Rondje snelschaak , 20febr.

 

Het was weer zover. Vakantietijd, vluggertjestijd.

Met slechts 6 deelnemers. Maar die maakten er toch een gezellige avond van.

En het bier smaakte  weer best.

De uitslagen waren weinig verrassend.

Wel dat Marco er weer bij was. Met krukken. In afwachting van een operatie aan de kruisbanden en revalidatie. En desondanks  goed gehumeurd. Evenals Jasper die met vijf nederlagen evengoed  onze vrolijkste noot blijft. Ik ben wel eens stiekem jaloers op al dat jeugdig  élan.

Ron won  de vluggertjes alweer. Had aan een remise tegen Bert genoeg, omdat die ook een remise aan Martin moest toestaan. Eerlijkheid gebiedt te zeggen dat de remise tegen Ron eigenlijk nog een wonder was. Bert was in de opening bijna overspeeld. Dus een dik verdiende eerste plaats voor Ron.

Eindscore:

1. Ron                4,5

2. Bert                4

3. Paul                3

4. Martin             2,5

5. Marco             1

6. Jasper            0

 

Stand na ronde 18

Overzicht voor ronde 18, gespeeld op 13 februari 2017

Wit

 

Zwart

Uitslag

Peter van Putten

Marco van Wijk

0-1

Ab Hauer

Jasper Ittmann

1-0

Bert Kuijer

Externe wedstrijd

½-½

Martin Zwanenveld

Externe wedstrijd

0-1

Gerrit van Dok

Externe wedstrijd

0-1

Ron de Vink

Externe wedstrijd

½-½

Frank de Geus

Afwezig met geldige reden

 

Joop Kuijer

Afwezig met geldige reden

 

Paul Verkooijen

Oneven

 

niels Kuier

Afwezig met geldige reden

 

Ranglijst bijgewerkt t/m ronde 18

Nr

Naam

Punten

Wa

Gsp

Gw

Rm

Vl

Perc

1

Bert Kuijer

206,00

18

16

12

2

2

81,3

2

Ron de Vink

190,67

17

16

6

9

1

65,6

3

Paul Verkooijen

178,00

16

12

6

5

1

70,8

4

Martin Zwanenveld

152,33

15

16

6

3

7

46,9

5

Gerrit van Dok

148,33

14

16

4

8

4

50,0

6

Frank de Geus

146,17

13

10

4

4

2

60,0

7

Jasper Ittmann

92,00

12

16

1

1

14

9,4

8

niels Kuier

89,83

11

9

3

1

5

38,9

9

Peter van Putten

87,00

10

11

2

2

7

27,3

10

Marco van Wijk

82,33

9

9

3

1

5

38,9

11

Ab Hauer

77,33

8

8

3

2

3

50,0

12

Joop Kuijer

21,00

7

0

0

0

0

0,0

 

Ronde 18

Wegens bekerwedstrijd slechts twee partijen. Waarover ook niet heel veel te vertellen valt.

Jasper speelde voor de externe kort geleden verrassend goed volgens Ron. Misschien wel zijn beste partij tot nu toe.  Dit keer speelde hij voor de interne zijn slechtste partij van dit seizoen. Hij gaf tegen Ab niet op de hem eigene wijze éen stuk weg, maar hij deed nu aan de lopende band bijna al zijn stukken aan Ab kado. Die dat in het begin misschien wel leuk vond, maar waarschijnlijk al gauw lichtelijk genant.  Zo wil je ook liever niet winnen.

 18Jasper1   18Jasper1

13 …. Dg5??  14. Tf3! En het paard gaat verloren omdat het gepend staat.  Dat is één!\

Bij zet 17.

18Jasper2  18Jasper2

17. Pd4  Dc4 ?? (om de loper op e6 te dekken. Pxd4!? lijkt wat logischer) 18. Pd2! Tempootje. Dame moet weg en kan dus de loper op e6 niet blijven dekken. En de loper op e6 staat anderszins ook niet gedekt en gaat dus verloren.

Dat is twee!

Na zet 19.

18Jasper3  18Jasper3

19. …  Tfe8  ( waarom geen Tf7 om c7 te dekken?) 20 Pxc7 met een drietandige vork!

Dat is drie!

18Jasper4 18Jasper4

22. … Pd4???  Eenvoudig rekenwerk laat zien: dat stuk staat daar één keer gedekt, en twee  keer aangevallen.  Onze ‘belofte voor de toekomst’ is dat stuk dus ook kwijt!

Dat is vier!

Kort daarna gaf Jasper op. Ab was een maatje te nuchter voor hem.

Het geheel deed me denken aan een kinderspelletje: Heb je wel gehoord van de zeven, de zeven, heb je wel gehoord van de zeven sprong?.  Dat is één!   Dat is twee!  Dat is drie! Alleen de zeven haalde hij niet meer.

Hoe komt zoiets nu toch??

Datzelfde kun je je afvragen bij Peter (wit) tegen Marco.

Over de opening valt weinig sombers te melden. Behalve  dat ik iedere keer weer verbaasd zie hoe Marco vóór hij zijn koningsloper ontwikkelt Pg8-e7 speelt. Er bestaat in de Siciliaan wel een ‘Taimanov-variant’ met Pe7 maar die moet je echt wel kennen wil je daar iets mee kunnen aanvangen.  Maar hier gaat het toch allemaal wel net goed. Marco staat zelfs al gauw iets beter. Na 17 zetten heeft hij weinig te klagen. Wit heeft een achtergebleven’ pion op d3.  Zwart heeft het ‘loperpaar’.  In een open stelling een voordeel!

18Marco1  18Marco1

Wit dreigt daar een eind aan te maken met Pxd6 , maar na  17. ….  De6! mag wit niet slaan op d6 wegens mat in twee op e1! En na 18. Lb2  volgt Dh3!  En weer mag wit niet slaan op d6 wegens mat op g2. En zeer binnenkort haalt zwart deaarna die loper weg van d6 en behoudt het loperpaar.

Tot nog toe lijkt het allemaal nog op echt schaak. Maar dan:

Marco speelt  17. .. De5??  Valt ook even de toren op a1 aan.

18Marco2  18Marco2

Maar  daar heeft Peter iets heel leuks op bedacht :  18. Lf4 !!  En dat kost zwart dus een stuk!! Dd4 19 Pxd6  Ooit verweet Jos mij dat ik niet zo vaak voor de jeugd moest schrijven dat je best zo’n stelling mag opgeven. Wat ze bijna nooit doen. Marco doet het nu ook niet, en krijgt warempel nog gelijk ook. 19. Txe1+ Dxe1  21. Dxd3

18Marco3 18. Marco 3

Na Dd1 kunnen de stukken in de doos. En een winstnotering voor Peter. Maar Peter speelt  21.  Df1 ???? en kan na Df3 !!!  zelf opgeven. Wegens ondekbaar mat! Door de witte dame op f1 heeft wit geen vluchtveld voor zijn koning en gaat mat op h1.

*Ik heb vroeger zelf al eens vastgesteld dat je ongelofelijk moet gaan oppassen als je gewonnen staat. Dan word je gemakkelijk te lichtzinnig!  Arme, arme Peter. “Ben je boos op me? “, vraagt Peter na afloop. “Nee” zeg ik. “Dit is een belangrijke opsteker voor Marco, nu hij eindelijk weer in ons midden kan zijn. Dat heb je heel goed gedaan Peter.”

Bekeren tegen Wijker Toren

Heel slecht ging het niet. Pas laat in de partijen vielen de steken. En dus – alweer-  verloren. Maar dat zijn we gewend, dat was altijd al in bekerwedstrijden.

Bert speelde uitstekend. Hij moest optornen tegen een Grünfeld-Indisch. Ik vond het altijd een nare opening om tegenin te moeten zwoegen. Kun  je tegen het KoningsIndisch ( met d6) nog wel eens wat spannends proberen (Vierpionnenspel, of Sämisch met f3 en lange rochade) tegen Grünfeld (met d5) wordt het altijd  eindeloos positioneel geschuifel op de lange termijn.

BekerBert1  BekerBert1

Bert vertelt altijd dat hij nooit iets aan theorie doet, maar hij speelt wel de beste (?) en meest gespeelde variant  ( de ruilvariant met 4. cxd5   Pxd5  5. e4  Pxc3  6.  bxc3 Lg7  )  En wat nu?

BekerBert2  BekerBert2

Het is wits bedoeling om nu iets aan te vangen met zijn dankzij  tempowinst sterke centrum. Maar Grünfeld    ( 18931962,  was een Oostenrijkse schaker. In 1950 werd hij grootmeester. )  had uitgevonden dat dat nog niet zo simpel is. 

Zwarts bedoeling is een tegenstoot met c7-c5. Wat doe je daartegen met wit? Je moet je centrumpionnen nooit  te snel doorschuiven.  (Later wel natuurlijk.) Dus maar vast zorgen voor voldoende dekking van dat d4-pionnetje. De meest gespeelde zetten zijn hier 7. Pf3  en 7. Le3   en 7. Lc4. Dat laatste om, na het altijd in de lucht hangende Lg4 met Pe2 de pion op d4 te kunnen dekken, zonder je koningsloper  in te sluiten en f2-f3 erin te houden. Het is zonder twijfel een van de meest logische varanten. En dat speelt Bert dus. Niet omdat hij de theorie heeft bestudeerd- stel je voor- maar gewoon omdat hij een beetje kan schaken.

7. Lc4 c5  8  Pe2 0-0  9. 0-0 Pc6 10. Le3

BekerBert3  BekerBert3

Absoluut van alle Grünfeld-Indische varianten de meest gespeelde. Zwart kan hier van alles. 10. … Lg4  (toch)  11.  f3! (dat kan nu)  of  10. … Dc7  of   10. … Pa5  en nog wat van dat type van soort. Alles goed voor bijna gelijkspel. Zwart kiest hier voor 10 cxd4 11. cxd4 Lg4. Alles kan.  12. f3  Ld7  en nu begint dat eindeloze positionele geschuifel waar ik het over had. Wit staat -als behoort- een heel heel klein tikkie beter  (centrum!), maar ja. Ooit moet wit zijn centrumpionnen gaan opspelen. Maar wanneer? En welke?  Iets voor mensen met veel geduld. Voor Bert dus. Aan mij was dat vroeger nooit besteed. Pas Bert’s zet 13 staat niet meer in de boeken. Maar is ook nog best goed. Bij zet 15 acht Bert de tijd rijp om te gaan centrumstormen.

BekerBert4 BekerBert4

Komodo vindt het toch nog te vroeg.  Die suggereert 15. Db2 Om in ieder geval de dames op het bord te houden.  15. e5?  Dxd2  16. Lxd2  Tfd8 en er is geen wit voordeel meer. 17. Tab1  b6?  (Lf5!?)

  BekerBert5BekerBert5

18. La6!  Pxd4   (Een heel diep strategisch offertje. Ook in andere partijen blijkt , je kunt die Beverwijkers geen gebrek aan moed of saaiheid verwijten. Het wordt nu best ingewikkeld! Maar het is leuk, maar niet echt correct Dat laat Bert even zien. Gewoon normaal18. .. Tb8 met iets beter spel voor wit was toch beter geweest) 19. Pxd4  Lxe5 (dit was de bedoeling)  20  Le3 Txc1+   21 Txc1

BekerBert6  BekerBert6

Wit staat een stuk voor tegen  2 pionnen. Dat moet lukken. Het wordt door Bert langdurig prima uitgespeeld.  Waar mogelijk worden – met slimme manoeuvres- stukken afgeruild, op weg naar een gewonnen eindspel. Na zet 34:

BekerBert7  BekerBert7

Met  35. g4!  Zou zwart ernstig in moeilijkheden geraken. De zwarte Toren moet de dekking van pion a5 opgeven. Er zijn voor hem geen andere velden op de 5e rij beschikbaar. 35. Ld4+ Dat moet ook nog voldoende zijn voor winst, maar is wel wat minder.

Voor de tweede keer binnen een week laat Bert na een machtig gespeeld spelletje de winst in het eindspel glippen. En nu kwam het niet door tijdnood. Wat zal hij achteraf de pest in gehad hebben.

BekerBert8BekerBert8

41. fxg5 fxg5  42. Pd5! Ld6  zou lang niet zo lastig zijn als wat in werkelijkheid in de partij  gebeurt. 41.  Lxa5 ? Ld6 !! Jasses! Wat een akelige penning is het nu.  Het echte voordeel is nu plotseling helemaal verdwenen. Met 42. Pd5 zou wit nog voor winst kunnen zwoegen, maar van de schrik laat Bert zich nu 42. Tf1? Ontvallen. Zwart maakt  maximaal gebruik van de penning op f4, en wikkelt af naar een  remise door herhaling van zetten-situatie.

BekerBert9   BekerBert9

47. Kf2  ( 47. Te2  Tg3!) Th2 + 

Gerrit was ook best lang in de race.

"In  de analyse achteraf gaf men aan dat ik op mijn 9e zet i.p.v. Le2 beter Lb3 had kunnen spelen, en op de 12e zet beter Le3 in plaats van Lh2.”   (Komodo vindt dat op zich wel juist, maar geeft minimale verschillen.) De stand is ongeveer gelijk. En dat blijft zo tot zet 18.

BekerGerrit1  BekerGerrit1

Vreemd genoeg vindt Komodo dat het aanstaande gedonder wordt veroorzaakt door  wit’s  19. f5? Zoiets speelt toch bijna ieder normaal mens? Maar Komodo vindt hier 19. Pf3 noodzakelijk. Met = .  Gerrit doet voorlopig verder niets fout (al denkt hij zelf van wel) , maar zwart jammer genoeg ook niet. Die staat wat beter.

BekerGerrit2  BekerGerrit2

Gerrit:  “Mijn 22e zet vond ik zelf al niet best: Pxe5. Opende voor zwart de d-lijn voor zijn toren.”  Die conclusie is wel juist. Maar zwart handelt ook de zaken niet geheel vlekkeloos af. De situatie is echt niet volkomen hopeloos voor wit. Tot zet 27.

BekerGerrit3  BekerGerrit3

Wit is een pion achter geraakt, maar heeft wat compensatie in de vorm van initiatief tegen de zwarte koningsstelling. Een mooie stelling ! Gerrit ziet waar zijn mogelijkheden liggen, maar kiest de verkeerde route. Met 27. Lxg7!   Had hij zijn tegenstander behoorlijk kunnen laten schrikken.  Dxc5+ 28. Kh1  Kxg7  29. f6+!  Kg8  (Kh8 30. Dh5! En mat in 4) 30. Tf4  ( om het paard op c4 te dekken) en Dh5 komt eraan! Met minstens remise.

27. h4  met goede bedoelingen, maar te langzaam.   27. … Lxc4 en als wit nu met de dame slaat,  kan hij met een pion achterstand nog vechten.  Maar na 28. Lxc4 (wil Gerrit eens een keer geen dames afruilen, is het ook weer niet goed! Een ‘petite combination’ zet hem de voet dwars!) Dc5+  29. Kh1 Dxe5  30 hxg5  Td4 !! (knap vooruit gezien)

BekerGerrit4  BekerGerrit4

Wit verliest een stuk op c4 of gaat na De2 mat na Th4+.  Gerrit:  “Al met al geen beste partij van mijn kant.”

Daar is Komodo het niet helemaal mee eens. Alleen die combinatie aan het eind was niet gezien. De rest ging best wel.

Martin,  een dergelijk verhaal. Zijn tegenstander hoopt hem met met het weinig gebruikelijke (en ook iets minder goede) 1. f4 gelijk te ontregelen. Dat lukt niet. Martin gaat er solide tegenin. Op de 7e zet doet hij alweer die riskante Zwaneveldzet  b5  (of met wit b4) als in die hoek er diagonaal tegenover een stiekeme loper staat te loeren.

BekerMartin1  BekerMartin1

Ik stond erbij en schrok, en begon gelijk te rekenen. Offeren met c2-c4? Van die loperdiagonaal gaan profiteren. Of e4? Maar Komodo vindt dat Martin dit keer gelijk heeft. Het kan gewoon!  8. c4 bxc4 9. dxc4 Lb7! 

Wit speelt gewoon 8 e4  d4?   (8…dxe4!? 9.Pg5 0–0 10.Pxe4 Pxe4 11.Lxe4 Lb7!)  Maar 8. … d4 ? 

BekerMartin2  BekerMartin2

Weer zo'n enge. Weer met veronachtzaming van die gevaarlijke loperdiagonaal? Ik sta weer gelijk te rekenen 9. e5!? Maar ook dit kan nog net!  

9…Pd5 10.c4 bxc4 11.dxc4 Pb6 daar staat hij ook heel goed! 12.Pxd4 Pxd4 13.Lxa8 Pxa8!

Wit speelt echter 9. De2  Ook wel netjes. Maar zwart staat solide! En als die b5-pion geen kwaad kan dan staat hij er toch maar mooi, nu al !  Ook verder speelt Martin sterk. Zes zetten later geeft K. de voorkeur aan zwart. Maar wit gooit inmiddels alles op de aanval  en wint langzaam terrein.  Na 19. .. Ph7:

BekerMartin3  BekerMartin3

De stelling is vrijwel gelijk. Het lijkt alsof wit leuk op de zwarte koningssteling afstevent, maar het is allemaal zo erg niet. 20.g5? Met een serie voortreffelijke zetten versterkt zwart zijn verdediging. En staat na zet 23 eigenlijk beter.

BekerMartin4  BekerMartin4

maar met de vlg zet geeft hij dat een beetje prijs.  23…Pe7? [dit paard had beter ter assistentie van de verdediging via d8 naar f7 kunnen springen. Maar zwart staat toch nog minstens gelijk. Wit begint nu een beetje te rommelen. Die beseft dat zijn aanval toch niet zo voorspoedig verloopt als hij zou wensen. Na zet 26 staat zwart nog steeds prima!

BekerMartin5  BekerMartin5   

En dan komt de klad er een beetje in. 26. .. Kg7? (Komodo geeft de volgende veel sterkere verdediging: 26…gxf5 27.exf5 e4!! 28.dxe4 Lf7)  7.h4!  En nu krijgt wit weer wat aanknopingspunten. 27…gxh4 28.Dxh4 g5! 29.Kf2

BekerMartin6 BekerMartin6

 Met 29.  ..  Pg6 had zwart nog wel op de been kunnen blijven. Wellicht gaat nu ook tijdnood een rol spelen. Want nu volgen twee mindere zetten van zwart en daardoor stort pas nu zijn stelling echt in    29…Th8?? (29…Pg6 30.fxg6 gxh4)  30.Th1 Kf8?? (30…Pxf5 beter. Maar ook niet goed genoeg meer  31.exf5 Dxf5+ 32.Kg1 Dg6)  31.Dh6+ Kf7 32.Lf3! (Zelfs die gaat nu meedoen aan de aanval.)

BekerMartin7BekerMartin7

32…Pg8 33.Lh5+ Ke7 34.Dg7+ en opgegeven.

Dus ook bij Martin ging het lang goed en pas laat op de avond toch nog mis. Helaas voor hem. Maar ook voor deze Beverwijker gold dat hij er alles aan deed om het toch nog spannend te maken. Dus wel verdiend!

Ook bij Ron (zwart) probeerde wit al gauw te ontregelen. Met het ‘gesloten’ Siciliaans. Waarom heet dat eigenlijk zo? Erg gesloten ziet het er niet uit . 1. e4 c5  2. Pc3! d6 3. f4!? Die zet is lang zo aanvallend niet als hij eruit ziet. Die f4-pion staat ook het een en ander in de weg.  Onze Siciliaan-fan heeft dat natuurlijk al vaak voor de kiezen gehad en wordt er dus niet warm of koud van. Hij speelt 10 zetten theorie. Daarna de beste. Maar hij heeft wel zwart. En hij zou graag willen winnen. Dus gaat hij nu maar een risicootje nemen.

BekerRon1 BekerRon1

12. …..   0-0-0  Moedig. Want je koning vraagt nu om aanvallende ideeën van wit. Zo’n stelling waarin wit aan de ene zijde op de koning afgaat en zwart hetzelfde doet aan de andere zijde van het bord noemen ze – geloof ik – een ‘tweesnijdende’ stelling. Dat brengt in ieder geval leven in de brouwerij. Maar wit is helaas niet van plan iets fout te doen. Na 18 zetten:

BekerRon2 BekerRon2

18. .. Pg4  Nu al? Ik begreep dat niet echt. Dat vraagt toch om 19. h3 ?  19. De2? Die begreep ik dus ook niet. Nu had zwart misschien beter dat paard  maar weer terug kunnen halen. Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald. Maar zoiets doe je natuurlijk niet graag. Laten zien dat je vreest dat je het fout gedaan hebt. Ja kom nou!  19. … Lxg5 en na het voor de hand liggende 20. fxg5 staat wit echt beter!  Maar ….  20.  Dxg4? 

BekerRon3 BekerRon3

Nu gaat de lol er gauw af. 20. .. Lf6! 21. Lc3  wit vindt remise genoeg. En daar kun je je nauwelijks meer tegen verzetten in zo’n stelling.  21. …   Lxc3  22. bxc3 Wat betere pionnenstelling van zwart. Of is die h3-pion potentieel zwak? Een Toreneindspel met gelijkstaand materiaal. Dat wens je je ergste vijand niet toe. Het vreemde is dat volgens K. toch wit iets betere kansen houdt. Die heeft zeker een ingebouwde eindspel-module tot zijn beschikking. Voor mensen lijkt me dat moeilijk.

Na zet 28:

BekerRon4  BekerRon4

K. geeft 29. c4!? En ziet het nog zitten. Maar Camille Hol niet meer. En Ron ook niet. Terecht denk ik. Remise. Ron heeft met zwart zijn best gedaan om er nog wat van te maken, maar zijn tegenstander weigerde mee te werken.

Conclusie. We werden niet weggeveegd. Maar de Beverwijkers wonnen terecht. En ze speelden vooral leuke partijen.

Eindcorrectie moet nog plaatsvinden;.

 

1

Ron de Vink

 1883

 – 

 

Camile Hol

 1938

½-½

2

Bert Kuijer

 1830

 – 

 

Han Jansen

 1849

½-½

3

Martin Zwaneveld

 1682

 – 

 

Hans Wiemerink

 1736

0-1

4

Gerrit van Dok

 1652

 – 

 

Cornelis Meems

 1670

0-1

 1761

 

       

 1798

 

Aris vleugellam

Verslag van Waagtoren5-Aris de Heer, dankzij zeer gewaardeerde medewerking van vijf speciale vogelbeschermers.

Ik heb het gezien: we zijn geen dreigende roofvogel meer, geen trotse pauw, geen brutale kraai, we werden vanavond gewoon een zielig gekwetst koolmeesje.  Aris werd een Avis, een Avis Miserabilis.  Het probleem zat vooral in de staart. De kop ging nog wel. Met een beetje geluk was het daar  4-1 voor ons geworden. Maar ook daar liepen we kwetsuren op.    Eerst een overzicht. Daarna wat highlights, voor zover beschikbaar.

Bert werd echt onze pechvogel. Hij stond totaal gewonnen maar   “Ik was erg moe en gebruikte teveel tijd. Ik kwam huizenhoog gewonnen te staan en wilde toen snel afwikkelen. Ik was eigenlijk aan het wachten tot hij opgaf. Toen kwam ik in tijdnood en heb het vergokt.”

Ron fluistert  troostende woordjes: “Bert had een heel boeiende partij. Ik dacht ten onrechte dat hij in de vijandelijke aanval ten onder zou gaan. Hoop dat je die partij van hem krijgt, want uiteindelijk blunderde hij in gewonnen stelling en zal dus wel balen. Maar Bert heeft lang heel knap gespeeld.”

Gerrit schijnt ook heel erg  goed te hebben gestaan.

“Was een spannende worsteling. Denk dat ik uiteindelijk rond de 25e zet veel beter stond met mijn sterke Paard op b6. Maar ik wist niet goed hoe dit verder te verzilveren.”

Ron:  ”Ook Gerrit speelde echt heel goed, die moet ergens gewonnen hebben gestaan, nadat hij zijn witte paard op b6 kreeg. Zijn tegenstander kwam erg passief te staan.”

Van Martin zelf kreeg ik voor dit overzichtje te laat materiaal binnen. Wel óver hem. Duidelijk is dat hij – anders dan bij hierboven genoemde  pechvogeltjes– zelfs met een beetje geluk – het niet gered zou hebben. Hij blijft toch onvoorspelbaar. Kan fraai gekleurd twinkelerend winnen en ook somberzwart krassend verliezen. Hij blijft gewoon een vreemde vogel.

Ron, zoals gebruikelijk,  zonder al te veel scrupules:  “Martin zat weer eens ouderwets te klooien. Hij kreeg in Siciliaans  Dxd4 tegen zich. Ik speel dan altijd a6 en daarna Pc6 met tempowinst. Martin deed direct Pc6 maar ook toen ging zijn tegenstander direct weg (naar d3). Er is dan niets aan de hand voor zwart. Ik stel me dan altijd op met g6 en Lg7 en ga niet e5 spelen zoals Martin deed. Want welk nut heeft die zet in deze stelling? Martin kwam niet goed te staan, offerde daarom maar een pion, maar dat werd dus zelfs een stuk. Tja, kansloos weg gespeeld.”

Gelukkig konden er twee de veren nog wat gladstrijken:

Daar was allereerst  Paul,  die me al op de wedstrijdavond om 22.00 uur zijn partij had gemaild. Die leek met de snelheid van een slechtvalk (360 km per uur) zijn partijtje te hebben uitgeschoven. Zo’n vogel is een snelle moordenaar, geen zangvogeltje.  Zijn eigen commentaar was dan ook superbeknopt en bijna onhoorbaar:   “Leuk potje, maar ging wel heel makkelijk. “  

Maar alle gekheid op een vogelstokje, u weet Paul leek wel even een snelle slechtvalk, maar dat is-ie natuurlijk niet. U weet, hij is natuurlijk gewoon onze secretarisvogel. Ook een moordenaar, maar niet zo snel.  In Wikipedia vond ik:  ‘Secretarisvogel: Voedsel: slangen, die hij in hun geheel inslikt, kleine zoogdieren, andere vogels. De secretarisvogel vangt zijn prooi door die met zijn lange poten dood te trappen.’ Dat laatste deed hij, volgens Ron:

“Paul walste over zijn tegenstander heen en besliste met een fraai stukoffer.”

En verder was er Ron, himself. 

“ Ik zal je een update geven, want ik heb genoten.” “ Volgens mij heb ik hier nu eens een foutloze partij gespeeld en zag veel. Kwam ook nog eens niet in tijdnood, hij had minder tijd dan ik. Gewoon heel fraai om met een pion te kunnen doorstomen naar e6 in een dergelijke stelling. Daarna kon ik op diverse wijzen winnen, maar wat ik koos was wel zo dwingend en volgens mij snelst.”

Heerlijk om onze Dr. Vogel nu ook eens met tevredenheid over zichzelf te horen zingen. Zoals u weet een zeer zeldzaam natuurverschijnsel.

Hoe teleurstellend ook, we zaten we aan de kop dus nog op 2,5-2,5.  Maar aan de staart ging het erg fout.

Niels zat als een ziek vogeltje gewoon thuis. Rest mij slechts hem beterschap te wensen.

Jasper, onze vrolijk tjilpende huismus leek het goed te doen. Ron: “Jasper speelde verrassend goed. Helaas brak gebrek aan ervaring hem op. Ik hoop dat je zijn partij krijgt, want als hij gewoon eerst op c3 slaat (beste zelfs direct na Dg5 en niet eerst g3 spelen; en niet de torens ruilt op d-lijn, waarna hij niet meer op c3 kon slaan) staat hij gewoon veel beter en waarschijnlijk gewonnen. Daarna heeft hij het nog wel geprobeerd, maar mocht niet baten.”  (Helaas kreeg ik de partij niet.)

Ab  is onze eigen kleurrijke halsbandparkiet. Een exoot, overgevlogen uit warmere streken maar inmiddels zich hier vestigend. Tot nog toe vooral in steden, maar hopelijk nu ook in dorpen als Middenbeemster.

Ron:  "Ook Ab werd, net zoals Martin, overspeeld. Ab probeerde het met èn g5 èn b5 met zwart en zijn koning in het midden houden, maar dat is natuurlijk niet goed. Wit kwam door centrum heel sterk in de aanval."

En zo kwam helaas ook Ab in het Alkmaarse vangnet terecht.

Een verdrietige avond. Blij dat ik het allemaal niet hoefde aan te zien. Wat kunnen we doen om deze met uitsterven bedreigde Av(r)is miserabilis  te redden? Naar verluid worden in Purmerend de trekvogels gewoon uit de lucht geschoten en als lekkernij opgepeuzeld, en HeerHugowaarders zijn er ook niet vies van. Blijven we dan toch dit jaar aan de lijmstok hangen? Ik vrees dat we het niet meer in eigen hand hebben. We mogen alleen nog  hopen dat de Heilooze koolmezen of Bakkumse roodborstjes  ook geen nieuwe fourageerplek meer kunnen vinden, en we dan op bordpunten of onderling resultaat net niet in een derdeklas volière worden opgeruimd.

( Als u vindt dat uw papegaai te veel vervelend lawaai maakt gooit u maar een doek over de kooi.)

Enkele highlights uit partijen die me werden gemaild:

Bert:

De vijandelijke aanval waar Ron het over heeft:

ExtBert1  ExtBert1

Wit heeft op de 21e zet een paard geofferd op h7. Daar krijgt hij 2 pionnen voor terug. Maar Bert toont aan dat dat niet voldoende is. 22. h5  d5! 23. Lxg6 Kh6  24. dxe5 Lg5! Bij zet 29 wint zwart ook nog een kwaliteit. Bij zet 30. nog een pion. Nu staat zwart een Toren voor tegen 1 pion. Het is uit en over.

ExtBert2  ExtBert2

Wit rommelt nog wat. Met e5-e6 waarna Bert het zekere voor het onzekere kiest en die vrijpion blokkeert met Le7.  Was niet echt nodig, maar het scheelt veel rekenwerk, en uit is het toch wel. In tijdnood volgend nog een paar mindere zetten, maar even goed  nog geschikt voor de winst. En dan volgt een blunder. Wat een ellende na zo’n gave partij! Eén moment van onbedachtzaamheid dat een hele avond werk verknoeit.

ExtBert3  ExtBert3

Hier is 37. … Kf8 voldoende om de witte vrijpion te blokkeren en tegelijk een akelig aftrekschaakje  te voorkomen. Maar Bert is inmiddels moe en gehaast. Zeer zelden vergist hij zich zo. Maar nu dus even wel.  37. ….  Kxf7 ?? 38. Ld3+ schaak met torenwinst. Zwart geeft op.

Gerrit

Staat inderdaad na de 25e zet veel beter.

ExtGerrit1 ExtGerrit1

Komodo 10 adviseert hier 26. c2-c4 met beter spel voor wit. “Het logische vervolg op het gespeelde 26. Tac1 Le8? was toch 27. c4! maar daarmee kwam ik wel met een geïsoleerde pion op d4 te zitten”  Maar Komodo zit daar niet mee: 27. .. dxc4 28. Lxc4 Lc6

ExtGerrit2  ExtGerrit2

29. d5!  Lost de geïsoleerde pion op! Gerrit’s zetten blijven heel goed, ook al denkt hij zelf later van niet. 29. …  exd5 30. Lxd5 Lxd5  31. Txc7!  Dxc7

ExtGerrit3  ExtGerrit3

Gerrit staat op winst. Onze Wijze Mijnheer De Uil adviseert hier :  32. Pxd5! omdat de zwarte Dame nauwelijks goede velden heeft! Op vrijwel alles volgt dodelijk Pe7+ met damewinst!  En indien 32. …  Dc4  dan 33. Pf6+ Kh8  34. Dh6!  met ondekbare matdreiging op h7. Het beste is 32. .. Dd8 maar na 33. Df4! blijven de witte dreigingen dodelijk. Zwart moet op de gaten in zijn koningsstelling letten, op de zetten Pf6+ of Pe7+, en ook op zijn  Toren op b8. Zwart zit zwaar in de problemen.  Maar Gerrit speelt 32. Dxd5 en onderschat daarmee de zet 32. … Td8! Waarmee het witte voordeel ineens verdampt is. Wellicht van de teleurstelling raakt wit nu de greep op de stelling een beetje uit. Zwart veert op. Wint een pion. Dat wordt ‘de verst verwijderde vrijpion’ in een toreneindspel. (Zo heet dat in de boekjes.) En die rukt alsmaar verder op! Griezelig.

ExtGerrit4  ExtGerrit4

Enige troost voor Gerrit: de zwarte Toren hoort achter zijn vrijpion en niet ervóór. Als wit nu maar tot alle prijs voorkomt dat die zwarte Toren even zijn plekje kan verlaten met een schaakje, is er nog hoop voor wit. En dat doet wit:  55. Kf4! Hierna zou een grootmeester met zwart misschien toch nog wel winnen, maar dit wordt begrijpelijkerwijs te moeilijk voor heer Poland.  Hij geeft zijn a2-pion op , in ruil voor een pion op de de f-lijn. Maar nu is zijn pluspion veel minder gevaarlijk dan toen die nog op a2 stond. Dit soort toreneindspelen (met  alle pionnen op één vleugel) zijn wel heel erg lastig. Het lukt zwart niet meer, en wit gaat knap zijn kansen op remise grijpen.

ExtGerrit5 ExtGerrit5

“Hij had het in het eindspel mogelijk wel beter kunnen doen……… Werd dus toch remise door eeuwig schaak of verlies van de zwarte pion op f6.”

Paul:

Hij bespeelde de zwarte Pirc met wit rustig en sterk. Won hier en daar een tempo wegens moeilijk te begrijpen zetten van zwart. (zet 11 ….  Dd8?  Zet 13 Tg8?) en sloeg keihard toe na  Een echte misser  van zwart  15. .. d5??  Want nu kan wit een stuk offeren. En dat zag onze listige secretarisvogel. Natuurlijk!

ExtPaul1  ExtPaul1

16 Peg5+  !!  hxg5  (schijnt wel te moeten omdat anders een familieschaak volgt op f7!) 17. Pxg5 +. Helaas voor zwart,  nu volgt desalnietteminniettegenstaandedat het familieschaak alsnog. 17. … Kh8 18.Pxf7   en  “The end” . Knap hoor.

Ron:

In een (met een ommetje uit Engels) Konings-Indisch doet zwart de vreemde zet 3.Pc6 en reageert Ron direct met 4. d4 en 5. d5. Het lijkt erop dat dit een lijfvariantje is van Toepoel. Bedoeld om de geëigende theorie te ontwijken. Nou dat lukte: Ron: “Na 3. .. Pc6 was ik echt al uit mijn theorie, want meestal wordt wat anders gespeeld (c5 of Pf6 of d6).” 

ExtRon1 ExtRon1

Wat niet wegneemt dat Ron toch lang ‘theorie’ speelt, die hij dus ter plaatse zelf bedenkt. Tot zwart ook uit zijn ‘theorie’ is. Waarna Ron toch steeds sterke zetten doet. Na zet 13 staat hij er prettig bij:

 ExtRon2 ExtRon2

De zwarte standaardzet b5 is verhinderd, na Pf6 zal wel spoedig het door de KI-spelers meestal niet erg enthousast  verwelkoomde Lh6 komen,  f5 zit er ook nog even niet in. En wits  f4 wel! Toepoel  heeft wrsch. geen zin in een passieve stelling en speelt het mijns inziens wonderbaarlijke 13. … h5? Komodo en ik kijken elkaar verbijsterd aan. Hij schudt hier het wijze grijze hoofd. En helemaal na 14. f4!  f6 ??

ExtRon3  ExtRon3

Iedereen zou hier in gepeins verzinken en naar het verleidelijke  15.  e5 gaan zitten kijken. In verband met dat tempootje, door dreiging Ld3xg6+. Ron ziet het natuurlijk ook!   Ron :  “de zwarte stelling stort nu snel in, f5 16. e6 (leuk om te kunnen spelen)”

ExtRon4  ExtRon4

Wat een misère voor zwart.  Hoewel Ron hierna wel eens de allersterkste mist, blijft het allemaal vooral plezierig voor wit.

ExtRon5  ExtRon5

“Het is hier al over en uit. Paul probeert nog wat drastische maatregelen. 21…, Lxe6 22. dxe6” Op de 23e zet verliest zwart nog een loper en staat dan 2 stukken achter! Kan dan nog wel even de witte koning opjagen, maar die vindt al gauw een veilig plekje. Niet moeilijk te zien, dus hier had zwart hier wel kunnen opgeven. Maar misschien gunt hij Ron een elegant slotcombinatietje:

ExtRon6  ExtRon6

Th1 (een klein grapje dat nu direct partij beslist)”. Zwart geeft op. Hij ziet dat na Dxh1 Taxh1 de zwarte Toren niet kan slaan op h1 wegens mat in 1 met Dg8+. Leuk allemaal. Voor wit althans.

Martin:

Ron doet vlg. Komodo en vlg. databases te negatief over de opening van Martin. Na wit’s 11e  zet staat zwart nog ongeveer gelijk!

ExtMartin1  ExtMartin1

Maar dan gaat het een beetje mis:  Martin: “Zet 11 had ik al vraagtekens bij gezet. Maar ik maak op zet 16 echt een blunder,… ik heb geen idee hoe ik dit heb kunnen laten gebeuren. Geen tijdnood. Nix.”

11. ..  Lxb5? (11. …..  Le6!?  11. ….  Lg4!?)  12. cxb5 d5  13. Lxf6 Lxf6  14. exd5 en dit is dan dat pionoffer waarover Ron het had. En na 14. … e4 15. Pxe4 Pxd5  16. Tfd1

ExtMartin2  ExtMartin2

is dit wat Martin een blunder noemt. Met 16. … Pb6 had hij nog een beetje in de buurt kunnen blijven. (Komodo: 1.39 voor wit) Maar 16. … Te8 verliest gewoon een stuk.  17. Dxd5 Dxd5  18. Pxf6+    Au!! Tussenschaakje gemist. Stuk pleite! 5 zetten later geeft zwart op.

Met het mea mea culpa van Martin besluit ik het verslag van deze verdrietige externe ervaring, waar ik gelukkig niet bij kon zijn. Met dank aan alle inzenders. (Sorry voor de vertragingen. Dat kon even niet anders.)

Eindcorrectie moet nog plaats vinden. Voor op- en aanmerkingen houd ik mij aanbevolen.

 

 

1

7468362 

Paul Toepoel

 1787

 – 

8529532 

Ron de Vink

 1883

0-1

2

7809285 

Albert van der Meiden

 1756

 – 

7185981 

Bert Kuijer

 1830

1-0

3

7282033 

Gerrit Lemmen

 1705

 – 

6808131 

Paul Verkooijen

 1741

0-1

4

7399469 

Nico Mak

 1725

 – 

7826654 

Martin Zwaneveld

 1682

1-0

5

6214153 

Jan Poland

 1724

 – 

7268195 

Gerrit van Dok

 1652

½-½

6

7210137 

Arjen Dibbets

 1720

 – 

 

 

 

1-0 R

7

7321534 

Ronald Kamps

 1605

 – 

8643855 

Jasper Ittmann

 

1-0

8

8182416 

Andre Bremmers

 1712

 – 

8749169 

 

 

1-0

 

 1716

 

 1757