Categorie archief: Externe competitie

Heilloze missie?

Winters kennen we niet meer. Kwamen vroeger de vrienden uit Heiloo in de donkere dagen voor Kerstmis  nog wel met de arreslee naar Midden Beemster voor een gezellig potje schaak, dat kan niet meer. Oude winters, die zijn vandaagdedag alleen nog maar te zien in het Singermuseum  in Laren. Tot 5 januari 2020. En daar kun je je eveneens vergapen aan ‘ (slecht)  Weer en wind’. Maar zulk weer kennen we wel nog steeds, en maar al te goed. En dat zal nog wel erger worden. Zeggen ze. Ze beweren dat Middenbeemster binnenkort alleen nog maar per vaartuig te bereiken zal zijn. Geeft niet, tegen die tijd is Aris de Heer al lang van de aardbodem verdwenen.

Maar ja,  dat toch nog maar heel even uit te stellen, dat  was afgelopen maandag onze belangrijke missie. Niet zo’n belangrijke missie als die van de deze maandag eveneens startende Klimaattop, maar toch. Een belangrijk  missietje dus, maar wel van ons. En met veel minder kans op ruzies onderling als daar in Spanje. Het ging hier vast ook wel spannend worden, maar voor ons wel, als altijd tegen Oppositie, best wel gezellig.

Die  ouwe Heilose vrienden. Maar waar was hun  boegbeeld, mijn voorbeeld, Peter Folkertsma?              Ongeveer even stokoud als ik. Maar nog steeds achter het bord. Hij wel. Maar nu dus even niet. (Waarom niet? Toch nu al niet ……… ? Alsjeblieft niet hè !?).  

Ja gezellig, maar we moeten wel winnen. Met winst zouden we de omringdijk verhoogd hebben die ons moet beschermen tegen de dreiging van degradatie. Dan zijn we weer een seizoen veilig. Daartoe weer een beroep gedaan op onze zzp- dijkwerkers, Bert 2 en Jos 1. En met hun hulp moet dat dan kunnen tegen Oppositie. Lukte vroeger ook meestal tegen die ouwe vrienden. Aardige jongens. Die laten dat wel even toe.  Die helpen ons wel even. Dan hebben we dit seizoen drie keer gewonnen, en kunnen we ons rustig laten omverblazen door de tornado van Purmerend en laten wegspoelen door de tsunami van Waagtoren.

Ik kwam wat later. Sorry dat ik het zeg, maar ik had nog wel een uurtje langer kunnen wegblijven. Er gebeurde heel lang nergens iets spannends. Nergens iets dat kon wijzen op het echt gaan realiseren van onze positieve  streefcijfers ten behoeve van het goede schaakklimaat, waar we nog jaren mee vooruit zouden kunnen. Nou ja, alleen bij Frank leek het erop. Die was duidelijk van plan om het – anders dan bij BV Nederland tot nog toe-  niet te laten bij gepraat over de doelstellingen van een mooi akkoord, maar echt te gaan handelen.   Risico’s nemen. Investeren. Al bij zet 7 was duidelijk dat hij absoluut wilde aanvallen. Jammer dat zijn tegenstander Jan Jonkheer  voorlopig  genoeg alternatieve energie in huis had om die plannen te dwarsbomen.  Bert1leek al heel snel wat onder druk te staan en had heel veel tijd nodig, Jos haalde wel even toch weer een bijna gelijke stelling uit zijn goocheldoos, maar was daarna de gebruiksaanwijzing even een beetje  kwijt,  Gerrit zat heel erg alles wat complicaties zou kunnen opleveren uit de weg te gaan. Bij Bert2 was al na 6 zetten sprake van ernstige  kustlijnerosie, Ron zat zich hoofdschuddend af te vragen hoe hij zomaar in zoveel stikstof had kunnen  verzeilen, bij Martin stond  het bouwprojekt nog lang stil. Ging duidelijk even duren voor een degelijk Pfas-onderzoek zou kunnen plaatsvinden.  Bij Paul was gelukkig wel iets te bespeuren van ooit  wat dadendrang zou kunnen worden , maar voorlopig bleven ook daar de trekkers nog even op het erf.

Voorlopig nog heel lang weinig wind en weinig zonneschijn,  dus een dreigend tekort aan groene  energie.  Tegen mijn gewoonte in werd ik er nog niet zenuwachtig van. We maakten het al een paar keer mee dat we noodgedwongen langzamer rijdend, pas laat op de avond toch bij ons doel arriveerden. Nu hopelijk ook. Dat het niet altijd van vroemvroem kan gaan, dat begrijpt tegenwoordig iedereen, zelfs Rutten.

En warempel. Er werden  nu ook nu weer later op de avond  wat minder fossiele resultaten zichtbaar. Bert had zijn bouwwerk met een grote tijdsinvestering toch nog goed weten te isoleren. Remise. Leek mij ter plekke een meevaller, maar de analyse later leerde dat het eigenlijk al een poosje minder ernstig was geweest dan het leek. Gerrit leek zelfs ineens even kansen op meer te krijgen, maar dat bleek een beetje gezichtsbedrog. En toen kon hij erg gemakkelijk en terecht afwikkelen  naar remise. Ook dat spaarde voor de rest van de avond veel energie uit.

2S7A7173_1WEB

En Ron zag kans om toch die ongewenste  CO2-uitstoot wat terug te dringen. Remise. Ook wel beetje een meevaller.  Maar een ongelofelijk belangrijk resultaat  voor onze eigen bondsklimaatplannetjes boekte Bert2. Die stond echt na 6 zetten door een misser in de opening er totaal hopeloos voor. Bijna net zo beroerd als de nieuwe stikstofwet er voor staat  nu de Eerste Kamer hem moet goedkeuren. Ook bij Bert2 dacht ik : dat gaat echt nooitniet lukken. En toch. Hij ontsnapte, omdat zijn tegenstander de winst langzaam maar onherroepelijk op de sterk gezwollen rivier liet wegdrijven.

Maar toch. Vier remises, waarvan wel enkele een meevaller, maar toch, dat is toch wel erg klimaatneutraal. Is er ergens nog zon te zien? Hebben we nog ergens een paar voordelige zonnepanelen die kunnen helpen om een dreigende zeespiegelverhoging tegen te gaan?

Ja, bij Frank , die creëert in de aanval kansen, raakt ze even kwijt, krijgt ze weer terug. Houdt er twee pluspionnen aan over, en met niet al te veel tijd meer over op de klok schuift hij het eindspel naar winst in blitz- tempo. Kijk dat zijn de activisten die je nodig hebt, wil het nog ooit goed aflopen op onze planeet! En Paul krijgt loon naar werken na een hele avond zeer geconcentreerd en m.i. vrijwel foutloos spel. Hij wint een stuk. Zijn trekkers zijn nu ook uitgereden, voor een demonstratie.  Om iedereen te laten zien: Je kunt best alle wegen blokkeren voor twee oprukkende verbonden vrijpionnen.  Een demonstratie, van degelijk schaak. Jos vecht, maar redt het niet. Zijn tegenstander heeft ook twee oprukkende vrijpionnen. Paul kon daar een extra stuk tegenover stellen. Jos kent die luxe niet.  Die vecht, maar voor een verloren zaak.   Al met al staan we toch een punt voor. Als Martin kans ziet remise te houden, dan hebben we gewonnen.

 2S7A7172_1WEB

Het zijn aardige jongens, die uit Heiloo, maar natuurlijk niet gek! Ook zij kunnen een gelijkspel best gebruiken. Zij hebben ook geen zin in degradatie. Dus Dick Oostrom , die al vanaf zet 10 wat beter staat, maar bij zet 37 Martin de gelegenheid geeft om eindelijk een beetje terug te komen, gaat er in de tijdnoodfase , heel heel laat op de avond, nog eens goed voor zitten. En dan gebeurt wat we al heel lang in de externe niet met Martin hebben zien gebeuren. Die maakt een foutje bij zet 38 in de tijdnoodfase. en dat blijkt desastreus. En na nog een foutje bij zet 39 wint Oostrom resoluut. Ook aardige man, maar dus toch iets minder. Maar zijn winst was wel verdiend. Martin kreeg weinig kansen.

Trouwens het gelijke spel was zowiezo voor Oppositie verdiend! Die konden tevreden en opgewekt naar huisl We hopen ze volgend jaar toch nog in de 2eklasse opnieuw te treffen. Dan moeten ze wel met elektrische automobielen komen. Maar dat doen ze wel. Het zijn heel aardige jongens.

Heilloze missie? Het zal moeten blijken of onze geringere dijkverhoging van vanavond nog wel voldoende is voor een klimaatneutraal resultaat. Of we wel genoeg gedaan hebben om een Amersfoort aan Zee – achtige situatie te voorkomen. Maar ach … we zien wel.

Hieronder nog wat illustratief materiaal:

Allereerst een recent door mij geschoten plaatje waaruit blijkt waarom die Heiloose burgers zulke aardige mensen zijn. Het is daar gewoon rustgevend mooi. Zeker in de herfst:

1 dec. 2019, landgoed Nijenburg bij Heiloo

Maar nu terzake. Dus over schaken:

Ron- André van der Ark

 RonOppositie 4  ….  fxe4

Ron: Ik ben blij met ons gelijke spel, maar absoluut niet met mijn partij. Waarom krijg ik toch varianten die ik liever niet zie? Had ik maar voor een gambiet gekozen (5  f3) i.p.v. 5. Pxe4.’  (Eddy:  Het Staunton-gambiet in het Hollands)

 Ron – Oppositie (17.d5!)

Ron: ‘Hij verhinderde helaas Dg5 met h6 en ik zag hem het thematische e5 voorbereiden. Ik moest daarop wel d5 spelen. Volgens mij, als hij nu zijn opzet rustiger voorbereidt, en voorkomt dat ik later Lb5 kan spelen om zijn in die stelling sterkere paard te ruilen, krijg ik het heel moeilijk. Nu zag ik g3 gevolgd door Lb5! en dat ik daarna mijn paard naar e3 kan spelen, die daar gewoon heel sterk verdedigend en min of meer onaantastbaar staat. Vanaf toen remise aangeboden, wat hij uiteindelijk accepteerde. M.i. was het toen ook gelijk. ‘ Eddy:‘Zo is het!’

Frederik Smith – Bert Kaizer

  Fred Smith – BertKaizer (6.Le3)

6 …  e6???  is desastreus. Wit speelt 7. Pdb5 en zwart kan niet verhinderen dat dat beest naar d6 hopst! Dat wordt daar een heel erg vervelend paard.

Het blijft voor zwart lang een bloedstollende stelling. Maar Frederik Smith blijkt ook maar een mens: Eindelijk komt er toch wat lucht voor Bert2 bij zet 15:

Fred Smith – BertKaizer (15.Le3)

Zwart kan dat akelige paard nog steeds niet slaan, omdat wit na  15  …  Pxd6 16. Lc5 ! speelt. Dan wordt het middel erger dan de kwaal. In plaats van een paard komt er dan een minstens even vervelende loper op d6. En zwart speelt daarom 16 …  b6! Nu moet het paard wel weg. Maar het is zeer de vraag of het gespeelde 17. Pxc8 dan wel het beste is. Na Pb5 blijft het paard nog steeds lastig en als hij gedwongen wordt naar d4 te vertrekken, dan doet hij daar ook nog van alles.

Toch houdt wit nog steeds wat voordeel (loperpaar !).  Tot zet 20.

  Fred Smith – BertKaizer (19…Pxd5)

Zet 20 . La6? Leidt slechts tot grootscheepse stukkenruil. Na 20 … Pxe3  21. Txe3 Tcd8 was het snel terecht remise. Beter was geweest: 20. Lg5! f6  21. Lg4! Pc7 22.Lf4. Wit behoudt het loperpaar en wat initiatief.

Kees Jongkind – Bert

Wit’s stelling speelt al de hele avond wat gemakkelijker. Komodo ziet licht voordeel voor wit. Maar inderdaad ik zag het iets te somber. Bert had gelijk. Heel erg is het niet.

Jongkind – Bert



Gerrit- Richard Sauer

Sauer vond dat hij in de stelling hieronder beter stond. Dat betwijfelde ik. Komodo geeft me gelijk. Gerrit staat wat beter, maar gelooft daar zelf wat te weinig in. Zet 32 , maar vooral het ruilen op zet 34 kon sterker.



Martin- Dick Oostrom

Martin ging in de fout  bij zet 38 en 39. Hij meldde me zelf al achteraf hoe hij het bij zet 38 beter  had kunnen doen.



Simon Smit – Jos

Jos meldde me dat hij zijn partij helemaal niks vond, en dat hij – mede i.v.m. zijn voorlopig even niet meer beschikbaar zijn – me binnenkort een leuker potje gaat opsturen.

Daarom laat ik een fragment uit zijn partij maar even achterwege. Ik vond trouwens wel frappant dat hij alweer in de opening kans zag een en ander van zijn alweer een wild avontuur toch een beetje te compenseren. Pas later ging het echt fout. Moet vermeld worden dat Simon Smit echt een heel sterke schaker is, die al jaren de onbedreigde kampioen van Oppositie is. Die trapte echt nergens in!

En last but not least:

Paul- Cor v. Etten

Paul stond lang niet veel beter, zelfs iets minder, maar krijgt de wind in de rug rond zet  18. Paul speelt vanavond zeer geconcentreerd.



Met een stuk meer gaat het natuurlijk wel lukken.  Toch moet hij nog wel even oppassen want er komen wat pionnen in het centrum aanstormen:

  Paul – Oppositie (26…Td5)

27. Lh4 e4 en stel je voor dat wit nu even dat pionnetje meepakt  28. Txd4 ???  Txd4  en dat is torenverlies voor wit, want die mag niet terugpakken wegens Tc1 mat!  Daarom speelt Paul eerst even 28  h3 ( “Was ist ein Mensch ohne Ventil? “ zei Tarrasch (geloof ik))  en wint daarna zonder problemen.

Frank- Jan Jonkheer

De opening vond ik heel boeiend. Twee spelers die om de beurt proberen de platgetreden paden te vermijden. Dat leidt tot een stelling die als schaakprobleem in de krant zou kunnen. Als Frank hier had doorgezet (Hij heeft er wel naar gekeken , denk ik, maar durfde het niet aan. Te diep.) had het prachtig kunnen worden. Kijk ernaar, en geniet!



 Nu nog een lange weg te gaan. Maar Frank gaat die weg. Rustig, maar vastberaden. En met succes ! Tot zet 19.

  Frank – Jan Jonkheer (18…Pe6)

19. Dxf5 Wel netjes, maar kan nog sterker:    Prof Dr Ir K.  geeft hier :

19.Pxd5!+–   (2,25)  19…Pxd4 20.Pxe7+ Dxe7 21.Dd5+ Pe6 22.Th3 c6 23.Dd6

Hierna schiet het even niet meer op, en geeft wit zelfs wat kansjes weg op wat meer gelijk spel voor zwart, maar die ziet dat gelukkig af en toe ook niet. Maar toch. Na een plan met een voor mij een beetje onbegrijpelijke koningswandeling staat het helaas ineens volkomen gelijk! Maar dan blijkt al dat maar moeten verdedigen toch zwart niet in de kouwe kleren te zijn gaan zitten, want hij maakt een forse fout. Wit kan ineens gebruikmakend van de eenzame positie van de zwarte Toren op h5 een heel belangrijke pion winnen!

Frank – Jan Jonkheer (26 … Le3)

26   …  Lf5 ??  27.Df3!!  Lg6 28.Dxd5+ Dxd5 29.Pxd5

Erg voor zwart is ook nog dat Frank hem kan dwingen tot nogal wat stukkenruil en dan -met nog weinig tijd- een niet erg moeilijk Toreneindspel ingaat met 2 pionnen meer.

  Frank – Jan Jonkheer (34.Kxd5)

Dat schuift hij moeiteloos naar winst!  Ik denk toch: Frank the man of the match.

Ron:  Brrr….ik had geen fijne avond …….  Hulde aan Paul en Frank weer. 

Laatste correctie moet nog plaatsvinden.

_________________________________________________________________________

Simon Smit (1854) – Jos Lohmann (1815)             0 – 1


Ron de Vink (1904)-  Andre van der Ark (1578)  ½ – ½


Kees Jongkind (1774)-   Bert Kuijer (1790)          ½ – ½


Paul Verkooijen (1773)-  Cor van Etten (1554)      1 – 0


Dick Oostrom (1625)- Martin Zwaneveld (1704)    0 – 1


Jan Jonkheer (1540)- Frank de Geus (1692)            1 – 0


Bert Kaizer (1671) – Frederik Smith (1518)             ½ – ½


Richard Sauer (1415) – Gerrit van Dok (1551)         ½ – ½



Totaal

Gemiddelde rating: 1738

Gemiddelde rating: 1607

4 – 4

Heerlijk avondje,2e druk

Na 80 jaar ben ik nog steeds nerveus als ik me naar zo’n ontmoetingscentrum moet begeven, waar hèt wellicht kan gaan plaatsvinden. Wel een beetje optimistische spanning, maar toch. Zou hij wel komen? Of gaan we voor niks? Het weer is niet lelijk.  Het is zelfs volle maan. Dus daar zal het niet aan liggen. Maar er is zoveel meer onzekerheid in de wereld dan toen ik vier was. Zou die zwarte Piet wel zwart zijn. En zou iemand van ons groepje makkers hem vanavond misschien toegestopt krijgen?  Niet te hopen. In de auto kon zelfs hun wild geraas me niet helemaal gerust krijgen.

Maar ja hoor. Hoera! Hij kwam. Met kadootjes voor bijna iedereen. Bijna iedereen heel blij. Hadden gekregen wat ze diep in hun hart hadden gewenst, maar waar ze nog niet echt op hadden durven rekenen. Des te schrijnender voor die twee die het zakje met wat zout kregen. Schrale troost : Niemand nam het ze kwalijk. Ze hadden wel in ieder geval erg hun best gedaan. Na het feest deed iedereen zijn best om ze wat op te beuren. “Je hebt het spel echt wel goed gespeeld, maar ja het was vanavond echt gewoon te moeilijk. Het stond nu eenmaal al genoteerd in het Grote Boek, dus dat onheil was gewoon niet af te wenden.”

Moet wel worden vermeld dat ook vanavond de kadootjes weer erg ingewikkeld waren ingepakt. De meesten van ons clubje waren met toenemende wanhoop  de hele avond bezig met het uitpakken. En velen zullen gevreesd hebben dat er tenslotte na al die inspanning alleen een briefje zou worden gevonden,  met een nul erop of soortgelijke ongein.

Alleen Ron bleef dat bespaard. Na 15 minuten wist die al dat het voor hem een heerlijk avondje ging worden. Zijn kadootje was eigenlijk nauwelijks ingepakt. Je kon zelfs met het papier eromheen al zien wat er in zat. Een vol stuk na zet 5!

Goed te zien bij wie het moeilijk is

Maar verder…..  Gerrit begon als gewoonlijk weer te voorzichtig en stuitte daarom al gauw op veel kleverig plakband. En het bleef maar voortduren. Heel taai allemaal. Taai-taai bijna. En pas na heel veel geduldig prutsen met nerveus trillende handen kwam laat de surprise op tafel: een prachtige raadsheer. Bijna antiek. Een aanwinst voor zijn vitrinekast. Een van de makkers wees me erop dat Gerrit als altijd zulke heel nerveuze fysieke trekjes vertoonde in zulke situaties. Dat was mij nooit opgevallen. Wel dat hij als een kind zo blij kan reageren bij ontvangst van zulke kadootjes. Nu dus ook. Maar hij is te goed opgevoed om hier in aanwezigheid van  zoveel  beduusd kijkende vreemde speelgenootjes zijn ons allen bekende schaterlachje te laten klinken Doch een brede glimlach week de rest van de avond niet meer van zijn gelaat. Begrijpelijk. Hij kon hierna opgewekt gaan genieten van het gepeuter van anderen.

Bij Martin viel het ook nog wel mee. Hij pakte het maar weer op zijn Engels aan. En we weten na al dat Brexit-gedoe dat dat vaak nogal onoverzichtelijk is. Kreeg hij wat, of kreeg hij niks? En ineens was daar toch wat lekkers. Twee marsepeinen pionnetjes. Leuk en smakelijk. Hij kon er gelijk van gaan genieten. Zeker toen zijn tegenstander  dat gesnoep niet wilde aanzien en dus gelijk maar opgaf.  Beetje snel. Maar Martin troostte hem :” Ja, je hebt gelijk,  met die twee erbij had ik me vanavond echt wel weten te verzadigen.”

Trucs uit de toverdoos

Jos mocht vanavond zijn bekende eerder hem geschonken goocheldoos weer gebruiken. Die heeft daar  intussen zoveel trucjes mee geleerd. Ook hoe je een in ontbijtkoekviezigheid  verpakte koning moet bemachtigen. Hij verloor en passant wat gereedschap. Een pion.  Ik begon te twijfelen. Ja ik zie zijn paardje nog wel heen en weer huppelen.  En we weten nu wel dat hij erg handig is met het resterende gereedschap, maar ja dan is er ineens weer wat weg. Veel stukkenruil. Dat maakt het uitpakken er niet eenvoudiger op. En hola, daar gaat nog een pion. Ik vrees dat het toch allemaal vanavond zijn huisje voorbij gaat rijden. En dan ineens  is daar weer zo’n ongelofelijke truc. Kan hij toch nog een halfje uitpakken? Ja hoor. En zijn tegenstander is kennelijk net als ik zeer verbijsterd. Die gaat hem van de schrik nog een handje helpen. Jos komt bij me langs met zijn gebruikelijke vraag: “Hoe staat het er verder voor?” “ Nee alsjeblieft Jos, je gaat nu echt geen remise aanbieden. Echt niet!” “Ja maar een overwinning is helemaal niet verdiend!” “Dat zal best, maar we hebben die punten hard nodig Jos! “ “Hmmmm “  Maar hij krijgt de tijd niet. Zijn tegenstander steekt zijn hand al uit om hem te feliciteren.  O kom er eens kijken!  Dat doen er dan velen. Daar ligt hij. Die wat smoezelig geworden witte koning. Maar toch een heel mooi  onverwacht presentje.

Ron maakt het zich mijns inziens veel te moeilijk. Die blijft mooi in de aanval willen winnen, maar had gewoon veel stukken kunnen ruilen en dan op zijn  sloffen wat minder fraai maar normaal gewoon winnen. Nu wordt het nog een beetje van zijn bekende steunen, hoofdschudden,  en tijd verspillen. Maar uiteraard dat kadootje van zet 6 gaat niet verloren. En dus wint hij natuurlijk.  

Hebben we dan echt Jos z’n punten hard nodig? Toch wel.

Herman doet wat we van hem verwachten. Heel lang goed spelen, het zijn tegenstander het behoorlijk lastig maken, en dan toch helaas verliezen. Hij stelt ons niet teleur. Maar wel voor raadsels. Al zo goed spelen en dan toch iedere keer weer gaat het mis. Enfin, eens is dat over!

Bert staat twee pionnen achter. Paul won een stuk, maar gaf het daarna ook weer weg. We zullen  al blij zijn als hij een halfje in zijn schoen vindt, maar je weet het niet.  

En Frank. Waar die mee bezig is? Hij zit veel in het buitenland. Ook in zijn openingen. Vanavond naar Sicilië in plaats van naar Frankrijk. Maar om hem nu in de zak naar Spanje te zien afvoeren. Dat vinden we geen prettige gedachte. Maar het lijkt erop of dat gaat gebeuren. Zijn koningsstelling is een ruïne. Te veel stukken zijn niet ontwikkeld. Daar valt vast geen chocolade meer van te maken. Laat staan een chocoladeletter 1.

Maar dan ineens!

Paul lijkt eindelijk toch een oplossing te vinden. Zijn tegenstander ziet heel veel, maar speelt de hele partij al veel te gehaast. En dus af en toe onnauwkeurig. En soort Limmense versie van Ab. Paul wikkelt ineens vlot de verpakking af. Met een vol verwachting kloppend hart zien wij het gebeuren.  Naar een eindspel met 2 pionnen meer. En dat is dus toch gewonnen.

Ik ga het toch redden geloof ik

Frank  worstelt zich een uitweg uit zijn misère. Rommeldebommel, wat een gestommel. De  tegenstander wordt nu op zijn beurt zelf ingepakt. Met wat fraaie (eindelijk) eindzetten doemt Frank hem tot bewegingloosheid.  En wint! Hij kan nu zijn vanavond zo verschrikkelijk moeizaam bijeengeraapte pepernoten gaan nuttigen.

Zo die klus is geklaard. Iedereen tevreden.

Na het briljante Pd8

Maar Bert niet. Die ziet heel knap kans om met twee pionnen achterstand tegen een schijnbaar onaantastbare verdediging toch nog tegenspel te creëren. Het is al elf uur. Hij maakt het spelletje heel heel ingewikkeld. De hele optocht is bijna gepasseerd. De Limmense Pieten zijn al begonnen met afschmincken.  Alleen Bert zit er nog. Beide spelers aardig al wat tijdnood. Minstens vijftien kijkers om hen heen. Iedereen denkt na Bert’s magistrale 30e zet  dat ook zijn welhaast Lohmanniaanse tovertruc toch nog een schitterend kado zal gaan opleveren. Maar helaas helaas … !  Zijn tegenstander is of een aanstormend talent, of toevallig vanavond in topvorm, of is hij die onbekende hoge schaakpiet die in vermomming is aangetreden, want jasses wat speelt die vent sterk! De hele avond al! Hoezo 200 elo-punten minder! Niks van te merken. Dus die vindt de moeilijkst vindbare oplossingen, ook in tijdnood. Alles ziet die slimme Piet, zich vergissen kan hij blijkbaar niet. Na 32  zetten moet Bert opgeven. Een magistraal optreden, van beiden. En gezien de totaaluitslag is er absoluut geen reden Bert de zwarte Piet toe te spelen. Gelukkig maar. Hij zal het hier al moeilijk genoeg mee hebben.

We kunnen naar huis. Dat was een heerlijk avondje. Zou hij wel komen? Ja hoor. Hij kwam. Wie of wat? Die voor ons zo noodzakelijke overwinning!

Wij kunnen zingen en springen en zo blij zijn. Iedereen wil nog wel even nakaarten. We zij nog lang niet moe, maar ja, we moeten naar ons bedje toe. Morgen weer een dag.

Bovenstaand relaas schreef ik op zonder nog de surprises op mijn kamera te hebben uitgepakt, en zonder nog mijn nep-sint (sorry: wepsint) te hebben geraadpleegd. Gewoon eigen kinderlijke enthousiaste beleving.

Wat de wepsint me thuis nog opleverde gelieve u hieronder aan te treffen:

Het supersnelle kadootje voor Ron, en hoe het ook simpeler had gekund, en hoe het toch een mooie aanval werd. Niet moeilijk, maar wel grappig. Niet zo leuk voor Dirk Aafjes.



Gerrit’s kadootje in nog steeds geen superleuke stelling

  Gerrit – Limmen (40.Ta7)

40 …. Le7 ???  (Komodo geeft  40 …  g5 41 fxg5 Lxg5met ietsje beter voor zwart)  41. Dxe7  Dankuwel alstublieft.         

Uit de toverdoos van Jos:

Ron:  ‘Jos werd gewoon overspeeld. Na Pxc5 i.p.v. Pxf6 kan hij inpakken. Nu won hij vervolgens alsnog met mazzel. ‘   Ja zo kun je dat ook noemen, maar ik vond het meer toveren. Alsmaar blijven loeren op tactische mogelijkheden en dat het dan nog lukt ook!



Paul weet dat kadootjes krijgen leuk is,  maar kadootjes geven ook.

Kadootje krijgen :

  Limmen – Paul (25…Tf3)

Wit speelt  26. Ph2 ??  ( 26. Dg2! En wit staat nog steeds heel erg gelijk) 26 ..  Tf2 ! wint een stuk. Het paard op h2. Wit zal dan hopen dat hij dat zwarte paard op zijn beurt ook in het nauw kan brengen, maar dat kan niet echt.

Kadootje geven (jammer genoeg zonder gedicht) :

  Limmen – Paul (30.Tg1)

Paard toch gevangen? Welnee. 30  ….  f5 !  31 gxf6 en passant  Pxf6

31. … Pe3?  en dus  dankje sinterklaasje 32. Dxe3

Ron: ‘De partij van Paul begreep ik niets van, hij wikkelde wel fraai af toen hij 2 pionnen voor stond.’

Het waren er intussen drie. En de witte piet begrijpt dat hij zonder dame tegen drie pionnen extra echt nergens meer op hoeft te rekenen. En dat weet Paul ook. Vandaar :

 Limmen – Paul (40.Dg5)

40. … Df6! 41. Dg3  Df2 en wegens de dreiging op c2 of b2 moet wit wel  ruilen. En hij geeft dus op. Ik vond het sinterklaaspapier van de verpakking wel origineel. Misschien kan Paul het bewaren voor een volgende gelegenheid. Als we volgend jaar tegen sinterklaas weer moeten zwoegen om in de tweede klasse te blijven.

En hoe werd bij Martin hard aan de deur geklopt? Of eigenlijk halfzacht geklopt?

In de stelling na zet 19 staat wit een fractie beter volgens de wepsint. Dat zal wel komen door die achtergebleven pion. Klein gebrek geen bezwaar: die dubbelpion van wit. Maar dat gaat pas in een eindspel een rol spelen. Nu doen ze nog goed werk.

Martin Zwaneveld – Remi Aafjes (19.Txb1)

Er dreigt natuurlijk Pa4! Zwart haast zich om extra dekking met zware stukken voor c6 te gaan regelen. Doch ziet iets over het hoofd. 19..  Dc7 ?? 20 Pxd5 Achjee! Die pion op c6 staat gepend! En als hij dan de penning opheft en na 20. …. Lxd3 21. Dxd3 alsnog slaat op d5 met  21. .. cxd5 gaat die er toch ook weer af 22. Lxd5 en omdat zwart dan even later eerst wat moet doen aan de dreiging Tb7 gaat ook de pion op a6 er nog af. Dat vond zwart wel genoeg.

En dan nu over Frank. Hij en Martin zeiden me na afloop dat Franks stelling niet zo slecht was als het eruit zag.



Maar hoe  lukte het Frank dan toch om zich uit die  narigheid los te worstelen. Daarvoor had hij de volledige medewerking van zijn tegenstander voor nodig.  Frank kon lang niet veel meer doen dan afwachten. Maar dat was voldoende.



Hoe het bij Herman ging, kan ik (alweer) niet goed bekijken, want ergens gaat het in zijn notatie mis, en meestal kan ik dat met de notatie van de tegenstander dan wel weer rechtbreien, maar deze tegenstander had helemaal zijn partij niet genoteerd. Dat mag niet. En zeker niet in een wedstrijd voor de bond, en daar had Herman tegen kunnen protesteren. Maar die wist dat niet.

Ik wil Herman wel nog even erop wijzen dat hij het bekende schijnoffer had kunnen brengen, waarna zwart gelijk tevreden mag zijn met zijn stelling.



Commentaar van Ron:  ‘Jammer dat Herman zijn truc niet speelde die hij geleerd heeft van Jos. Daar was zijn tegenstander vast ingetrapt. Maar Pa4 is geen zet in Italiaans, ik had gewoon Le7 gespeeld (en daarna a6 met dreiging b5). Maar ach Herman deed zijn best.’

En dan heb ik het lekkerste voor het laatst bewaard. Vroeger begon ik al direct na het begin van strooiavond aan de marsepein en de chocoladeletters. Maar nu heb ik gewacht. Nu dus pas het lekkerste. Voor mij althans. Voor Bert waarschijnlijk minder. Die houdt vast niet van dit soort lekkernijen.

Een geweigerd damegambiet dat tot en met zet 11 gewoon in de theorie staat. Maar dat weten deze kemphanen waarschijnlijk niet, hebben ze ook niet nodig, kunnen ze zelf wel uitvinden. Wit staat een fractietje beter. Dat hoort zo.

  BertLimmen (11…Ld6)

Echter bij zet 17 geeft Bert gewoon een pion weg. Een blundertje. Denk ik. Als het niet zo is hoor ik het wel. En nog erger, daarna gaat er nog een witte pion van het bord af. Dramatisch. Nu is er een fors Elo-verschil, dus denk je, nou het is Bert, dus wellicht weet hij het toch te redden. Maar leuk is anders. Bert gaat de rest van de avond in diepe concentratie. Hij speelt verder geweldig constant. Maar helaas zijn tegenstander ook. Toch wordt het bij de 27e zet heel erg spannend. Bert wint een pion terug. En heeft ineens ook prachtige aanvalkansen! Wat een prestatie! En daarna wordt het feest. Dat wordt mede veroorzaakt doordat beide spelers intussen in tijdnood beginnen te geraken. Speel het na! Het is … nou ja dat zei ik al. De pepernoten vliegen in het rond.



Als we nu nog ergens een puntje pakken gaan we het ook dit jaar redden in de 2e klasse. Dat moet ergens nog wel één keertje lukken. Met hulp van de mannen op de reservebank. Wat niet wegneemt dat ik de nieuwe regeling van de nhsb niet kan toejuichen. Moet je zo’n team van Purmerend zien. Gemiddelde Elo:  1920. Dat is toch niet leuk meer. En bij de Waagtoren is dat niet veel anders. Daarbij vergeleken zijn onze BertK2 en Jos en Koen maar kleine jongens. (Maar o wat zijn we blij met ze.)

Eindcorrectie moet nog volgen

Bord 1 Dirk Aafjes (1465) Ron de Vink (1904) 0 – 1

Bord 2 Tars Wanders (1471) Jos Lohmann (1815) 0 – 1


Bord 3 Barry Blekemolen (1597) Bert Kuijer (1790) 1 – 0


Bord 4 Robin Rommel (1440) Paul Verkooijen (1773) 0 – 1


Bord 5 Remi Aafjes (1525) Martin Zwaneveld (1704) 0 – 1


Bord 6 Gert-Jan Hafkamp (1549) Frank de Geus (1692) 0 – 1


Bord 7 Hans de Goede (1441) Gerrit van Dok (1551) 0 – 1


Bord 8 Samer Alrayes (1321) Herman Zwaneveld () 1 – 0



Gemiddelde rating Vredeburg: 1476 Gemiddelde rating Aris de Heer: 1747

totaal 2 – 6

Zwijnerij

  2S7A7059WEB

Ik doel op de thuiswedstrijd tegen sc-Castricum N2. Nee, ik bedoel even niet dat er verschrikkelijke of smerige of akelige dingen gebeurden, en ook niet dat de veestapel gehalveerd moet worden wegens CO-uitstoot, of de varkensvleescomsumptie moet worden gehalveerd om die vreselijke dieronvriendelijke varkensfokkerijfabrieken een halt toe te roepen. Moet wel natuurlijk, maar daar gaat het even niet om. Nee, ik bedoel dat die maandagavond 7 oktober er zo verschrikkelijk gezwijnd werd. Heel soms door hen, maar meestal door ons.

In een vorig wedstrijdverslag over een ontmoeting met Castricum schreef ik dat ik eigenlijk niks heb met die plaats, maar wel met de mooie omgeving ervan. Ik had ook geen mooie herinneringen aan hun schaakclub.  In onze archieven heb ik  een zwaar bevochten gelijkspel van ons team gevonden, maar meestal ontluisterende nederlagen.

Maar na 7 oktober 2019 is er ineens wel één een beetje leuke herinnering. Wegens die zwijnerij. Waar we niet echt trots op kunnen zijn. Maar wat misschien wel heel belangrijk zal blijken voor onze toekomst.

Oh wat zag het er lang belabberd uit.

Eerst maar even een globaal overzicht om u de spanning te laten meebeleven. En daarna nog wat diagrammen van highlights.

Gerrit stond al snel 2 pionnen achter.

2S7A7067WEB
‘Dat wordt een zwaar avondje.’

Ab dacht weer in een vluggertjestoernooi te zitten en zag kans met zijn Formule1- snelheid vanuit een redelijke stelling in een verloren eindspel te geraken. Dat was dus vast en zeker al heel vroeg 0-2. Jos zag weer kans met zwart met een obscure variant voordeel te verwerven. En in een prenataal stadium remise aan te bieden vanuit een intussen (met zwart!) wat betere stellingl  Na zet 13!  Het had nog zo mooi kunnen worden! Maar goed, hij zat aan het eerste bord en was vanmorgen al om 5 uur op. om naar Arnhem te vertrekken, en moest ook nog heen en weer vandaag, dus sterk vermoeid, en misschien was het dus toch wel verstandig. Maar goed, na 3 partijen in een half uur theoretisch al met 0,5-2,5 achter staan is niet hoopgevend.



  2S7A7058WEB
‘Wel wat vroeg om gelijk naar huis te gaan. Ik ga maar wat les geven.’

Intussen begon het ook al duidelijk te worden dat Bert’s stelling er wat moeizaam begon uit te zien.



 2S7A7061WEB
Bert: ‘Ik vind het maar een brak bordje”

Gelukkig was het nog wel een beetje leuk om naar de borden van Paul en Ron te kijken. Paul kreeg een Pirc-verdediging te bestrijden. Daar weet hij niet heel veel van  (waarvan wel eigenlijk?)  maar hij deed het redelijk. En zoetjes aan leek hij wel wat initiatief  te ontwikkelen in de vorm van wat aanvalsdreiginkjes. Ron was ook bezig tegen iets Pirc-erigs, maar het was duidelijk dat die wel wist wat hij deed. Met een heel vroeg f2-f4! Zelf speel(de) ik dat ook maar het liefst tegen Pirc of KoningIndisch.  Aan die borden dus geen ellende. Bij Martin en Bert K. II was alles nog onduidelijk.

Ik ging me maar een half uurtje verpozen met mijn tablet.

Daarna leerde een nieuwe rondje kijkbegerigheid me :

Ab zat een poos goed te spelen, begon in het eindspel te knoeien, verloor nog een pion, en toen niemand meer een stuiver over had voor zijn  stelling, ging Ab over  tot een wanhoopsoffensiefje, offerde nog een pion, om zelf ook een vrijpionnetje te creëren, en warempel toen verknoeide zijn tegenstander op zijn beurt de winst.  Daarna stond ineens Ab op winst. K+ D tegen K+ L + tot de 3e rij opgemarcheerde vrijpion. Die had Ab m.i. van  promotie kunnen afhouden, met wat moeite. Maar Ab scheurde alsmaar jolig de bochten om en raakte van de weg af. Paul Harmse mocht van hem toch zijn pionneke promoveren. En zo kwam Ab zelfs achter te staan met een curieuze stelling: wit: K+ D tegen zwart: K+D+L. En toen besloten ze maar tot remise. Terecht, want (m.i.) is dat dan voor zwart echt niet te winnen. Zo’n uitslag was in ieder geval stukken beter dan we vroeg in de avond hadden verwacht. Wat een toestanden allemaal. In 54 zetten van beiden in totaal een klein uurtje. Ik had graag wat kritieke stellingen van dat eindspel op de site gezet, tot leeringhe ende vermaeck, maar helaas ging het met Ab’s notatie ergens mis, en ik kon het zelf niet meer foutloos reconstrueren. Als ik weer eens meer tijd heb zal ik er nog eens wat op puzzelen.

  2S7A7066WEB
Geen tijd voor een pitstop

Maar Gerrit ging inderdaad al vroeg in de avond als voorspeld aan de vroeg opgelopen averij tenonder. Die hoopte natuurlijk nog wat reddende listen te kunnen bedenken in de fase van het spel waarin hij het sterkst is, maar dat ging niet door. Zijn tegenstander Nico  Kemp (175 elopunten minder dan Gerrit), speelde het eindspel uiterst secuur en foutloos. Hij nam geen enkel risico. Hij zette zwart tenslotte ook nog volkomen vast, met zo’n stelling waarin die geen vin meer kan verroeren. Doet hij dat wel dan is hij die vin ook gelijk kwijt. Gerrit realiseerde zich dat een nog grotere achterstand dan 2 pionnen zelfs hem geen perspectief op redding meer bood, en gaf op.

Ron speelde ook heel secuur. Hij had intussen een fraaie aanvalsstelling opgebouwd. Ik begon wel een beetje te vrezen voor zijn klok. Maar gelukkig voor hem tikte die van Hans Leeuwerik ook steeds sneller door. Logisch, want de druk op diens stelling werd zijns inziens zo groot , dat hij maar besloot tot een dameoffer tegen Toren en Loper. (Gek genoeg was dat op dat moment juist even niet echt nodig.) Maar dit offer zou zijn ondergang gaan worden. Dachten we allemaal. Dat varkentje ging Ron wel even wassen.

2S7A7064WEB

‘Ron wast varkentje’

Bij Paul werd het ineens heel spannend. Zijn aanvalsdreiginkjes waren veranderd in verschrikkelijke dreigingen en Wim Pool vond dat hij genoodzaakt was zijn koningsstelling verder te verzwakken, waarna ik  watertandend begon uit te zien naar een in de lucht hangend paardoffer. Als Paul dat nu maar zag! Of moest hij eerst een pion slaan en dat offer nog even in de koeling houden? Maar kon zwart dan misschien nog maatregelen treffen. Ik dacht van niet. Ja dat even uitstellen was misschien nog beter. Nou ja, even geduld.  Paul zou wel goed uitrekenen in welke volgorde de karbonaadjes op de grill moesten worden gelegd. Na enig nadenken dacht Paul kennelijk dat gelijk dat paardoffer tegen 2 pionnen goed genoeg moest zijn. De zwarte koningsstelling leek dan gatenkaas, en als dat ging tegenvallen waren die twee pionnen er ook nog. Ik zag ook pas na het offer dat het effect van direct Pxg5 inderdaad ging tegenvallen. Zo slecht stond die zwarte Koning nou ook weer niet! Ook Paul’s gezicht begon te betrekken. Als hij een laatste de koning beschermende pion ging opruimen kon zwart zijn dame geven tegen 2 torens, en nog steeds zonder direct winnende mogelijkheden voor wit. Dat was pech! Pool leek hier toch nog goed weg te komen. Hij zwijnde. Nou ja, een beetje, want ik denk wel dat hij vantevoren had bekeken dat wit het wel goed moest doen en niet zoals het nu ging, want dat hij er anders toch nog goed mee weg kwam! En ik zag even later dat hij nu zelfs beter stond. Ging Paul dat nu nog verliezen? Dat zou wel enorm vervelend zijn voor het team. Die Dame van hem werd voortdurend door die Torens belaagd.  Maar die wist wel steeds nog een plekje te vinden. En zwart zag kennelijk niet hoe zijn volgens prof.dr. ir K.  betere spelletje nu nog te winnen. Dat zou minstens nog heel veel tijd kosten en dat had hij niet meer. Dus remise. Paul keek opgelucht. Maar toch jammer. Hij was wel heel erg dicht bij de winst.

En ja hoor, alweer een nederlaag tegen die Castricumse slagers leek in aantocht. Gemiddeld 80 elopunten lager dan wij, maar op het beslissende moment zetten ze er absoluut vakkundig het hak mes in.

2S7A7065WEB
‘Het zit niet mee’

Ron stond gewonnen, maar werd waarschijnlijk toch nerveus, kreeg wat haast, wat  net even te ‘voorzichtig’ na zijn prachtige precieze partij, zag wellicht wolven en beren op de weg, en kon de winnende voortzetting(en?) niet vinden. En de klok begon te dreigen. Hij had het bij zet 37 er helemaal mee gehad, en waarschijnlijk ook met zichzelf, en accepteerde in nog steeds veel betere stelling maar remise.

Nou dat ging dus weer een afgang worden.  Stand nu 2-3.


  2S7A7063WEB
‘Ik word hier niet blij van’

En op de resterende borden was het ook niet erg smakelijk :  Bert z’n schnitzeltje bleef ongaar, Bert Keizer z’n kluif bleef een hele kluif, en Martin zijn schijnbaar smakelijke varkenshaasje begon zelfs ineens een beetje bedorven te rieken. Brrrrr !

Maar hierna begon dan ineens ons grote zwijnen!

Eerst bij Bert, die dankzij een misser van zijn tegenstander op de 34e zet eindelijk even uit de narigheid raakte en ineens wat beter kwam te staan, waar de tot hier sterk spelende Egbert Kooiman een beetje door van slag scheen te raken.  Want in een iets mindere stelling waarin nog wel te vechten was, sloeg hij op de 37e zet de plank mis en gaf op de 38e zet zelfs een toren weg.

Daarna was Hemmo Dekkers, de tegenstander van Bert Keizer,  zo vriendelijk, na zijn zeer vakkundige koningsaanval,  in een totaal gewonnen stelling, zijn dame weg te geven.

En tenslotte  werd Martin, na een potje met de rug tegen de muur en later zelfs vanuit een compleet verloren stelling waar zijn tegenstander Han Duinker gelukkig te weinig van profiteerde, in een nog steeds iets mindere stelling ook verblijd met de dame die zijn tegenstander pardoes weggaf.

En zo won ons clubje onverdiend met 5-3 van Castricum. Vooral omdat die charcutiers dit keer veel te oneerbiedig omgingen met hun vrouwelijk personeel.

Nu maar wat voorbeelden van zwijnerijen wederzijds, maar vooral van ons:

Zwijnerij van hen: Ron laat de directe winst liggen:



‘Ik heb inderdaad niet geslapen. Zelden heb ik zo’n fraaie aanvalspartij opgezet. Zijn stukken werkten niet samen. Als ik gewoon Lg5 (!) doe of Tg2 (‘s nachts uit mijn hoofd) i.p.v. het verleidelijke f5 heeft hij tegen f5 dan geen enkele verdediging meer! Dit maakt dat ik met wedstrijdschaak wil stoppen, ook omdat ik later in tijdnood nog Ph5 mis.’ 

Zwijnerij van hen :Paul laat goede kans op de winst liggen:



Zwijnerij van ons: Bert



Grote zwijnerij van ons: Martin:



De grootste zwijnerij van ons:  Bert Keizer



Nu nog enkele gewoon interessante (voor mij) stellingen:

Eerst de slotstelling van Ron. Op gevaar af dat hij zijn dreigement te stoppen met schaken dan echt gaat realiseren. Hoewel ….  Hopelijk voor ons is hij nu weer wat uitgerust en wat reëler. Grootmeesterlijk is het nog steeds niet steeds, maar een Elo van 1905 is toch echt niet gek voor een amateur.



Uit de partij van Martin zijn allerlei mooie, ingewikkelde stellingen te destilleren.

Ik pak maar wat:



Uit de partij van BertKeizer

Je ziet zo’n aanval komen aanstormen en je weet dat het heel nauwkeurig schaken gaat worden als je dat wilt overleven. Ik zag hoe Bert dat ging proberen en het leek me wel vernuftig. Maar achteraf was het dat toch niet zo.



Dat was het dan weer. Vorig jaar wonnen we ook onze eerste partij , maar zagen toch kans zwaar  in de degradatie-zone te geraken. Dit jaar maar beter!?

De eindcorrectie moet nog plaatsvinden

4-tal uit bij ZSC. Saende.

Geïnspireerd door onze WepMaster deze keer van een junior een verslag.

We mogen uit schaken bij ZSC Seande en deze plek komt mij toch wel erg bekend voor. Ik kan mij herinneren dat Paul hier ooit een partij tegen een 12 jarige jeugdspeler aanvatte en Zaandijk diezelfde avond met het schaamrood op de kaken verliet, met een (verdiende) schamelijke remise.

Het eerste wapengekletter komt weer op het bord van Herman door middel van de door Jos uitgelegde en tot treurnis beoefende “Italiaanse val”.

Speciaal bekokstoofd voor de witspeler met meer ambitie dan ontzag. De zelfkastijding kan na lxf7+ pas echt beginnen. Grappig is dat veel spelers Dg5 gewoon niet als levensgevaarlijk zien.



Het is dan ook snel uit, 0-1

Ab wordt ook niet gehinderd door enige vorm van terughoudendheid, of rust in zijn spel. Nog voor er gerokeerd is valt hij al aan op de koningsvleugel. In de thuiswedstrijd mocht ik zelf tegen deze tegenstander spelen en was toen zeer onder de indruk van zijn foutloze spel. Na zet 14 heeft wit geen voordelen meer en kan Ab echt beginnen aan het betere denkwerk. Hij heeft immers tijd genoeg.

Niet alleen tijd genoeg, maar ook zetten genoeg. Die heeft hij ook nodig, immers de witte stelling is een behoorlijke bunker geworden. Na het ruilen van de witte lopers zal wit het zo langzamerhand wel steeds benauwder krijgen. Ab zal het met geduld moeten spelen, de vraag is of hij dit kan. Zeker een waardevolle oefening!

Ab zijn geduld lijkt te worden beloont na een ruilvariant op f4 kan hij doordrukken. Het wordt nog wel spannend. Wit kan inmiddels doorbreken op de dame flank.

Wit wordt het te heet onder de voeten en verzaakt een stuk te slaan. Zoals gezegd Ab wordt niet gehinderd door terughoudendheid en offert het stuk meteen weer terug. Een ingewikkelde stelling volgt maar volgens mij helemaal correct gespeeld!

Ab ziet het gevaar op de Damevleugel en twijfel slaat toe. Moet ik aanvallen of verdedigen, een ingewikkelde stelling met goede en foute keuzes. Hij slaat met zijn koning op de vlucht en opent zijn damevleugel. Als een Duitser in de laatste minuut scoort wit. Door het spelen van de koning ontstaat er een mat-variant voor wit! 1-1.

In de post-mortem zien we dat zwart een dodelijke aanval heeft maar ook veel zetten nodig heeft. Er zijn veel remise varianten die zwart toch maar even had moeten uitrekenen.

De hoop is op Mathijs gevestigd die een gelijke stelling netjes overeind blijft.

Matthijs laat zien dat hij nog erg onervaren is met e4. Een oude opening maar die kent voor Matthijs nog veel geheimen. Hoe speel je actief tegen een siciliaan bijvoorbeeld? Nou hij heeft geleerd dat na c5 d5 je die pionen niet moet laten inslaan. Helaas op de harde manier en komt al snel in de verdrukking.

Maar hij is niet voor 1 gat te vangen en kan de problemen met een handigheidje met dh3 oplossen. Goed gspeeld op de kleine ontwikkelachterstand van zijn tegenstander om weer in een gelijke stand te komen.

Zwart moet kiezen waar hij gaat ontwikkelen en kan kiezen uit de pest of de pleuris. Een snelle lange rochake maar een totaal ongedekte koning of langzame korte rochade waar wit zijn dame al staat ontwikkeld.



Bij Peter is de notatie van de partijen al een hele uitdaging met een bord met cijfers en letters maar ondanks dat de borden en stukken prachtig waren hadden ze deze helaas niet. Ik heb helaas geen volledige notatie van de partij.

Ik zag dat Peter een nette opening had waarbij hij effectief zijn stukken ontwikkeld had. Echter zonder zijn tegenstander onder druk te zetten kan deze ook goed ontwikkelen. Een goed plan is dan essentieel, echter worstelt Peter nog vaak in de overgang van opening naar middenspel. Met name met wit is het initiatief snel verloren en zwakheden komen dan eerder op het bord. Er kan niet adequaat met een ontwikkelde dame omgegaan worden en een pion is zo verloren.

Toch speelt Peter een hele solide partij zonder grote fouten. Helaas verliest hij eerst kwaliteit waarna het toch lastig spelen blijkt. De eindstand wordt dus 3-1.

We sluiten het 4tallen seizoen af met deze wedstrijd, 1 ding staat als een paal boven water, de ervaring en groei in het spel is bij iedereen te zien! Volgende jaar nog eens?!

  Anton Karhof               1447       Matthijs Groot                              1-0                
  Tieme Braat                  1137      Ab Hauer                                       1-0
  Wim van der Noort     1226      Peter v. Putten    1120                   1-0        
  Arthur Wagenaar                       Herman Zwaneveld                       0-1
                                                                                                         

Gewassen en afgedroogd. (15 maart 2019)

Ik dacht dat we met onze winst op Purmerend ons wel veilig hadden gesteld. Dat was niet zo.  Ons clubje moest ook nog even minstens gelijk spelen tegen de jongens van De Pion uit Wormer. Ik had er wel een beetje een zwaar hoofd in, gezien derzelver elootjes op de nhsb-site. Maar ja, ik ben nu eenmaal een pessimist van nature.

Het begon voor mij prettig. Langs een lokaal waar dansles werd gegeven. Wat onstuitbaar de  pezierige herinnering bij me opwekte aan de dansles die ik zelf onderging ter voorbereiding op het afdansen voor zilver met ster, vijftig jaar geleden. Dat was niet mis, net als wat ik hier zag, met lange variaties door de hele zaal heen. Ik weet er nu totaal niets meer van. Ik zou er geen stap meer van kunnen nadoen. Ben benieuwd wat ik over vijftig jaar me nog van schaakopeningen kan herinneren. Dat wordt nu ook al steeds minder.

Het speellokaal was zeer geschikt voor flitsloze fotografie. Veel licht. Ook prettig voor mij.

Die jongens allemaal vriendelijk, nou ja, op één na, maar dat speelde geen rol van betekenis, en velen met gevoel voor humor.

En het begin was vertrouwen wekkend. Velen van die van ons hadden hun huiswerk gemaakt, en ze deden allemaal erg hun best. Hun (wep)meester zag het met genoegen aan.

2S7A5300WEB


2S7A5308WEB

Het eerste resultaat kwam binnen van het bord van ons Gerritje. Die maakt er een traditie van als eerste zijn klokje te kunnen stilzetten. Maar dit keer na een prima gespeeld partijtje, met pionwinst na een uiterst listige en behoorlijk diep berekende combinatie. Voor de tweede keer deze week werd hij geconfronteerd met een Koningsgambieterige opening, maar nu kwam hij er zonder kleerscheuren af. En na zijn pionwinst wist hij ook koelbloedig de daarna wel mogelijke tegenaanval van zijn tegenstander te neutraliseren. Toen de kruitdamp was opgetrokkken en wij dachten dat hij zich nu zou gaan opmaken voor winst in het door hem zo geliefde eindspel, bood hij remise aan. Wat vraagtrekens opriep bij Ron, Bert en mij. Ik denk dat Gerrit het zekere voor het zekere wilde, na vier nederlagen in de externe en wetend dat de elo van Martin Selie wat hoger was. Hij verontschuldigde zich met “Ik zag geen winst”. Meester Ron stuurde hem later een mail met aanwijzingen hoe dat dan had gemoeten. Na voltooiing van dit verslag zal ik het ook nog bekijken met  behulp van  Prof Dr Ir K. , inclusief Ron’s suggesties. (Die heeft ook niet altijd gelijk! Zelfs Meester Ron is maar een mens.)

Daarna gebeurde er heel lang niks.

   2S7A5306WEB

Bert speelde als vanouds diep geconcentreerd en veilig en principieel. Tegen van het Half-slavisch een Meraner. Gelukkig een rustige versie en niet de door onze Frank met zwart vaak verkozen agressieve versie met dxc4, b5, a6 en c5. Na 11 zetten vond ik dat het er prettig uitzag. Er lijken kleine mogelijkheden  voor wit te zijn. Mits met geduld gebracht. En dat heeft onze Bert wel. Alles blijkt ook nog steeds voor te komen in de boekjes. Maar daar heeft Bert nu weer niet veel geduld voor. Maar hij is nu eenmaal een slim mannetje, die veel zelf wil en kan uitvinden.

  Bert – Wormer (11…h6)

Het meest gespeeld wordt hier 12. b3. Maar nog iets beter is misschien  Dd3 of het door Bert gespeelde gewoon 12. Le3.   Hans Post , de tegenstander van Bert, kan er ook wel wat van, maar maakt toch een foutje bij zet 17.

  Bert – Wormer (17dxc5)

17. … bxc5?  (beter Lxc5!? want 18. Lxh6 Ph5 en g4 kan niet wegens Dg3+)  want dat overziet  18. Lxh6! Omdat na gxh6 Dxf6 volgt. En het gespeelde  18. … Lxf3?  (toch maar gxh6!?) 19. Dxf3 Le5 ? maakt het er niet beter op. Zwart staat nu gewoon een pion achter zonder compensatie. Voorzichtig en zorgvuldig schuift Bert verder. Maar op zijn beurt  laat hij het misschien een beetje wegslippen bij zet 28. Lg3?  (Lg5!?), waarbij hij aanstuurt op remise door herhaling van zetten.

Bert – Wormer (29…)

Prof Dr Ir K. ziet hier toch nog wel mogelijkheden. Die ziet het na toch weer 30. Lg5 nog wel zitten.   Ondanks het feit dat zwart wel wat compensatie voor zijn pion heeft. (Die loper op d4 is wel een lastpak. Die pion op e5 met die twee torens erachter, wat gaat die doen? Lijkt ook een onbetrouwbaar individu. Een terrorist? O.a.)  Maar Post vindt het stilzwijgende remise- aanbod wel best natuurlijk. De knullen hadden wel even wat agressief tegen elkaar aan lopen duwen, maar eindigden weer als vriendjes.

Bij ons Paultje (zwart)  ging het er Spaans aan toe. Bij zet 13 raakte Paul een klein beetje achterop. Tot dan staat het allemaal nog wel in de database. Bij zet 17 heeft wit 2 manieren om een sterk veld op d5 te bezetten. Met paard of met loper. Hij kiest gelukkig de verkeerde. Zwart heeft weer gelijkspel. Maar bij zet 19 gaat het dan toch mis.

  Wormer – Paul (19.Pe2)

Met 19. … c4! was zwart goed overeind gebleven, maar na 19. .. Lb5? 20. c4! (‘Nou ik dan maar! Ben ik van die dreiging af.’) 20. … bxc3? (Pxd5!?) 21. Pxc3 staat wit beter. Zwart heeft dan twee zwakke pionnen op de damevleugel plus een zwak veld op d5, en daar gaat wit zich terecht op richten. Zwart krijgt  ruimteproblemen. Wit kan de d-lijn bezetten.

Na zet 29 staat wit echt geweldig. Niet doordat Paul zoveel rode strepen in zijn schriftje moest krijgen,  maar doordat Bart Weststrate op zijn bordje heel sterk zit te spelen.

  Wormer – Paul (29. Tcd1)

Ik heb wel eens iemand horen beweren dat Paul pas echt goed gaat spelen als hij in moeilijkheden is geraakt. Ook nu verdedigt Paul zich op dat kleine aantal vierkante centimeters dat hij nog heeft met veel vernuft, maar het helpt dit keer niet. Wit laat zich niet afleiden. Zijn voordeel wordt met elke zet wat groter. Paul raakt derhalve een kwaliteit achter, en probeert nog wat op wit’s koningsvleugel.  Alles tevergeefs. Ik zag aan zijn sippe gezichtje dat hij er zelf een beetje bang voor een slechte afloop werd.

  2S7A5316WEB

Na zet 37 stort hij (nou ja, zijn  stelling) in:

  Wormer – Paul (37.Dc4)

37. … Le6 ?? 38. Txd6! Dxd6  39. Txd6! Lxc4 (daar had hij op vertrouwd) 40. Txg6 !!!

   Wormer – Paul (40.Txg6)

En zo blijft wit minstens een stuk voor. ( fxg6  bxc4 )  Knap hoor van wit!  Zwart geeft op en vraagt om genade. Paul valt weinig te verwijten. Die andere jongen was gewoon groter en sterker.

Hierna verandert de partij van ons logeetje Bert Keizer ook in een echt vechtpartijtje.

Het was een Aljechin-opening.  Toevallig schreef ik deze week in het verslag van de laatste interne dat die opening niet veel meer voorkomt. Prompt nu dus wel! Zoals ik toen ook schreef, kun je daar dus een witspeler best wel even mee overvallen. Dat gebeurt nu dus ook. Na 1. e4 Pf6 2. Pc3   (Beter e5  natuurlijk, maar dan moet je wel ‘Oom Jan leert zijn neefje schaken’ e.d.  uit je hoofd kunnen opzeggen)  2. … d5!? 3. exd5 Pxd5  4. d4 Lf5  (Pxc3 en g6 !?)  heeft Jan Koopman het gebruikelijke zwarte openingsnadeeltje  wel achter zich gelaten. Die verzint daarna een lange reeks gezonde zetten. Bert bedenkt nog een avontuurlijke uitval met Db5 gevolgd door  Dh5, maar daar wordt zwart niet zenuwachtig van. Hij neutraliseert eventuele boze bedoeling tegen zijn koningsstelling door wit min of meer te dwingen tot dameruil, en hem kan daarna eigenlijk niets meer gebeuren. In tegendeel, hij krijgt langzaam een beetje initiatief. Tegenstootjes van Bert worden ook onschadelijk gemaakt. Bij zet 23. wordt het spannend:

  Bert Keizer – Wormer (22…Pde7)

23. Pc2? ( 23. f3!?  Pf5  24. Pc2)  23. … d5 en zwart staat wat beter.  Tot hiertoe is het een vrijwel gelijk opgaande strijd geweest. Maar nu verzint Tom Poes een leuke list, waar helaas iets niet van klopt.

  Bert Keizer – Wormer (23…d5)

Bescheiden terug met die toren en ja, geef mij dan toch maar zwart na daarna 24. … e4. Maar wit probeert na lang nadenken 24. dxe5. Mis poes. Ik sta ernaast en murmel: ‘Staat een heer van stand nu  echt overal alleen voor?’ Ik denk dat Tom Poes iets bij zet 26 gemist heeft.  Geforceerd volgt: 24. … dxe4 25.exf6 Txd2! (dat zal hij nog wel gezien hebben)  26.fxe7 Pxe7 (Maar dit niet meer, denk ik. Ordinair pionverlies dus). Zwart kan op winst gaan spelen. Gelukkig verknoeit hij het bij zet 28 op zijn beurt dan ook wel even. Vanuit een dan weer gelijke stand gaat hij weer opnieuw moedig het gevecht aan.  Ongeveer op dat moment komt de schoolfotograaf langs, en Jan wil wel even op de foto. Hij wil echter niet naar het vogeltje lachen want zijn spelletje is even veel te spannend.

    2S7A5312WEB

Bij zet 32 werd het volgende plaatje zichtbaar:

  Bert Keizer – Wormer (31…g5)

Hier zou 32. Pc7!  een goede zet geweest zijn, waarna wit nog lang weerstand had kunnen bieden.  Enkele voorbeelden:

32.Pc7

32. ..Tb6 33.Td5 Ph4 34.Txg5   (0.28)

32. ..Ke7 33.Pxb5   (0.50)

32. ..b4 33.Txd6 Pxd6 34.cxb4 axb4 35.b3 (0.60)

32. ..Txd1+ 33.Kxd1 Pd6 34.Ke2 (-0.25)

32. ..e3 33.Txd6 Pxd6 34.fxe3 fxe3 35.Ke2 (0.90)

32. ..f3 33.gxf3 exf3 34.Txd6 Pxd6 35.Kd2 g4 36.Ke3 (0.00)

32. ..Th6 33.h3 f3 34.Td7+ (0.15)

Maar wit speelt 32.b3 en zwart voorkomt direct alle hier boven aangegeven ellende van een paard op c7  met  32. … Tc6! En staat beter.

En na 33. Tc1? komt wit er niet meer aan te pas. Via 33. …  Ke6 (witte paard in problemen) 34.c4 (er is niks anders) bxc4 35.bxc4 raakt een pion in de misère


Bert Keizer – Wormer (35.bxc4)

Pd6! 36. Tb1  de pion op c4 is toch verloren. …  Txc4  En die pion voorsprong geeft zwart niet meer weg. Onze Bert2 wordt op de grond gedrukt,daar vastgehouden, en het eindspel met pluspion wordt tegen een nog wel taai tegenspartelende Bert naar winst gevoerd. (Zo moet dat dus.) Ik moet helaas toegeven dat Jan Koopman na zet 32, tot zet 47, heel erg sterk en heel erg foutloos speelde.

Helaas voor ons want nu begint het er toch een beetje akelig uit te zien. Het staat nu 3-1 voor de jongens van Wormer. Is er nog hoop dat we het gevecht met de jongens van die school om de hoek onbeslist kunnen laten eindigen?

Onze eigen grootste jongens zijn nog niet weggelopen. Daar hoort tegenwoordig ook Martin bij. Die is het afgelopen jaar zo gegroeid. Die hoort niet graag het gebruikelijke “Goh, wat ben jij al groot geworden’, maar het moet toch even gezegd. Die heeft in de zeven knokpartijen van het afgelopen seizoen het  beste gepresteerd van allen. Drie tegenstanders moesten met blauwe ogen en bloedneuzen huilend terug naar hun moeder, en vier konden niet van hem winnen. Onze Martin is met 71% zeker de succesvolste van ons knokploegje. 

Hij had deze avond weer zijn Engelse knuppel meegenomen. Maar daar had zijn tegenstander een geheel eigen wapen tegenover gefabriceerd. In mijn database  ‘Wapens tegen het Engels’ zie ik bij zet 4 voor zwart elf voorbeelden, maar niet wat Peter Hoek hanteert. Het moet een maaksel uit de eigen creatieve handenarbeid-Hoek  zijn. 

  Martin – De Pion (4.Pc3)

4. …. Pe7  Mij leek het niks. Het paard blijkt op weg naar g6. Maar waarom staat het daar beter? Lc5 of Lb4 zijn heel gebruikelijk hier. Maar ja, creativiteit hoef je niet altijd te kunnen begrijpen.  Als je er niets mee hebt, kan het natuurlijk gewoon aan jezelf liggen. De foto van de schoolfotograaf laat duidelijk zien  dat het ook voor Martin nog wat te moeilijk is. Zeker daar toch nog steeds wat te jong voor.

  2S7A5302WEB

Maar uit zijn zetten blijkt dat niet. Hij doet het goed, staat beter tot zet 10 en daarna zelfs heel veel beter. Het lijkt of hij ook deze knul beentje gaat lichten.

 Martin – De Pion (15…Dc7)

Tot zet 16. Ik stond erbij en keek ernaar. Ik was blij  dat ik zelf niet hoefde te kiezen,  uit 16. f5 of 16. e5.  Ik denk dat ik het maar met 16. e5 geprobeerd had. Een paard naar het mooie veld e5 jagen  leek me niet ideaal. Maar ja. Onze hoogleraar Prof. Dr Ing. K. heeft me intussen gelijk gegeven.  En ook Peter zelf toont aan dat 16. f5? niet de beste is. Snel verliest Martin zijn voordeel. 16. … Pe5 17. Lf4?   ((Pf3!?   (0.45) ) De7  =   en het is duidelijk dat nu beide spelers in het gevecht hun wapens kwijt zijn geraakt en er nu met blote knuisten verder tegenaan moeten. Na zet 22. lijkt Martin’s tegenstander aan de winnende hand te zijn.  Het wordt zo spannend dat andere jongens hun eigen tegenstander even laten staan, en hier omheen gaan staan kijken.  Wel stil natuurlijk, niet luidkeels  ‘Mar-tin! Mar-tin! Mar-tin’ scanderend, wat ze anders altijd doen.

  Martin – De Pion (26.Pd2)

Zwart heeft vier stukken gericht op een achtergebleven pion op e4. Wit dekt hem drie keer. Kan zwart nu slaan? Nee, daar zit een grapje!

Hieronder het grapje en als variant hoe de gozers het verder in het echt afhandelden. Hoek ziet wat er dreigt en maakt een hoekje vrij voor zijn koning. Daarna knokken beiden alsof ze het boekje “Hoe houd ik mij vechtersbazen van het lijf?” grondig hebben bestudeerd. Ze verwaarlozen geen van beiden hun dekking, dus geen enkel stoot komt hard aan. Beiderzijds knap gedaan allemaal. Geen van beiden ernstig gewond geraakt. Remise.



Wat doet onze Jos vanavond?

Toen ik een eerste foto maakte van de zaal was alleen zijn stoel leeg. Hè?? Nu alweer zijn bekende snelle remise? Maar nee. Hij dook weer op met een kopje thee. Daarna natuurlijk weer een ongebruikelijk en enigszins verdacht openingsnoepje, om ook de tegenstander wat te sabbelen te geven.  En zo diens  aandacht af te leiden. Om eventueel daarna van onverwachte zijde  aan te vallen. En als altijd lukt het hem ook nu weer om zelf de eventueel wat minder zoete smaakjes te compenseren.  Na zet 12 geeft Prof Dr Ir K.  al aan : gelijke stand. En vanaf zet 14 : beter voor zwart!  Hoe flikt hij ‘m dat toch steeds?

Maar toch leren we Jos, onze hoop voor de toekomst, ons geniale vriendje, vanavond heel anders kennen dan tot nog toe.

  2S7A5319WEB

Ten eerste:  veel somberder. Hij kijkt nu een beetje als de ‘Geniale Vriendin’ uit de thans lopende mooie gelijknamige Italiaanse serie. Natuurlijk was hij er nooit zo een van een rondedansje met de knuistjes omhoog na een geslaagd experimentje. Maar altijd een beetje neutraal gezicht.  Anders dan anders is het gezicht dat hij nu bij zijn rondwandelingetje trekt. Op sombere toon:  “Ik sta niet goed!”  Als ervaren pedagoog probeer ik hem op te monteren. “Ik vind het nogal meevallen!”  Heeft heel  weinig effect. De hele avond blijft het somberheid troef. Misschien speelde een rol dat hij intussen wist dat hij de verreweg brutaalste vechtersbaas van de Wormer buurt had getroffen. Met minstens 150 elopuntjes meer dan hij meestal tegenover zich aantreft.

  Wormer – Jos (13…Le7)

Paternotte probeert het met een linkse directe, maar onderschat het gevaar dat Jos met een rechtse hoek achter de hand heeft. 14. Pe4 (wat er erg logisch uitziet, maar nu moet de Loper op b1 zowel het paard op e4 als de pion op a2 dekken, en dat werkt niet goed genoeg) 14. .. Pxa2   15. Lxa2   (15. Pd6+?  Lxd6  16. Lxa2 ( 16. exd6? Pxc1 ) Lc7 met beter spel voor zwart.)  15. .. Lxe4 16. Pd2? Lb7 . Zwart heeft een pion gewonnen. Wit heeft er wel wat voor, maar waarschijnlijk niet genoeg. Zwart moet nu maar snel een toren naar c8 spelen en / of rocheren. Na zet 18 staat het volgende op het bord:

  Wormer – Jos (18.Pe4)

Maar nu maakt Jos het eigenlijk te bont. 18. … f5?  (18. … Tc8! (-0.75) ) 19. exf6 Lxf6 20. Pc5 Ld5  21. Dd3 Hij is zijn voordeeltje kwijt, maar het staat nog steeds gelijk.

 Wormer – Jos (21.Dd3)

Dat vindt iedereen. Behalve Jos. Of misschien vindt hij dat nu ook en denkt daarom één momentje niet ver genoeg. 21. … d6??  Helaas. Dat verliest! Wit zou nu zelfs op e6 kunnen nemen omdat op 22. … Lxe6 23. d5 kan volgen, waarna wit dat stuk terugwint omdat er dan ook Dh7+ dreigt. Zwart staat verloren. En nu zien we een tweede mij tot heden onbekende zijde van Jos. Hij blijft alsmaar keihard doorvechten. Tot heel laat in de avond. Ook als niemand er meer een stuiver voor geeft. Een dergelijke taaiheid heb ik nooit eerder bij hem gezien. Blijven hopen op een misser van zijn tegenstander. Listen en lagen blijven bedenken. Hij gaat maar door!

Maar Paternotte slaat nog even niet op e6 en speelt 22. Dh7+ en dat is natuurlijk ook dodelijk. 22. Kf7 23. Pxe6 Lxe6 24. Tfe1!   Wit staat een stuk achter, maar zijn aanval is dodelijk.  Als zwart de loper weghaalt volgt mat met Lg6. Als hij de loper dekt met Te8 volgt ook Lg6. Als hij hem maar prijsgeeft met bijv. Tc8 wordt het ook een tragedie.


Wormer – Jos (24.Tfe1)

24. ….  d5? om althans d5 van wit te voorkomen 25. Lg6+ ( Dg6+  !!)  Ke7  26. Lf5!   

Misschien omdat Jos heeft vastgesteld dat ook wit niet steeds de allersterkste zetten heeft gedaan, gaat hij toch nog door! Of omdat hij zich verplicht voelt tegenover de club, die achter staat? Hij gaat verder, zelfs als hij een toren achter raakt. Maar hier valt echt niet meer tegenop te tornen. Bij zet 36 geeft Jos op. Wat een vechtjas gaat er schuil in dit ogenschijnlijk bescheiden bendegenootje !

Nu staat het 4,5 –1,5. Dus het staat al vast dat we straks met bebloede koppen terug naar moeder moeten. Dat lijkt niet stimulerend voor de laatste twee die nog in gevecht zijn.

Onze allergrootste bendelid Ron  deed heel voorzichtig. Zijn tegenstander ook. Ze bleven goed in dekking. Ze draaiden om elkaar heen. Wachtend op een foutje van de ander. Lang alleen plaagklapjes wederzijds.

Ron:  Ikzelf dacht dat ik niet slecht stond, maar had dus geen voordeel, maar wel een plan. Zijn 20…, Db8 is fout en ik ruik nu mijn kans.

 Ron – Wormer (20…Db8)

Ik heb lang nagedacht op zet 22 of ik gelijk d5 (beste) of eerst Lc3 moest spelen. Ik verwachtte echter Pc6 en dan maakt het niet uit.

22. Lc3 Pc6 23. d5!

  Ron – Wormer (23.d5)

Na 23. d5 sta ik gewonnen!

23. … exd5 24. cxd5 Pa7 25. Le5


Ron – Wormer (25.Le5)

Bert en ik waren er al achter dat ik na 25. Le5 (!) op f6 moest nemen, als hij dus Ld6 speelt. Daarna gewoon Pg4 wat we beiden in de snelle na-analyse nog niet hadden gezien. Jammer, gemiste kans, maar op dat moment wist ik al dat het niet echt meer uitmaakte.

En dat wordt snel duidelijk. Ook na het gespeelde 26. Tc8 staat wit nog steeds veel beter, maar de inspiratie en de noodzaak is weg en bij zet 27 laat hij het voordeel (1.30) opdrogen en dan is het gauw terecht remise.

Resteerde ons andere logeetje. Koen. Die hoefde zijn best niet meer te doen. Vechtpartij tegen de buurt onbeslist beëindigen was niet meer haalbaar. Maar hij deed toch heel erg zijn best. Niet voor de eer van ons knokploegje, denk ik, maar voor zichzelf. Hij had ons in drie partijen gesteund tot nog toe, en ze alle drie verloren. Zij het altijd eervol. Dat was natuurlijk zijn eer te na. Hij vocht vanavond als een leeuw. Tot bijna middernacht.

2S7A5322WEB

Hij trof in Ron Greven een sterke tegenstander. Beetje een type als Jos. Eentje die pas kan knokken als hij eerst een licht dubieus offertje in de opening heeft gebracht. Hier het b4- gambietje tegen iets wat uitliep op wat Sicilianerigs. 1. e4 e6 2. Pf3 c5 3. b4!?  Hij trof het niet. Onze Koen is aardig op de hoogte. Dat ventje weet best was hij aan het doen is. Hij speelt wat in de boekjes staat, tot zet 9. En daarna verzint hij het zelf, maar wel heel goed allemaal. Het verschil tussen onze Jos en hun Ron is dat onze Jos altijd kans ziet om het lichte nadeel van zijn experiment om te buigen in een voordeeltje. Dat lukt hun Ron niet. Die staat gauw een tikje minder. Bij zet 17. was  ik er toch nog niet helemaal gerust op.

  Wormer – Koen (17.f4 )

Beetje gedrongen? De plek van die zwarte toren en loper bevalt me niet. Dreigt wit d5? Maar Koen speelt hier zelf 17. … d5 en dat leek me eigenlijk wel een mooie oplossing. Hier begon ik er ook in te geloven. En zeker toen wit daarop met 18. Ta4? antwoordde. Dat zag ik niet zo. Koen staat nu bijna voortdurend beter. Bijna, want beiden slaan af en toe mis. Bijv.  – als hun notatie klopt- mist wit een plotseling even mogelijke winst bij zet 24. Pg2? (i.p.v. Tc1 met stukwinst) en is Koen’s veel aandacht trekkende en ogenschijnlijk leuke manoeuvre bij zet 27 ook eigenlijk  niet de beste. Gelukkig vergist wit zich bij zet 29.

Ik denk dat hier al een klein beetje de klok een rol ging spelen. Het paard op c6 staat twee keer aangevallen en kan niet weg wegens penning. Maar 27 …. Pde7 dekt c6 nog eens en is veilig en nu staat wit’s pion d4 en prise. K. geeft hier (-2.95) . Meer dan  genoeg voor winst.



(Maar goed, dankzij die witte vergissing resteert een stelling met voor zwart een dame +  wat pionnen tegen wit T+L+L. Dat is niet zo maar gewonnen. En een foutje is gemakkelijk gemaakt.  Belangrijk is dat de witte koning  moeilijk een veilige plek kan vinden en die lellebel van een dame blijft maar achter die brave koning aan zitten. Nog belangrijker is dat we intussen in een tijdnoodfase zijn beland . Vooral voor Koen. Maar zoals zo vaak begint zijn tegenstander dan ook te jagen. Maar als al eens eerder waargenomen blijkt Koen een formidabele vluggertjesspeler. Wederzijds zijn er fouten (wit geeft ergens een toren  weg, maar Koen met slechts nog secoden op zijn klok ziet het even niet) maar Koen blijft steeds sterk de overhand houden en uiteindelijk volgt de beslissende fout van wit bij zet 48. Al met al een mooie partij van Koen. Hij is de enige die blij naar huis mag.

Het was vrijdagavond. Tijd voor de wekelijkse wasbeurt. Zo gingen onze jongens dus in de teil, werden afgeschrobd, hun de oren gewassen,  en wel erg stevig  afgedroogd. Daarna voor straf met blote benen naar bed.

Worden we nu een klas teruggezet? Ik zag wel dat wij van de acht nummers 7 en 8 in de vier groepen 2e klasse qua prestatie (match+bordpunten) het beste waren. En dat er 7 winnaars in de derde klasse zijn die zouden mogen promoveren. Ontsnappen wij dan toch nog de dans?

Nu ja. Laten we toch maar blijven genieten van het leven. Want zoals ik Paulien Cornelisse vorige week hoorde zeggen in haar cabaret-voorstelling “Om mij moverende redenen”:  Wat gaat  “tussen traphekje en traplift”  het leven akelig snel. Profiteer ervan!

15-03-2019 W.S.C. De Pion N1  –  Aris de Heer N1 5 – 3
1   Marc Hartog  1780  – 
Ron de Vink  
 1890
½-½
2   Stephan Paternotte  2008  – 
Jos Lohmann  
 1849
1-0
3   Hans Post  1806  – 
Bert Kuijer  
 1816
½-½
4   Bart Weststrate  1781  – 
Paul Verkooijen
 1768
1-0

5 Peter Hoek  1711  –    Martin Zwaneveld  1654 ½-½
6 Ron Greven  1815  –    Koen van Lankveld  1748 0-1
7
Jan Koopman  
 1554 J
 – 
Bert Kaizer    1662 1-0
8 Martin Selie  1648  –    Gerrit van Dok  1588 ½-½
 1762  
 1746  

eindcorrectie moet nog plaatsvinden