde Ab met 22.Pc6 zijn paard en dat had minder impact.

20…Pc6-a7 21.Tc1xc8 Pa7xc8 22.Pd4-c6 Lf8-d6 23.Pc6-b4 Ld6xb4 24.Tb1xb4 Pc8-b6 25.Tb4-b3 Ke8-d7 26.Tb3-a3 Pb6-a4 27.Ta3-b3 Pa4-c5 28.Tb3-c3 Pc5xd3 29.Tc3xd3 Th8-c8 30.Td3-a3 Tc8-c1 31.Kg1-h2 Tc8-c6 32.Ta3-f3 f7-f5 33.Tf3-a3 e6-e5 34.f2-f3 d5-d4 35.g2-g4 g7-g6 36.Kh2-g3 e5-e4 37.Kg3-f4 e4-e3 0-1.

Thomas – Stefan

Stefan, even over uit “down under” maakte het mij gisteravond behoorlijk lastig.
In een minder gebruikelijke variant van het Frans volgden we zo’n 10 zetten de theorie. In plaats van 10. Dc7 was ook wel eens 10. Lb6 gespeeld. Toch zag de zet van Stefan er ook logisch uit. Na afruil van de zwartveldige loper had ik het idee prettiger te staan, maar ook dat het niet veel voorstelde.
Het gaat om een ruim halfje in de plus, niets speciaals in de opening dus.Bijna nog vergeten te zeggen dat voor de tiende zet zwart even zelfs een fractie beter had gestaan, wel zo eerlijk.

Na 14.. Lc6 ipv 14. Tc8 werd het wat substantiëler voor wit.
Toch is het lastig vorderingen te maken.
Het blijft qua waardering ook stuivertje wisselen rond de nullijn.
Na 17.. d4 ipv 17. dxc4 kwam wit weer licht in het voordeel

19..Ke7 is op het eerste gezicht geen gek idee om de torens weer te verbinden, maar op de achtergrond gaat b4-b5 en een eventueel tussenschaak op a3 een rol spelen. Zwart moet nu toch wat meer op zijn tellen passen dan wit. Enkele weken geleden tijdens een rapid speelden we een soortgelijke partij, echter toen was mijn koningsstelling beduidend onveiliger. Wat niet wil zeggen dat wit zich daar alles kan veroorloven!
Na zet 29 en een flinke algemene afruil was mijn voordeel volgens de engine wel groter geworden, maar ik vond het in de praktijk nog technisch erg lastig, mede door de hardnekkigheid van mijn tegenstander. Een computer kan er wel niet ondersteboven van zijn, hier zijn mensen aan het werk!
Vooral 29.. g5! was een uitstekende verdedigingszet , hoe langer ik keek, des te meer veelbelovende winst plannen in de vooruitberekening gepareerd werden.
Ik rekende me al rijk toen zwart met 30.. f6 een tweede pion gaf maar het eindspel bleek nog steeds tricky. Het toreneindspel
na 33. Pc6, Pxc6 34. bxc6 vond ik niet overduidelijk beter vanwege de ongunstige positie van de witte toren.
Na lang nadenken koos ik 34. Pc2 om via Pe3 twee witte pionnen tegelijk te ondersteunen. Ik hield naast 35. Pe5 ook rekening met het speculatievere 35.. Pf4!?.
Als wit even zijn verdediging verwaarloost en matideeen wil creëren met 36.. Pf5? heeft dat een boemerang-effect met 36.. Td1 mat!. Zeker in tijdnood zou dat zomaar kunnen gebeuren.
Maar gelukkig na enkele nauwkeurige zetten was het punt uiteindelijk binnen.

Maar het ging zeker niet zonder slag of stoot!

Caissa Eenhorn – Aris de Heer 3 -3

De avond in Hoorn begon rustig, maar al snel kwam er spanning in de lucht toen Frank als eerste klaar was en met een overtuigende winst Aris de Heer op voorsprong zette. Niet veel later ging het mis bij Marc, die ondanks een degelijke opening in een lastig eindspel terechtkwam en het punt moest laten liggen. Thomas hield ondertussen koel het hoofd in een solide partij op bord 1 en pakte een keurige remise tegen een sterke tegenstander. Daarna was het Koen die met zijn bekende leeuw-opstelling een half punt veiligstelde, al zat er misschien net iets meer in. Martin trok de stand weer gelijk door met geconcentreerd spel zijn tegenstander langzaam te overspelen – eindelijk weer een partij waar alles klopte. Daarmee stond het 3 – 2 en alle ogen waren gericht op Ron. Hij had een scherpe stelling op het bord en leek uitzicht te hebben op minimaal een half punt, maar de klok werd zijn grootste vijand. In tijdnood ging het helaas mis, en zo eindigde de avond in een 3-3 gelijkspel. Op papier een uitslag die tegenviel, maar met genoeg positieve signalen om vertrouwen uit te putten.

BordThuis (Caïssa-Eenhoorn N2)RatingUit (Aris de Heer N1)RatingUitslag
1Ton van Dijk1815Thomas Broek2004½ – ½
2Jelle de Jong1795Marc Holla19431 – 0
3Steven de Waart1808Frank de Geus18810 – 1
4Arnold van der Wolff1774Ron de Vink18711 – 0
5Gerrit Roos1785Koen van Lankveld1808½ – ½
6Rens van der Klei1754Martin Zwaneveld17980 – 1
Gemiddelde rating1789Gemiddelde rating1884Totaal 3 – 3

Ton van Dijk – Thomas (W) 1/2-1/2

Thomas: Het was geen partij waar de vonken van afspatten, maar wel een degelijke schaakavond. Mijn tegenstander vatte het na afloop treffend samen: er werd pas heldenmoed getoond toen er geen gevaar meer dreigde. Ik koos voor de Tsjichorin-variant, waarop mijn tegenstander antwoordde met b7–b6 — een keuze die me bekend voorkwam. Ondanks dat onorthodoxe begin volgden we nog zo’n acht zetten lang de bekende theorie. Mijn negende zet, het creatieve maar twijfelachtige De5, bleek nieuw terrein, waar eerder 9.g3, 9.0–0–0 en 9.a3 op het bord waren gekomen. Zwart wist met enkele nauwkeurige zetten zijn stelling te consolideren, waardoor wit eigenlijk geen voordeel had. Sterker nog, volgens de computer hield zwart zelfs een klein plusje tot de afruil na 18.Pe4, waarna de stelling volledig in evenwicht kwam. Al met al stond wit iets comfortabeler, maar van echt overwicht was geen sprake. Het metalen vriendje op mijn laptop gaf zelfs nog een minuscuul plusje van 0.13 voor 21.c3 in plaats van mijn gespeelde 20.c4. Uiteindelijk verdwenen steeds meer stukken van het bord en werd de damesruil begeleid door een remiseaanbod. Dat aanbod nam ik aan, en zo kon ik mijn voornemen om solide te spelen waarmaken. Het was een partij zonder vuurwerk, maar wel correct en evenwichtig gespeeld. Soms is een saaie partij ook gewoon een degelijke partij.

Jelle de Jong – Marc Holla (Z) 1-0

Marc: Een wijze les: de avond voor een operatie beter geen wedstrijd spelen! Ik was er met mijn gedachten niet bij, slecht gespeeld en kansloos verloren, maar complimenten voor mijn tegenstander die het netjes afmaakte. Maar goed, ingreep vandaag is achter de rug, dat wel

Steven de Waart – Frank de Geus (W) 0-1

Frank speelde een complexe en taaie partij waarin hij lang onder druk leek te staan, maar het strategisch overzicht behield. Al in de opening koos hij voor een rustige opzet met 9.a3 en 10.b3, wat achteraf misschien iets te passief bleek, maar de stelling bleef solide. Zwart probeerde met …h5 aan te vallen, maar doordat het paard op g6 geen directe dreigingen toeliet, kon Frank de aanval rustig pareren. Het cruciale moment kwam rond zet 20, toen hij besloot meteen Pe4 te spelen in plaats van eerst Lxe7 – een keuze die iets minder nauwkeurig was, maar het evenwicht niet verstoorde. Daarna volgde een fase waarin Frank diep moest rekenen; met de elegante tussenzet Td2 bereidde hij de doorbraak Pd4! voor, een zet die de hele stelling van zwart deed instorten.

Frank op zet 20; “Nu het zwarte paard naar d7 is, is veld e4 vrij. Daar wil ik graag heen met mijn paard. Nu even goed kijken wat de juiste volgorde zodat ik uiteindelijk toch de verkeerde kan kiezen. Ik speel direct Pe4 ipv eerst Lxe7. Als ik dat zou doen heb ik na Lxe7 Pe4 met de dreiging Pd6 en dergelijke en sta ik meteen comfortabel. Gelukkig speelt zwart het ook niet goed.

De volgende zet kostte me veel tijd. Het ziet er naar uit dat zwart f5 wil spelen, dat houdt echter in dat de dame op e6 hangt. Dat biedt wel wat perspectief. Ik doe dus de wachtzet Td2.

Zwart hapt en na f5 volgt het fraaie (al zeg ik het zelf) Pd4! Dit zorgt ervoor dat zwart minimaal een verschrikkelijk verzwakte stelling overhoudt.  Mijn tegenstander schrok zo van deze zet dat de beste zetten nu gemist werden wat het voor mij natuurlijk wel makkelijker maakte.”

Vanaf dat moment kwam zijn techniek bovendrijven: rustig consolideren, geen risico nemen, en langzaam druk opbouwen. Zwart verloor de controle, en Frank kon met een paar gerichte ruilen de partij naar zich toe trekken.

Frank; “Ik wilde mijn pion op f2 niet opgeven, de computer vindt dat geen probleem. Ik vindt dat er toch heel eng uitzien. Mijn voortzetting is niet de beste maar zeker niet fout. Ik dreig na 29. Tad1 van alles en zwart heeft weinig goede zetten meer. Ik kan de boel dus rustig afruilen en de overwinning binnen slepen. Na een ruilvariant win ik nog een pion waarna mijn tegenstander het wel gelooft.”

Arnold van der Wolff – Ron de Vink (Z) 1-0

Ron: Ik baalde vooral voor het team, niet zozeer voor mezelf, want mijn rating doet me niet zoveel meer. De externe druk maakt het wel lastig, zeker omdat de tijd ineens wegvloog terwijl ik in de opening maar vijftien minuten had gebruikt. Na zet 15 stond ik volgens mij al duidelijk beter, maar met 17… Dxb2 koos ik een riskante voortzetting die veel tijd kostte. Daarna ontstonden er allerlei complicaties en dreigingen tegen mijn koning, waardoor het overzicht verdween. Met 19… Pf6 verloor ik mijn voordeel en begon de twijfel toe te slaan. De partij bleef ingewikkeld en vol tactische wendingen, precies het soort stelling waar ik normaal van geniet. Alleen kon ik in tijdnood niet meer helder denken en liep de spanning snel op. Rond zet dertig had ik nog maar twee minuten en begon het glippen. In die chaos miste ik meerdere winst- en remisekansen. Achteraf zag ik precies waar het misging, maar toen was het te laat. Het voelde als een frustrerende partij waarin ik niet mijn normale niveau haalde. Toch gunde ik Martin en Frank hun fraaie overwinningen – een halfje van mij had genoeg geweest voor de teamwinst.

Gerrit Roos – Koen van Lankveld (W) 1/2-1/2

Koen speelde een bijzonder degelijke partij waarin beide spelers nauwelijks een fout maakten — een zeldzame prestatie op clubniveau. De analyse toonde maar liefst 96% nauwkeurigheid voor beiden, wat het evenwicht perfect weerspiegelde. In de opening koos Koen voor zijn vertrouwde structuur, bouwend aan een solide centrum en een flexibel pionnenschild. Zijn 16.Nge2 bleek achteraf iets te voorzichtig; met 16.Rd2 had hij volgens de engine zelfs op +0,7 kunnen komen, ondanks het verlies van het loperpaar. Ook zijn tegenstander liet weinig liggen, al was 10…Ne6 minder sterk dan 10…Re8, wat de druk beter had vastgehouden. Het middenspel bleef scherp en tactisch geladen, maar geen van beiden gaf ook maar een blunder weg. Koen hield kalm de controle, verdedigde precies en bleef op de juiste momenten actief spelen. Het resultaat — een terechte remise — was een toonbeeld van solide schaak en onderlinge scherpte.

Rens van der Klei – Martin Zwaneveld (Z) 0-1

Ik kwam als zwart wat onwennig uit de opening, maar reageerde goed op het vroege 3.a3 en 5.c5 van wit — zetten die de damegambietstructuur al snel uit balans brachten. Met de nauwkeurige volgorde …a5, …d5, …c6 en …b6 nam ik langzaam maar zeker het initiatief over. Na de rokades had ik al duidelijk de overhand: mijn stukken stonden actief, het centrum was stevig in handen, en de computer gaf zelfs een voorsprong van ongeveer +1. Vanuit die comfortabele positie bouwde ik het voordeel beheerst verder uit, door geduldig te blijven schaken. Vooral het vastzetten van de witte paarden was belangrijk. Ik ging even terug, omdat er matvarianten op het bord kwamen na 18.De5. De beslissing viel na 22… Lxa5, toen wit zijn stelling niet langer bij elkaar kon houden. In het eindspel schoof ik het technisch uit, zonder mijn tegenstander nog enige kans te gunnen.

Hopelijk betekent deze solide winst dat de vormdip voorbij is.