OUDGOUD8

OudGoud8 van 31 juli 2016

MaatFrank1  MaatFrankk1

Gerard Maat – Frank de Geus,  dec.2009

Na 14 zetten is de stand nog gelijk. Maar Maat begaat hier een grote fout : 15. h3 ??

Frank speelt hierna vijf keer de beste zet, en daarna gaf Maat op.

Hoe denkt u dat het verder ging?

(Maat's 17e zet was niet de beste, maar ook als hij die wel gespeeld had was hij kansloos geweest. U mag wits 17e zet ook fout doen, als u maar aangeeft hoe zwart dan toch zou winnen. )

Inzendingen s.v.p. via mijn email-adres: eddysaraber@hotmail.com

Oplossingen OudGoud 7

29 juli 2016

Oplossing OudGoud7 van 20 juli

FrankRevanche1  Frankrevanche1

Robin Sneeuw (1826) – Frank de Geus (1623), febr. 2012

1.  Noem één van de drie zetten die Komodo10 als sterkste hier aangeeft.

2.  Maar die speelde wit niet. Wit rekende -dacht hij- dieper. Verzon een schijnoffer. Verzin de begrijpelijke doch grootste fout die wit hier kan maken, en die hij dan ook maakte.

3. Verzin de  begrijpelijke, maar niettemin grote fout waarmee in de partij zwart op zijn beurt zijn winst nu vrijwel om zeep hielp.

 

.__________________________________________________________________________

1.

Zwart staat veel beter! Komodo geeft als -naar verhouding- sterkste zetten a. 25. Df3 (-1.74)  b. Tf1  (-1.75)  c. 25.  Thd1 (-1.78)  . Alle dus desondanks met groot voordeel voor zwart.

2. 

Wit zag in de verte een schijnoffer  en speelde   25. Dxd4?   (Toelichting:  25. … Dxh1  en dan geforceerd: 26. Dd7+ Kf8 27. Dxc8+ Kg7 en wit  heeft zijn toren terug. Maar wit zag niet dat daarna 29.  ..  Dh2+  niet te voorkomen is, en daarna de witte  koning veel onveiliger staat dan de zwarte. Zwart wint eenvoudig. Maar dat zag zwart ook niet. Te diep! )

3.  

25.  … Dxd4+  ?? Txd4 en zwart heeft maar een klein voordeel. (-0.40) In zo'n berucht moeilijk te winnen toreneindspel. Maar Frank won toch!! Knap!

Hij had gewoon de toren op h1 moeten slaan, en winnen als aangegeven bij 2.

Ik kreeg maar één reactie binnen. Dat verontrust mij.

________________________________________________________________________________________

OudGoud 6 ,   12 juli 2016

Oudgoud6  OudGoud6

Martin ZwaneveldEddy Saraber ,  april 2012

1. Ik vind dat zwart hier veel beter staat. U ook? Waarom dan wel/niet? (Geen varianten, maar formuleringen)

2. Na 19. cxd4 geeft Houdini als beste 19. .. exd4

Maar ik vind de mijne veel leuker en ook wel goed. Die staat bij Houdini als tweede. Wat denkt u dat ik hier speelde?

3. En na die zet kwamen we remise overeen. Dat zal wel weer een belacheljk initiatief mijnerzijds geweest zijn. Na het bijna geforceerde 20. Pe5 is zwarts antwoord vrijwel winnend. Wat zou zwarts dodelijke antwoord geweest zijn.

________________________________________________________________________

 

Mogelijke antwoorden:

 

1. a. Zwart heeft het loperpaar. Daar heb ik iets mee. Een schaakmakker noemde mij eens een 'loperpaar-fetisjist'.

     b. Zwart heeft meer materiaal en mogeljkheden in het centrum.

     c. het witte paard op a3 staat er wat doelloos bij

 

2. Gerrit signaleerde terecht dat ik met vraag 3 (Pe5) al verklap wat het antwoord op 2 moet zijn. Dat wist ik toen ik het opschreef, maar ik vond het niet erg. Niet alle ADH-ers zijn zo actief en alert als Gerrit.        19. ..  e5-e4

 

 3.  20. … Pc6xd4

Na 20. Lxd4 moet zwart een vluchtveld voor zijn paard zoeken. Gerrit zag deze ook,maar vraagt zich af waarom dat vrijwel winnend, of dodelijk zou zijn.

"Maar na 21. Pe5-c4 zie ik voor zwart niet direct mogelijkheden om verdere winst te behalen. Zwart staat nog wel steeds een pion voor en heeft nog steeds het loperpaar."

Eddy: Zwart staat m.i. gewonnen omdat de extra pion een vrijpion is die door het machtige loperpaar ondersteund een akelig lastpak wordt.

Komodo10 suggereert hier :  (Na 20…Pxd4! 21.Lxd4 [21.De3 Lxe5 22.Tad1 Tad8] 21…Dxd4)

22.Pec4 Dd3!! 23.Dxd3 [23.Tae1 Lc3 24.Dxd3 exd3] 23…exd3 24.Tad1 Tad8 25.Tfe1 b5 26.Pe3 Lg6

_____________________________________________________________________

 

 

Oplossing OUD GOUD 5 van 4 juli

Ben Brouwer- Bert Kuijer,  dec. 2006

BDG6   BDG6

 

1. Waarom verdient 15. ..  Ph5 twee vraagtekens?
2. Ben mist nu de directe winst, maar zijn 16. Dg4 is ook nog wel een aardige zet. Waarom is bijv. 16. .. g6 dan niet goed?

3. Omdat ook na 16. … Pf6 17. Dxg7 Tg8 18. Dxh6 wit duidelijk veel beter staat, kiest zwart voor 16. …. Dg5. Waarop Houdini 3 sterke antwoorden noemt. Noem er eens één.

____________________________________________________________

Antwoord:

15. ….Ph5 16.Dg4

Antwoord1: 16.Df3 wint een stuk

16…Pf6 17.Dxg7 Tg8 18.Dxh6 Lb7 19.g3+–

Antwoord2: 16…g6 17.Lxg6 Pf6 18.Df3 Ta7 19.Le5

16…Dg5

Antwoord3:  Een van de volgende drie:

17.Dxg5 hxg5 18.Le4 Ta7 19.Lb8

17.De4 Ta7 18.h4

17.Df3 Ta7 18.Te5 f5 19.Lxf5

Ik kreeg 3 antwoorden binnen, waarvan 2 goed.

 

Oplossing OudGoud4 (van 28 juni)

OudGoud4  OudGoud4 

Paul Zoon (1504)- Martin Zwaneveld (1515) , dec. 2009

Wit blundert hier met   26. a4

1. Waarom is dat een blunder?

2. Daarna speelt wit de naar verhouding beste zet: 27. P2b3  Wat is hierna het beste (inderdaad gespeelde ) 27e antwoord van zwart?

3. Deze stelling is een demonstratie van de kracht van het loperpaar. Waarom verliest zwart nu altijd (nog) een pion?

_________________________________________

Er kwamen 3 oplossingen binnen. Van Gerrit en van Frank en van Paul.  Die van Frank helemaal goed, die van Gerrit ook bijna. (Enkele kleine onnauwkeurigheden). Frank  wees me erop dat ik me vergist had bij vraag 3: het moet natuurlijk zijn "Waarom verliest wit nu altijd (nog) een pion?"  Pauls antwoord op vraag 1 was  correct, maar op vraag 2 niet, omdat hij de suggestie in vraag 3 niet serieus nam. 27. … Lc5 is trouwens wel een goede zet, maar lang zo sterk niet als de 27.La3 van Gerrit en Frank (en van Martin natuurlijk!) 

___________________________________________________

 

Antwoord:

1. Wegens 26. … Lxb4

2. La3! is de beste zet (ook gespeeld door Martin)

3. Omdat door de sterke positie van de lopers, ook van de loper op g6,  dekking van de pion op c3  niet mogelijk is. Bijv. na La3 kan dekking met T1c2 niet!

________________________________________________________________

 

 

 

 

Oplossing OudGoud3 (van 23 juni 2016)

Pieter Worp (AdH) – Jacob Poel , jan 2007

Dat was al uit na 9 zetten:

Oudgoud3

Wit speelt de sjablonezet   8. Dd2 Een stevige fout!  Wat antwoordt Pieter natuurlijk?  Op de 9e zet begaat wit nog een fout. Welke? Wat is de vernietigende 9e antwoordzet van zwart? Wit geeft op.

____________________________

En wederom mocht ik de uitvoerigste analyse van Gerrit ontvangen. Waar ik weinig aan heb toe te voegen:

Gerrit:

"Denk dat het volgende zich zal hebben afgespeeld. Zwart zal geantwoord hebben met 8. …… Pf6xe4.

 Volgens de vraagstelling heeft wit op zet 9 een fout gemaakt, waarop een vernietigend antwoord volgt.  Hier zal dus mogelijk door wit 9. Lg5xLe7 gespeeld zijn met het idee:  pak jij mijn dame, dan pak ik de jouwe. Maar dat werkt niet: 9. …… PxDd2 en wit kan niet antwoorden met 10. Le7xDd8 i.v.m. aftrekschaak.

Wit kan ook niet spelen: 9. Pc3xPe4 met de bedoeling om loper g5 voldoende dekking te verschaffen.
Dan zal volgen:  9. ……. Le7xLg5.  Wit kan niet antwoorden met DxLg5 want dan volgt dameverlies.
Moet dus met de dame  een vluchtveld opzoeken, bijv. 10. Dd2d1. En dan volgt 10. ……. d6-d5 met verlies van Pe4.

 

Vraag blijft: Is er voor wit nog een mogelijkheid om na 9. …..Pxe4 verder verlies af te wenden?  

Volgens mij helpt 10. Ld3xPe4 ook niet.  Dan zal volgen: 11. ……  Le7xLg5.  De dame moet wederom een vluchtveld opzoeken.  Op 12. Dd3 of Dd1 of De2 volgt: 12. ……d5.

Denk dus dat na de sterke zet voor zwart Pxe4 toch al een uitzichtloze situatie voor wit is ontstaan……"

 

Oplossing OUDGOUD2 van 15 juni 2016

G. Maat – G. v. Dok, oktober 2007

 26 …. Df3!? met matdreiging.

Oudgoud2b   OudGoud2b

Alweer een probleemstelling:  Hier speelde wit  27. Kf1 en bood daarna remise aan. Wat geaccepteerd werd. Terecht. Het is nog een hele klus om al die remisevarianten te bekijken. Wat een prachtige partij was dit. Die Maat toch!  Maar het had nog mooier kunnen worden. Met welke nog genialere 27e zet van wit had Maat alsnog ogenblikkelijk kunnen winnen? En hoe dan wel? Zoek de hele combinatie!  

Gerrit mailde een uitvoerige en correcte  analyse:

" De enige andere mogelijkheid om mat te voorkomen met Dg2 is behalve Kg1-f1 (zoals gespeeld) de onderbreking van de diagonaal Lc6-Df3. M.i. moet de oplossing gezocht worden in 27. Lc4-d5!.

Zwart heeft nu vier mogelijkheden:

1. Dame weg, maar er is maar 1 veld: g4.      2. Toren f8d8.          3. e6xLd5           4. Lc6xLd5

Ad. 1. Indien zwart de dame wegspeelt naar g4 kan wit Tg5 spelen. Zwart moet nu om zijn dame niet te verliezen een keuze maken maar dat maakt voor het vervolg niets uit:   Lg6-f6+    Ook het slaan met de dame van de toren helpt niet meer. DxTg5  Dxg5 en mat is vervolgens ook niet meer te voorkomen.

Ad 2 en 3:  27. …..Tf8d8 of  27. ……e6xLd5 geeft wit direct de mogelijkheid om Dh6 te spelen met directe matdreiging. (pion f6 opspelen helpt ook niet: Te5e7.)

ad 4.: Lc6xLd5. Wit moet nu TxLd5 spelen. De directe matdreiging dreigt immers nog steeds.Zwart moet nu aan twee dreigingen het hoofd bieden. Dd2-g5 of Dd2-h6.   

Kan zwart zich 28. …  DxTd5 permitteren? (ES:  Nee, want ook dan is Dh6 dodelijk. zij het iets ingewikkelder. ( De computer geeft in dat geval een rondedansje van de zwarte koning en de witte dame: 30. Dh8+ Kf7  31. Dxf8 Kg6 32. Dxf6 Kh7 33. Dh6+ Kg8 34. Lf6 met spoedig mat.Stelling hieronder)

Oudgoud2c  OudGoud2c

_________________________________________________________________________________

 

Oplossing OUD GOUD 1 van 14 juni 2016

Oudgoud1

P.Verkooijen – A.H.Kuijer,  april 2012

22. Lb2.  Na 4 sterke zwarte zetten geeft wit op.

Dit waren die zetten:

22.Lb2? (Dc2!?) Lxh2+ 23.Kh1 [23.Kf1 Lg3 24.Dc2 Df4]23…Lg3 24.Tf1 Tg6 25.Pf2 Lxf2

Diemer4

We hebben de  Euwe -variant bekeken. We zouden het nu gaan hebben over de Bogoljubov-variant. Met g6 en Lg7.

Die dankt zijn naam aan een aantal studiepartijen van Diemer tegen supergrootmeester Bogoljubov. Geen kleine jongen. Die speelde twee keer een match om het wereldkampioenschap met Aljechin. (Aljechin, Kasparov, en Fischer dat zijn de drie allergrootsten. Voor mij.) Diemer kende Bogoljubov persoonlijk, nog van zijn medewerking aan een wk-match in Baden-Baden. Bogoljubov wilde Diemer wel even helpen bij diens gepuzzel m.b.t. diens wondergambiet.

De Bogoljubov-variant schijnt bij echte schakers nogal populair te zijn. Bij surrogaat-schakers minder. Ik heb het zelf wel eens met zwart gespeeld in een vluggertje tegen Jan Vermeulen, kampioen AdH in 1980. Die speelde bij voorkeur verdachte, tactisch ingewikkelde openingen (vierpionnenspel KI, Budapester-gambiet, Svesnikov, en meer van dat type van soort) , en was dus ook een fan van Diemer. Maar verder komt het in de database van mijn eigen partijen nauwelijks voor. U hoeft dus niet bang te zijn er op uw niveau erg mee te worden lastig gevallen als u met wit BDG gaat spelen. En als u zwart heeft, zou ik u een andere opzet aanraden. Daar ga ik u later mee lastig vallen als ik over de BDG  voor zwart ga  mijmeren. Niet dat de Bogoljubov slecht is, maar toch wel lastig met zwart. Je moet wel erg veel weten, Ik ga er dus nu alleen over schrijven voor de witspeler.

  Diagram4.1

1. d4  d5 2. e4 dxe4 3.Pc3 Pf6 4. f3 exf3 5. Pxf3 g6

  Diemer41cLong Diemer4.1

6. Lc4 (Ld3 is tegen dit zwarte pionnenbolwerk niet zo zinvol) Lg7 7. 0-0 0-0

Er zijn nu diverse varianten. Met snel Pe5 , of Lg5

Het scherpst is de 'Studier'- variant.

Diemer4.2 Diemer4.2

8. De1. Daar issie weer. Weer die eigenaardige zet. Net als in de Euwe-variant. Met dezelfde gemene bedoelingen: Dh4 en 'vom ersten zug an auf mat'. Dit is de hoofdvariant van de Bogoljubov. Daar is heel veel op gestudeerd, want hij is kritisch. Ik ga u niet lastig vallen met alle ins en outs. Heel leuk allemaal. En heel spannend. Maar treft u een echte kenner, dan weet die welke variant zelfs winstkansen voor zwart oplevert. Het moeilijkst is de Leisebein-variant. (En zo sterk dat ik u misschien de Studier-variant (met De1) toch niet wil aanraden.)

(Maar misschien wilt u er toch mee experimenteren. Er is dus o.a. nog een variant met 8. ….  Pbd7 (niet naar c6 dus, als hierboven) gevolgd door Pb6 en Pd5  (Pachman). En er is een variant met 8. … Lf5 9. Dh4 waarna Lxc2 fout is, maar Pc6 beter. (zie hierboven) Wilt u er toch meer van weten, waarschuw me dan.)

Voor de leut toch nog een leuk voorbeeldje met de Studier. U kunt daarin zien dat de BDG zelfs in correspondentieschaak geweldige kortsluitingen kan opleveren:

Gegner – Tiemann  corresp. 1988

Maar ik denk dat het voor ons eenvoudige amateurs met een beperkt geheugen beter is het advies te volgen van IM Christoph Scheerer op www.chesspublishing.com: hij beveelt aan -om die reden-  hier (toch) lang te rocheren. En legt uit in een heldere analyse dat daartoe Lf4 beter is dan Lg5: Hij noemt het de Long Bogo-variant. Een begrijpelijke naam voor een begrijpelijke variant. Frank zal me weer schrijven: 'dat moet te onthouden zijn'.

Diemer41b  Diemer4.1cLong

LongBogo-variant: 

(Later  raadplegen van Komodo10 heeft me opgeleverd, dat ook bij deze variant nog veel te onderzoeken en te experimenteren valt. )

Met zwart speelt u geen Bogoljubov.

Diemer4.1 Diemer41b

Maar een andere, nog door mij later te behandelen variant. Met wit speelt u de Longbogo.  (Onderonsje met Ron: In de Bogoljubov dus! In andere varianten meestal niet!)

OK ? Afgesproken!

Ik zou het hierbij kunnen laten.   Maar ik kan niet nalaten u nog wat aardigs van de Bogoljubov laten zien.

Eerst een hoogst eigenaardig variantje: Daar hebben de BDG-ers een leuke naam voor.  Die variant slaat nergens op, maar het is wel in de  BDG-stijl:  "De Dolle Hond"-variant. De uitvinder is ene Tom Purser, die ergens schreef:  "Toen ik deze zet voor het eerst liet zien aan mijn Engelse dog, begon hij te janken, en kroop weg onder het bed."  

Als BDG-er moet je er tegen kunnen dat je wordt ingeblikt. Waar kun je dat beter van verdragen dan van je computer? Vele jaren geleden kon je ook nog wel eens winnen van een computer. Die kans zit er tegen Komodo10 of Houdini4 niet meer in. Ik had een nogal sterke reiscomputer. Hij is inmiddels bezweken. Ik treur nog elke dag om hem. Elo ong. 2050. Maar af en toe was het net een mens. Zelfs hij maakte soms de fouten waaraan je BDG-tegenstander zich hopelijk gaat bezondigen.

ES- TravelExpert, 2011

Dat was het weer. Voor vragen en opmerkingen houd ik me aanbevolen.

Tot de volgende keer. We komen dan misschien in de buurt van een nuttig zwart-repertoire.

 

 

OudGoud7

20 juli 2016

Ik citeer mijn verslag van de bondswedstrijd tegen Revanche van febr. 2012:

"Jouw tegenstander is de sterkste van het hele team" "Dat tref ik nou altijd! En dan ook nog altijd met zwart. En dan te bedenken dat ik hartstikke duf ben en moe! En dan krijg ik ook nog Engels tegenover me, waar ik niks van weet."  Een snelle berekening en raadpleging van vriend en vijand leert ons: Frank was "de man van de match" :

 1. Hij speelde met zwart   2. Tegenstander  had 200 Elo-punten meer  3. Frank won op z'n sloffen. Robin Sneeuw (1826) was de hele partij kansloos, wat ook al bleek uit zijn forse achterstand in tijd. 4. Frank had weken niet gespeeld, geen wedstrijdritme dus.

Mijn nieuwe schaakprofessor Komodo10 haalt één van mijn argumenten volledig onderuit.

Robin Sneeuw (1826) – Frank de Geus (1623), febr. 2012

FrankRevanche1  FrankRevanche1

1.  Noem één van de drie zetten die Komodo10 hier als sterkste aangeeft.

2.  Maar die speelde wit niet. Wit rekende -dacht hij- dieper. Verzon een schijnoffer. Verzin de begrijpelijke doch grootste fout die wit hier kan maken, en die hij dan ook maakte.

3. Verzin de  begrijpelijke, maar niettemin grote fout waarmee in de partij zwart op zijn beurt zijn winst nu vrijwel om zeep hielp.

Tot troost: Frank won het nu zeer remise-achtige eindspel toch!!

Mocht u nog energie overhebben in deze tropische tijden, zend mij uw inventieve gedachten, per mail, binnen een week,  via eddysaraber@hotmail.com.

 

_______________________________________________________________________

Diemer3

Ter herinnering: we waren bezig met een niet geheel correct, maar wel kansrijk gambiet, hardnekkig een leven lang gepromoot door een Duitse malloot: het Blackmar-Diemer Gambiet van Joseph Diemer. In de vorige aflevering bekeken we de Euwe-variant. M.i.  het minst gevaarlijke antwoord. Ik had beloofd nog wat te laten zien van een van de m.i. meest logische manieren om het met zwart te bestrijden, met een niet te laat c5 en Pc6.

Hoe pakt een echte grootmeester het met zwart aan? (Eerst maar in stukjes. Hieronder zal ik de hele partij in een ' levend' diagram nog eens afdrukken.)

Randolph,John (2203) – Gurevich,Dmitry (2543)

1.d4 Pf6 2.Pc3 d5 3.e4 dxe4 4.f3 exf3 5.Pxf3 e6 6.Ld3 c5

BDG7   BDG7

Gelijk maar c5. Geen tempo verliezen, met eerst Pc6 wat pion c7 even blokkeert, of c6  en dan later   alsnog c5. Voorlopig weet wit wat hij nu het beste kan doen. Het is allemaal gemakkelijk te onthouden, voor beide partijen.

7.dxc5   Je moet hier kiezen: laat ik hem slaan op d4 of sla ik zelf op c5. Dat laatste schijnt iets beter te zijn. In een eigen partij (zie verderop) koos ik voor laten slaan en direct  7.Lg5  Ik had niet zo'n zin om de zwarte loper extra uit te nodigen om mijn korte rochade te gaan verhinderen. Maar deze witspeler vindt dat kennelijk niet erg.  7. ..  Lxc5 8.Lg5 h6 ( let op het tijdstip, ik herhaal: meestal is het hoe eerder  hoe beter.)  9.Lh4 Pc6

BDG8  BDG8

10. Pe4 ziet er logisch uit. Maar heeft als bezwaar dat het gemakkelijk gaat leiden tot ruil van stukken (Na 10. …  Da5+ of na 10. .. Le7). En , ik herhaal, dat vindt wit niet zo leuk. Met minder stukken kun je minder gemakkelijk aanvallen. Houdini vindt 10. De2 en dit keer toch wel lange rochade ( hier dus wel een keertje) ook een aardig plan.

10.Pe4 Le7 want vooral een grootmeester weet: stukken ruilen, en dan het eindspel met een pion meer winnen! 11.Lxf6 moet helaas wel, want het paard op e4 wil wit even behouden Lxf6 (pion op b2 staat in)

BDG9 BDG9

12.c3 Lh4+  want vooral een grootmeester weet ….. op naar een eindspel met een pion meer, enz. 13.Pxh4  Daarom had ik hier maar gelijk 13. g3 gespeeld. Dxh4+  14. g3 De7 15. Dg4  (Je moet toch wat. " Misschien gaat hij zijn koningsstelling verzwakken."  ) 

BDG10  BDG10

Dat gaat hij inderdaad doen, maar een grootmeester ziet snel dat dat niet veel kwaad meer kan.

15. .. 0-0  16. 0-0 is dit een blunder? Ja en nee!

BDG11 BDG11

16. …  f5!? Is dat stukwinst? Zo eenvoudig is dat nu ook weer niet. Je speelt tenslotte BDG, en dat is niet iets voor bangerikken. 17. Dh5 en nu hoopt wit waarschijnlijk op 17…fxe4 18.Txf8+ Dxf8 19.Tf1+ Dd8 20.Lxe4 . Zwart staat een stuk voor, maar er dreigt Dg6 en mat.

BDG12  BDG12 (analysediagram)

20. .. Pe7 de enige om Dg6 te voorkomen 21.Df7+ Kh8 22.Df8+ Dxf8 23.Txf8+ Pg8 24.Lg6 en het wordt remise. Maar ja, hij speelt tegen een grootmeester. Die ziet een eenvoudiger weg en heeft dat stuk helemaal niet nodig om te winnen.

Terug naar het werkelijk gespeelde,  zet 17….   .

BDG13  BDG13

17  … Ld7  Goed genoeg. Ook 17. … Pe5  of  17 .. b6 waren voldoende geweest. Ik hoef jouw stuk niet! Aanschouwt hoe de sterkste schaker rustig het initiatief overneemt en dan zelf tot aanval overgaat! (Speel het na op het 'levend diagram hieronder)  18.Pd2 Pe5 19.Le2 Dc5+ 20.Tf2 Tad8 21.Pb3 De3 22.Taf1 Lc6 enz. 0–1

Randolph,John (2203) – Gurevich,Dmitry (2543)

Ik kan me voorstellen dat u nu denkt:

"Wat een malaise!

Aan mijn lijf geen polonaise!

BDG-gambiet?

Voor mij mooi niet!" 

Maar Aris de Heer-spelers hoeven niet tegen grootmeesters te spelen.

 

(Althans zelden. Enige uitzondering : André Mulder die ooit tegen Adam Kuligowski moest spelen. Het moet rond 1980 geweest zijn.  Voor de NHSB-competitie, 4e klasse, Aris de Heer 2 – Koningsclub Bergen 2. Miljonair Pagel had die grootmeester laten overvliegen uit de USA voor zijn hobbyclubje. André deed het rustig aan. Hij had de hele avond de tijd. Hij speelde Gruenfeld-Indisch. Kuligowski (won dat jaar o.a. van Kortsnoi!) las de krant, keek af en toe even naar het bord en deed na enkele seconden zijn zet. Hij had wat haast, want hij moest het vliegtuig terug naar de USA nog halen. Dat lukte hem nog net. Pagel liet hem laat op de avond met laagvliegende taxi naar Schiphol vervoeren. André bleef wat verbijsterd achter. "Wat heb ik nu eigenlijk fout gedaan?")

Maar uw tegenstanders zijn meestal zo vriendelijk u met een blundertje behulpzaam te zijn in stellingen waar ze wel goed in staan, maar die ze te moeilijk gaan vinden. Om u weer moed te geven om het BDG zelf ook eens te proberen:

ES – Haan   01.05.2014  

Inmiddels heb ik alweer zoveel op uw scherm gezet dat ik de Bogoljubov-variant nog maar een weekje moet uitstellen. Ik volsta nu met een voorbeeldje van een hoofdvariant daarvan. (Met 7. Pe5 en 8. Lg5)  Weet u vast waar het volgende keer over gaat.

Diemer – Sutterer

Tot de volgende keer!