Categorie archief: Interne competitie

Eindstand 2017-18

 

Kampioen 2017-18 werd alweer Ron de Vink. Dit jaar met een minimale voorsprong op nr. 2 :  Bert Kuijer

 

Overzicht voor ronde 20, gespeeld op 21 mei 2018

Wit

 

Zwart

Uitslag

Frank de Geus

-

Ab Hauer

1-0

Bert Kuijer

-

Ron de Vink

½-½

Gerrit van Dok

-

Martin Zwaneveld

0-1

Peter van Putten

-

Herman Zwaneveld

1-0

Paul Verkooijen

-

Afwezig met geldige reden

 

Jasper Ittmann

-

Afwezig met geldige reden

 

Marco van Wijk

-

Afwezig met geldige reden

 

Joost van de Heuvel

-

Afwezig met geldige reden

 

Piet Tensen

-

Afwezig met geldige reden

 

Ranglijst bijgewerkt t/m ronde 20

Nr

Naam

Punten

Wa

Gsp

Gw

Rm

Vl

Perc

1

Ron de Vink

303,33

21

20

11

8

1

75,0

2

Bert Kuijer

301,33

20

20

14

3

3

77,5

3

Paul Verkooijen

256,50

19

15

9

3

3

70,0

4

Gerrit van Dok

222,00

18

20

8

4

8

50,0

5

Martin Zwaneveld

213,67

17

15

7

1

7

50,0

6

Frank de Geus

195,33

16

12

7

3

2

70,8

7

Ab Hauer

175,00

15

16

7

0

9

43,8

8

Peter van Putten

138,17

14

13

3

2

8

30,8

9

Herman Zwaneveld

133,33

13

18

2

2

14

16,7

10

Jasper Ittmann

35,00

12

1

0

0

1

0,0

11

Joost van de Heuvel

27,00

11

1

0

0

1

0,0

12

Piet Tensen

24,67

10

1

0

0

1

0,0

13

Marco van Wijk

18,00

9

0

0

0

0

0,0

 

Op weg naar de finish (verslag van14 mei)

Was dit al de voorlaatste ronde? Mij wordt weer niets verteld! Maar ik vermoed van wel.

Derhalve extra spannend :  Bert – Ron.   Ron staat eerste met 2,70 punten voorsprong. Dus vrijwel niks!   Ron: ‘Ik sta een pion achter!’  Eddy:  ‘Ja, en of je nu wel voldoende compensatie hebt?  En Bert kan je dus nu inhalen!’  Ron: ‘Dat mag!’

Hieruit blijkt respect. En dat is wederzijds. Zoals ook bleek uit het feit dat de kemphanen al na 18 zetten tot remise besloten.  Zwart heeft intussen zijn pion teruggewonnen en volgens Prof. Dr K. staat zwart iets beter. (- 0.46) En Ron heeft geen belang bij winst, die koestert zijn 2,70 pnt voorsprong.

Ron koerste aan op Wolga of Benoni, maar daar trapte Bert niet in. “Die grapjes van jou, die ken ik inmiddels!” zal hij gedacht hebben.

20Bert1  20Bert1

Dus geen 3. d5 wat meest gespeeld wordt en het beste is, maar 3. Pf3 waarna zwart maar slaat op d4 wat dan ook maar het beste is :  3. …  cxd4 . Je kunt natuurlijk ook proberen met e6 of g6  je tegenstander uit te nodigen toch je favoriete vaarwater in te zeilen, maar dat is wel wat minder sterk, en vooral wat minder spannend . Nu wordt het na 4. Pxd4   e5  één van de actieve ‘jachtvarianten’ van het Siciliaans,  maar wel met een witte pion op c4  (wat ik zelf met zwart altijd een beetje lastig vond, omdat het d5 bemoeilijkt, maar ik wist er natuurlijk minder van dan Ron, voor wie dit blijkbaar  allemaal gesneden koek is.)

20Bert2   20Bert2

Het lijkt duidelijk: Ron wil er een spannende avond van maken. Nou dat wil Bert ook: 5. Pb5! Met de ‘dreiging’ Pd6. (In de Svesnikov   -ook zoiets, maar zonder  c4-   gaat het dan dus verder met 5. ….  d6.  In 20Bert2  na Pb5!trouwens vlg. K. ook de beste. Daarna zou a6 of Le6 moeten volgen. In de Svesnikov volgt daarna dan b5 , maar ja, dat kan hier niet, wegens die pion op c4!)  Gek genoeg gaat volgens mijn Powerbook-database  bijna iedereen hier door met 5. … d5 wat  dus wat riskanter  is voor zwart, maar wel actief. Ron speelt het ook.  6. cxd5! Lc5!?  Nog steeds theorie. En het meest gespeeld. Dus Ron weet ervan!

20Bert3  20Bert3

Maar Bert niet meer. Want hier wordt 7. P5c3 als de beste gewaarmerkt, om die pion op d5 aan rugdekking te helpen.  Bert moet verder op zijn intuïtie en verkiest 7. e3. Goed genoeg. 7. … 0-0 en alsnog 8. P5-c3  en nu wordt 8. …  e4 het meest gespeeld.

20Bert4   20Bert4

Zwart staat nu een pion achter, en 9. Lc4 lijkt dus volkomen logisch. Maar misschien is tegenactie i.p.v. verdedigen van pion d5 nog iets beter. 9. Pbd2 en na slaan op d5  volgt slaan op e4. Maar ach, zo wordt het ook leuk. Zeker omdat Ron hierna  waarschijnlijk  toch op eigen kompas verder moet varen. Die vertrouwt op de activiteit van zijn stukken als compensatie voor het pionneke.  9. .. a6 10. Pd2 b5 11. Lb3 Lf5

20Bert5  20Bert5

En nu laat Bert even zien waarom hij zo’n hoge elo heeft (althans bij ons) :  12. Pf1 !?  Het paard op weg naar g3, wat veel voordelen heeft:  de dekking van d5 door de dame hersteld, en ook op g3 wordt e4 aangevallen, en bovendien de loper op f5. En op d2 heeft hij niet veel toekomst, tenzij zwart b4 gaat spelen. En de rochade kan nog wel heel even wachten. Een fraaie zet, vind ik. Enige bezwaar: zwart zou nu (of even later) h5 kunnen spelen. En daar houden na afloop de heren zich dan ook mee bezig.  Prof Dr K geeft  12. …  h5 13. Pg3 (toch!) Lg6 (Lh7 14. Pxh5) 14 Pge2!? En daarna Pf4. 12. …  Pbd7  maar ook nu 13.  Pg3 Lg6  Ik hoorde na afloop Bert reageren op Ron’s  ‘Ik begrijp het nu niet meer’ met  ‘Ik begrijp het al heel lang niet meer’ . Nou dat blijkt tot hier absoluut niet. De stelling is volgens Prof Dr K compleet gelijk.

20Bert6  20Bert6

Alleen is nu 14. a3 misschien niet de allersterkste  (14. 0-0!? h5? 15. Pge2 en Pf4 ), maar het antwoord ook niet  14. … Te8 (… Ld6!?)  15. Pce2 Pe5

20Bert7  20Bert7

16. Pf4 ?? Dit wordt door onze huisgrootmeester afgekeurd! (Die vindt 16. 0-0 het beste 16. …  h5 17. Pf4! (Driedubbele aanval op h5)  h4  18. Pge2  = )  16. Pf4 wordt afgekeurd, wegens het inderdaad gespeelde Pd3+! 17. Pxd3 exd3  18. 0-0    (Komodo behandelt wel dezelfde thema’s, maar in andere volgorde:   16. 0-0!? Pd3 (nu dus niet meer met schaak waardoor 17. Pf4 (ipv 16 .Pf4) effectiever is  (Pxc1? Txc1!) )

20Bert8  20Bert8

En nu zou 18. ….  h5  heel erg vervelend worden. Maar zie dat maar eens aankomen bij zet 16.   ( Na 18. …. h5  bijvoorbeeld  19. h4? Pg4!   Of   19. Te1 (ruimte op f1 voor het paard) h4  20. Pf1 h3!  of 20. a4? h4 21. Ph1 (niet bepaald een ideaal plekje voor een paard) )

Maar  vreemd genoeg speelt Ron het niet.  Hij kan de verleiding om die achterstandspion terug te winnen niet weerstaan. 18 ….. Pxd5 ??  Daarna staat hij nog steeds wat beter, maar na h5 en na verschillende andere zetten had hij gemakkelijker voor winst kunnen gaan. Maar dat hoeft kennelijk niet voor hem. Hij biedt remise aan en logisch dat Bert dat accepteert. Maar daarmee is , denk ik, de strijd om de titel 2018 wel beslecht. Het was -vond ik- de spannendste en schaaktechnisch de beste partij van deze avond.

Gerrit deed tegen Martin in een koningsfianchetto  een wat minder  overtuigende  4e, 8e en 9e zet en kwam aldus wat minder prettig uit de opening. 

1.d4 Pf6 2.g3 d5 3.Lg2 c6 4.Pc3 vertraagt c2-c4 (4.Pf3!) 4…Lf5 5.Pf3 e6 6.0–0 Ld6 7.Lg5 h6 8.Ld2 geen prettig veld, dus toch was beter geweest :  8.Lxf6! Dxf6 9.e4 Lxe4 (9…dxe4 10.Ph4) 10.Pxe4 dxe4 11.Pd2 Dxd4 12.c3 

20Gerrit0  20Gerrit0

8…0–0 9.Dc1? Ook geen leuk veld, maar een beetje noodzakelijk na Ld2?

Maar zwart profiteert er niet echt van. Met goede zetten (10. Ph4!  En 12. e4 ) neutraliseert Gerrit de stelling aardig. Voor zet 13.  is de situatie aldus:

20Gerrit1 20Gerrit1

En nu volgt een ernstige misser, die door Martin, die direct bloed ruikt, gelijk zeer hardhandig wordt afgestraft.   13. g4 ?? vergeet de dekking van paard h4  en verliest zo een belangrijke pion op g4 13. ….  Lxg4!  14. fxg4  Lxh4  15. e5? (Lf4!? Maar goede raad is al duur hier.) Waarschijnlijk ten gevolge van de schrik -of misschien heeft wit hier de moed al opgegeven- volgt bij zet 19. nog een eigenaardige vergissing, waar Martin wel pap van lust:

20Gerrit2 20Gerrit2

19. Le3?? cxd4  20. Lxd4  Dc7! Valt die belangrijke pion e5 nog eens aan en die kan niet verder gedekt worden. Dat is inderdaad nog veel sterker (en eenvoudiger) dan Dxb2, wat ook niet beroerd is. Nu komt wit 2 pionnen achter. En omdat nu de zwarte stelling veel gemakkelijker speelt dan de witte sneuvelt er bij zet 24.  nog een witte pion.  Het is me niet duidelijk waarom wit dan niet opgeeft. Hij zwoegt nog kansloos 20 zetten verder, waarschijnlijk hopend op een blunder van Martin. Ik zie aan diens gezicht wat die voortdurend zit te denken:  ‘Blijf kalm! Neem de tijd! In godsnaam nu geen blunder!! Ik wil niet uitgelachen worden. Nu niet alsjeblieft!!”  Ik zie hem heel lang nadenken over de meest voor de hand liggende zetten. Alle risico vermijdend. En dus ….   die blunder komt niet!

Ab houdt het vrij lang vol tegen Frank.

Ondanks een onlogische 3e zet

20Frank1 20Frank1

3 ….   Df6?  Ik dacht vroeger al geleerd te hebben je dame niet te vroeg in het spel te brengen.  En inderdaad,  hier gaat hij later last van krijgen. Wit staat al gauw een stuk beter, maar verknoeit het flink bij zet 13. Ik denk dat zijn hand uitschoot toen hij de toren verplaatste.

20Frank2  20Frank2

13. Tf1-g1 ??  Ik weet dat ik snel geestelijk aftakel, maar de diepere bedoelingen hiervan  begrijp ik echt niet!  (13. a4!? )  13. .. Lb6! En zwart doet weer volop mee. Maar niet lang. Bij zet 18 taxeert Ab de stelling verkeerd

20Frank3 20Frank3

18. … Lxf3?? (Le6!?) Hierna gaat wit’s troef, de halfopen f-lijn, veel te belangrijk worden. Frank bouwt zijn aanval geduldig op, en zwart komt er eigenlijk niet meer aan te pas.

20Frank4  20Frank4

Kan het er nog mee door voor zwart? Nee dus:  26. Pxg7! Niet moeilijk te vinden, maar wel grappig. 26. … Txg7  27. Dxf6 Hierna stort de zwarte stelling snel in.

20Frank5  20Frank5

31. ….  Dh4  redt dat nog wat? Nee, Frank had gezien dat het zwarte paard geen vluchtvelden meer heeft.  32. Dxh4 Pxh4  33. Txg7 Kxg7  34. g3 ! en het paard gaat naar de slager. Dit was iets minder simpel, maar ook best grappig.  Hier had Ab al kunnen opgeven.

Peter-Herman

Peter gaat er in een Italiaanse opening lekker tegenaan. Staat rond zet 12 duidelijk beter (ruimteoverwicht), maar geeft dat een beetje weg bij zet 13, en zet 16 en zet 19. Tad1

20Peter1  20Peter1

Zwart staat inmiddels beter. Het beste zou nu zijn 19. … Lxe3 20. fxe3  f6!?  21. dxc7 Tc8 en zwart wint de pion op c7 terug en zou nu flink wat beter staan, ondanks het feit dat de rochade nu nooit meer doorgaat. Ik zou het zelf nooit bedacht hebben. Ik geloof het ook eigenlijk niet.  19. …  0-0 Wel gerocheerd, maar dekking van d7 vergeten. Nu had dus 20. dxc7 Lxc7  21. Txd7 gekund , waarna wit minstens gelijk staat. Wit speelt 20. a4 waarna zwart alsnog op e3 had kunnen slaan, met beter spel voor zwart.

Wat er wel gebeurd is kan ik niet meer reconstrueren omdat beide notaties hier fouten gaan bevatten. Ik zag dat na afloop ook Frank zich hier met de problemen van de reconstructie bezig hield toen hij probeerde beide heren nog wat bij te leren (loffelijk!), zonder veel succes. Ik herinner me wel dat ineens toch wit weer beter stond, dat het hoofd van Peter steeds roder werd van de spanning  (nee van de zon, zegt hij) , en dat rond zet 28 ineens wit compleet gewonnen had.    ‘Ik heb er een rommeltje van gemaakt!’ verzuchtte Herman. Ik weet niet of hij doelde op zijn notatieformulier of op het laatste deel van zijn partij.  Beide kan van toepassing zijn. Voor Peter een gelukkig slot van zijn seizoen. Prettige vakantie gewenst!

 

Verslag 7 mei (2e verbeterde druk)

 

Van onze speciale verslaggevers

Bert Kuijer

Bert:  Geen vlekkeloze partij van mij (ik had op e6 kunnen slaan toen Gerrit op c3 ruilde.)  (ES: Nou ja …  ) maar door die zwakke loper die Gerrit meestal best sterk vindt was het winnen toch niet zo moeilijk.    Pxf4 van hem had ik totaal niet naar gekeken maar gelukkig was het wel fout….

ES:  In de partij tegen Bert koos ook Gerrit voor het klassiek damegambiet. Tot mijn verrassing zie ik dat de openingsopstelling aan beide zijden gelijk is aan die van Martin-Paul:  met vroeg a6 van zwart (Met de vage bedoeling dxc4 en b7-b5 !? Veel gebruikelijker is hier gewoon 0-0) en met Lf4 van wit.  Dat laatste  is een opstelling  waarover ik Van der Sterren (als commentator bij een Tata-toernooi) heb  horen uitleggen dat dit eigenlijk de enige mogelijkheid is om met wit nog iets tegen het klassiek damegambiet te proberen, omdat alle andere  varianten intussen  –in twee eeuwen-  totaal  uitgeanalyseerd zijn. Als oud-schoolmeester word ik nu gelijk bestormd door de brandende vaag : Wie heeft bij wie afgekeken? Paul bij Bert, of omgekeerd. (Geintje)  Hierna kiest Gerrit een paar keer voor een ontoereikende strategie, wat Bert feilloos aantoont.

Ron de Vink:

Toch een update. Hoop dat de anderen je ook informeren. Bert overspeelde Gerrit met wit en toonde aan hoe slecht een slechte loper is. Paul won rustig en gedecideerd met zwart van Martin. Ik mocht met wit tegen Frank. Dat werd heel leerzaam en via een bewust gekozen omweg kwamen we in de Kan variant van Siciliaans terecht. Bert toonde ons later wat zijns inziens de beste opstellingen zijn (niet het door mij gekozen c4) en demonstreerde ons dat je niet makkelijk van zwart wint. Hij is echt een kei in die stellingen.
1. d4, e6 !? Frank had kennelijk geen trek in Jobava (ES:  1. d4 d5 2. Pc3 e6 3. Lf4 ), maar dat was ik niet van plan. 2. Pf3, c5. 3. e4! Ik wil geen Frans, maar wel Siciliaans proberen tegen Frank. Maar ja, die jongen kan alles spelen. 3…, cxd4. 4. Pxd4, a6! 5. c4!? Best vaak gespeeld nog, maar vaker nog Pc3 en Ld3. Maar ik wilde wat anders proberen. 5…, Dc7. 6. Pc3, Lb4!? Door Bert vaak gespeeld maar met paard op f6, maar of het hier ook goed is? Dd3 is nu een goed plan voor wit, maar Houdini geeft het gevaarlijke 7. Dg4 met een plus voor wit. Totaal niet naar gekeken. Ik speelde 7. Ld3 met het plan mijn d paard naar e2 te spelen op Pc6. Frank dacht even na en besloot toch op c3 te nemen. Dat geeft mij inderdaad een zwakke pionnenstructuur. 7…, Lxc3+ 8. bxc3, Pf6 (anders Dg4) 9. Lg5. Volgens de computer toch de beste, tijdens de partij voelde ik mij er later niet tevreden over, maar dat kwam omdat ik niet de sterkste voortzetting  koos. Toch hoeft zwart deze stelling al niet te vrezen. 9…, d6. 10. Lxf6, gxf6. 11. 0-0. Toch de beste aldus computer. Frank dacht later dat Dh5 hier sterker was. 11…, Pd7. 12. f4!? Niet fout, maar hierna hoeft wit niet meer op voordeel te hopen. De beste kans bood 12. Dg4! waarop zwart het beste b6 (!) speelt en dan overeind blijft en tegenspel houdt, omdat hij zijn koning op tijd dan in veiligheid kan brengen. Ik voelde me hier al niet blij meer met de witte stelling. Slechte loper, zwakke pionnen, zwart gaat lang rocheren en hoe moet ik mij verdedigen? 12…, Pc5! Een wereldpaard, maakt stelling direct gelijk. 13. f5, e5. 14. Pb3, Ld7 15. Pxc5, Dxc5+ 16. Kh1, h5! Door computer als sterkste gegeven. Ik moet gauw wat doen, anders wordt ik opgerold. (ES: ??  a4  of  Df3 ? ) 17. Tf3! M.i. de enige goede verdediging. 17…, 0-0-0. 18. Th3, h4. 19. De1! net op tijd 19…, Da3! Sterk en goed. 20. Txh4, Txh4. 21. Dxh4, Dxc3. 22. Td1, La4. 23. De1 de enige nog en direct remise aangeboden. Het staat inderdaad volkomen gelijk. Het grappige is dat we in de na-analyse na Dxe1 vervolgens lange tijd zetten deden die mijn computer dus ook gaf. Zwart moet wel oppassen voor de vrije h-pion.
Verdiende remise voor Frank. Vooral instructief de lessen van Bert erna. Maar ik ga me toch in een aantal varianten verdiepen. Zal ik het ook ooit tegen Bert durven spelen?
Het is heel ander maar wel leuk spel. “

Uit de partij van Paul destilleer ik (ES):

Het was klassiek damegambiet waarin de heren het elkaar niet bijzonder lastig maakten. Zoals hoort in deze m.i. nogal saaie opening stond wit een heel klein tikje beter. Zoals Paul zelf terecht commentarieert, gaat dat verloren na  15. Dh5  (15. Dg4!?)  en zwart krijgt inventief, langzaam de overhand.  En houdt dat bekwaam vast. Zet 39 is een misser en maakt Martin de stand weer gelijk, maar tot genoegen van Paul geeft Martin de boel bij  zet 43 weer uit handen. Daarna is het eindspel voor hen compleet verloren, wat Paul bekwaam aantoont. En zo blijft Paul toch weer de Angstgegner voor Martin.

Hierna de partij als levend diagram met licht commentaar van de schaakmeester zelf:

 


Overzicht voor ronde 19, gespeeld op 7 mei 2018

Wit

 

Zwart

Uitslag

Martin Zwaneveld

-

Paul Verkooijen

0-1

Bert Kuijer

-

Gerrit van Dok

1-0

Ron de Vink

-

Frank de Geus

½-½

Ab Hauer

-

Peter van Putten

1-0

Jasper Ittmann

-

Afwezig met geldige reden

 

Marco van Wijk

-

Afwezig met geldige reden

 

Herman Zwaneveld

-

Afwezig met geldige reden

 

Joost van de Heuvel

-

Afwezig met geldige reden

 

Piet Tensen

-

Afwezig met geldige reden

 

 

 

Ranglijst bijgewerkt t/m ronde 19

Nr

Naam

Punten

Wa

Gsp

Gw

Rm

Vl

Perc

1

Ron de Vink

290,00

21

19

11

7

1

76,3

2

Bert Kuijer

287,33

20

19

14

2

3

78,9

3

Paul Verkooijen

247,00

19

15

9

3

3

70,0

4

Gerrit van Dok

216,33

18

19

8

4

7

52,6

5

Martin Zwaneveld

195,67

17

14

6

1

7

46,4

6

Frank de Geus

180,33

16

11

6

3

2

68,2

7

Ab Hauer

169,67

15

15

7

0

8

46,7

8

Herman Zwaneveld

129,00

14

17

2

2

13

17,6

9

Peter van Putten

124,17

13

12

2

2

8

25,0

10

Jasper Ittmann

35,00

12

1

0

0

1

0,0

11

Joost van de Heuvel

27,00

11

1

0

0

1

0,0

12

Piet Tensen

24,67

10

1

0

0

1

0,0

13

Marco van Wijk

18,00

9

0

0

0

0

0,0

 

 

 

Een nieuwe lente (Oppositie)

De winterkou is nu wel uit de lucht. We gaan eindelijk weer een nieuwe zomer tegemoet. Ik zag al enkele kievieten in de Eilandspolder.  Driftig bezig met de voorbereiding van hun nest. Prachtige beesten toch, vooral als ze hun onverwacht grote, zwart-witte vleugels uitslaan en door snelle wendingen rond nepplekken je proberen te misleiden omtrent hun nestelplaatsen. Ik hoorde ook twee grutto’s. Die je waarschuwen niet dichterbij te komen, door fascinerend luid hun naam te herhalen, hoog in de lucht. Dat het allemaal toch nog bestaat. Maar hoe lang nog?

Wij bestaan ook nog. We hebben de klasse 3- winter goed doorstaan. Gisteren in Heiloo weer een goed kuiltje gemaakt, nu geen nep, of probeersel, maar echt.  Maar nu moeten we wel nog ‘even’ zorgen dat er wat in ligt.   Iedereen kon het nu wel weer horen: hoog in de lucht  herhaalden we onze naam : Aaa risss   Aaa risss! Toen ik van de week door het Uilenbosje bij Graft struinde, hoorde ik prachtige, luidkeelse vogeltjeszang, maar hoe ik ook zocht, de meeste zag ik niet. Ze waren er wel, maar verstopten zich. Het leken wel schakers  in Middenbeemster.

Als we na de zomer aan onze wintervlucht naar de warme tweede klasse beginnen, wie vliegen er dan mee? Koen van Lankveld? Ik zie hem even niet meer, maar ik hoor hem ook niet.  Jos? Ik hoor hem nog wel af en toe, maar ik zie hem niet.  Gaan Ab en/of Peter zich de komende maanden  geestelijk en lichamelijk voorbereiden op de zware trektocht? Wel een zware tocht, maar waar ze wel sterker van zullen terugkeren. Het lijkt me noodzakelijk dat  we met hen allen indringend gaan overleggen.

Foto’s groter of beter klik erop!

2S7A3146WEB  2S7A3146WEB

Het werd wel weer feestelijk deze derde paasdag. Paul en Ron en Bert stookten alle drie snel een mooi paasvuur waar we bewonderend omheen konden staan. Ook bij Martin, Frank en Gerrit sloeg de vlam er al snel in. Maar om een of andere reden zette het daar niet door. Hun vuurtjes dreigden nota bene al gauw te doven. Er moest de hele avond extra brandstof aan te pas komen voor ook bij hen het vreugdevuur een feit werd.

Na zijn vreugdevuur kon Paul rustig gaan genieten van de vroege bloei van zijn bollenvelden.  Al na 7 zetten!

2S7A3148WEB  2S7A3148WEB

Paul durft zijn onthutste tegenstander niet aan te kijken. Bang dat in hij lachen zal uitbarsten?

Na 1. e4 e5 2. Pf3 Pc6 3. d4 exd4 4. Lc4 Lb4+ 5 c3 dxc3  6. bxc3 Le7

OppExtPaul1 OppextPaul1

7.Dd5   Zwart kan mat alleen voorkomen door een paard te offeren. Daarna hoeft Paul alleen nog maar rustig rond te lopen en te kijken hoe alles groeit en bloeit.

Bij Ron duurde het maar weinig langer of de kuikentjes  kwamen uit de eieren gekropen.  Omdat hij me zelf veel commentaar zond zal ik elders zijn hele partij op de site zetten. Hier alleen maar even de stelling waarachter Peter Folkertsma gezichten naar mij zat te trekken, waaruit bleek dat die zich realiseerde dat hij er vanavond geen chocola meer van zou kunnen maken.

OppExtRon1  OppExtRon1

Ron zag dat niet, want die zat heel lang zwaar te peinzen hoe hij na 17. … Kf8 zijn fraaie nieuwste creatie nog meer kleur kon geven. Mijn latere suggestie dat hij toch niet zo eindeloos lang naar het leuke 18. Dh6+ had hoeven turen (omdat hij na Pxb7 met twee pionnen meer en gebrek aan veiligheid voor de zwarte koning  toch ook dik gewonnen stond) werd afgedaan als ‘laffe oude mannen’ – praat! En terecht natuurlijk.  Zijn variëteit werd echt wel een feest voor het oog. Ik vond bij een tekstje over bollen-kweken de volgende zin: ‘De kweker moet een eerste klas vakman zijn met veel geduld. Anders komt er niets van terecht!’ Geheel van toepassing dus vanavond op onze tulpenboer. Zie dus voor de details van deze kwekerij elders de toelichting van de expert zelf.

Bij Bert konden we vanavond ook terecht voor het zien ontstaan van een prachtig versierd groot chocolade-ei voor Frederik Smith. Natuurlijk werd weer de mal gebruikt van de Sicilaanse  Kan (Paulsen).  Maar er ging vanavond echt de hoogste kwaliteit cacao en cacao-boter in. 

OppExtBert1  OppExtBert1

16. Ld3? Pe5!  17. Pde2 d5!  En Bert kan beginnen te denken aan de strikken en de linten die hij nu kan gaan aanbrengen.  Wil daarbij soms onderweg nog wel eens iets losraken of  aan scherven gaan, daarvan is vanavond geen sprake. Zijn recept was eenvoudig: verhitten, onder druk zetten, weer afkoelen, en in ieder geval de dame  de keuken uit en vervangen door twee effectieve torenhulpen. Resultaat een foutloos produkt dat zo in de etalage kan. Dat doe ik dan ook verderop nog wel even.

 2S7A3155WEB 2S7A3155WEB

De onverstoorbaar geconcentreerde laat zien dat twee goed samenwerkende torens echt sterker zijn dan een dame.

Nu was het wachten op het resultaat van de laatste drie borden.

Martin speelde zijn Siciliaan beter dan zijn tegenstander.Na zet 13  c3 dacht ik dat het vanavond voor hem een boterlammetje zou worden. Maar daar had Richard Sauer geen trek in.

OppExtMartin1   OppExtMartin1

En nu gebeurde er iets heel bijzonders.  13. … 0-0? Zwart heeft even niet precies gekeken. Komodo geeft 13. … Tb8. Die kijkt wel uit! Die ziet dat er een grapje in zit:  14 Lxh6! Dat offer blijkt niet helemaal correct, maar wel lastig! Er komt dus een paaskonijn langs, en Martin kan na even wat onzeker zoeken naar het beste wapen niet laten er toch op te schieten. Tenslotte is een konijn een konijn. Zal ook wel het beste zijn. Maar daarmee is echt het wildstoofpotje nog lang niet gaar. Want dit konijn is snel en slim. Door wat kleine missertjes staat zwart er toch ineens wat moeizaam voor. Door die missertjes raakt hij een beetje door z'n munitie heen. Hij heeft nu wel een stuk meer maar tegen drie pionnen. En het konijn vindt steeds weer nieuwe vluchtwegen.

OppExtMartin2  OppExtMartin2

Na zet 24 vindt jachtexpert Prof. Dr K. dat wit aanmerkelijk beter staat.  Na 25. Td1  of  25. b4  of 25. h4  .  Ook de toeschouwers worden bezorgd, en zien het er nog van komen dat de zwarte jager met een lege weitas naar huis moet.

Maar hij geeft niet op. En het rennende konijn raakt vermoeid.  Die raakt even van de wal in een sloot. Dat kost totaal onnodig een pion. Bij zet 27. En daarna even onnodig een kwaliteit. Bij zet 32. Daarna heeft zwart een volle toren meer, tegen twee pionnen. En de uitvalsmogelijkheden  van wit zijn op.  Dus dan duurt het niet heel lang meer en is het niet meer zo heel jonge (wel een goed excuus) konijn het haasje. Maar ook Martin was er ongetwijfeld zeer moe van. Eigenlijk een heel interessante en spannende partij. Dankzij Sauer’s lef!

2S7A3154WEB  2S7A3154WEB

Martin:  ‘Zou ik nu eindelijk uit de zorgen zijn?’

2S7A3162WEB 2S7A3162WEB

“Heb ik het hem toch nog geflikt!”

Bij Gerrit net zoiets. Zijn tegenstander  Aart van den Brink was evenmin als de mannen naast hem er een van lui languit in het gras liggen. Die startte zomaar met 1. f4.  Nou dan weet je het wel.  (Hij wist niet dat voor Gerrit niets uitmaakt. Die speelt toch altijd d5 en e6 en Pc6 (nu wel na c5! Heel goed!)) . Dus ook tegen 1. f4.  Maar daar bleef het niet bij. Want hij wou er vanavond kennelijk op zijn paasbest  bij staan, dus volgde ook nog 5. c4. Misschien één van die oude paasgebruiken die langzamerhand aan het uitsterven zijn. In dit geval is dat verdwijnen wel goed, want erg logisch lijkt het me niet.

OppExtGerrit1  OppExtGerrit1

Een vreemde witte centrumpositie. Daarna liet hij de stukken op de damevleugel aan hun lot over en stoof op de zwarte koning af. Gerrit was niet onder de indruk.  Die trok zich niets aan van de dreigende donkere lucht. Die wachtte gewoon tot het weer voorzichtig ging opklaren. En bij zet 20 zit hij dan echt lekker volop in de lentezon, hopend vanzelf een veld lentebloemen te kunnen zien ontluiken. Maar dat valt dan een beetje tegen. Ik zat even naast hem, voelde ook de behagelijkheid van de situatie, maar wist ook niet wat je daar het beste verder aan kon toevoegen.

OppExtGerrit2  OppExtGerrit2

De toren op h6 was ooit bedoeld voor aanval, maar dat gereedschap staat inmiddels wat ongelukkig immobiel weg te roesten in een hoekje. Gerrit heeft besloten die koningsaanval maar te vergeten en op de damevleugel te gaan opereren  gebruikmakend van zijn mooie lopers en zijn terreinvoordeel aldaar. Hij gaat nu maar direct met 24. … b4 tot actie over, terwijl Prof.Dr K liever nog even langer de warme zon haar zegenende stralen over de bollenvelden aldaar had laten schijnen. Die gaat verder met 24. … De7 en 25. ….  Td8.   24. …. b4 is niet slecht en begrijpelijk, maar het is de inleiding tot veel te veel en te snel wieden en daardoor wordt er ook veel voorzichtig ontluikend moois met het onkruid  mee weggeschoffeld.  Wel eens vaker een beetje een minpuntje van Gerrit’s  tuinmanskunde. En ineens staat niet zwart, maar wit beter.

OppExtGerrit3 OppExtGerrit3

33. Lxd5  Dat leek me niet handig omdat dan nu ineens die kapotte toren op h6 ineens weer verplaatst kan  worden, maar zoals topgardenier Dr K. opmerkt daar staat tegenover dat na 33. … exd5  nu 34. Td2 lastig wordt. Gelukkig voor ons doet ook Aart het daarna niet op zijn best en bij zet 38 bij gelijke stelling maakt hij een ernstige vergissing  waardoor zijn veld plotseling totaal waardeloos wordt tengevolge van een gemeenschappelijke meedogenloze aanval van bladluis bollenmijt narcismijt en engerlingen. Hetgeen leidt tot promotie en bekroning van de zwarte b-pion.  Toch een beetje mazzel voot Gerrit. Ik sprak na afloop mijn bewondering tegen van den Brink uit. Niet alleen omdat hij zoveel kleur had gebracht met zijn experimenten, maar vooral ook voor zijn vrolijke onbewogenheid. Die hij tentoonspreidde toen hij  in enkele zetten het noeste werk zijner handen in een totale misoogst zag veranderen. Daar zou ik van kunnen leren.

Ik vermoed ook Bastiaan van Dam. Die maakte in de eindfase ook een niet al te vrolijke indruk. Een zo op het oog nog tamelijk jong, aanstormend talent met een nog veel te lage elo-rating. Ik denk dat hij nog studeert. Bijv. in Wageningen, bollenteelt.  Zijn opening was namelijk zaaitechnisch niet al te deskundig. Op de vierde zet gaat het eigenlijk al een beetje mis. Op de 7e zet nog een beetje meer.

OppExtFrank1   OppExtFrank1

7. … Pe7 zowiezo met voor mij onduidelijke bedoelingen, maar bovendien laat dat weer (kon een zet eerder ook al, hij had dus beter op f3 kunnen nemen) een combinatie toe die toch voor een afgestudeerde niet al te moeilijk te vinden was geweest. 8. Pxe5!  Het vervolg is heel  logisch: 8. … Lxd1  ( iets beter is 8. …. Pxe5)  9. Lxf7 (nuttig tussenzetje) Kd8  10. Pxd7  Lastig te zien zonder verrekijker -het is voor beide partijen voorbij hun horizon- nu heeft zwart toevallig toch wel wat compensatie voor zijn pion. Alle tulpen gekopt, maar gelukkig hebben we de bollen nog.

OppExtFrank2 OppExtFrank2

 11. Pxf8 Txf8  12. Lc4  Pe5

OppExtFrank3  OppExtFrank3

Wit staat een pion voor, maar hoe lang nog?  Frank dacht hier zeer lang na. De beste zet hier? Paaseieren kiezen voor je geld. Niet leuk, maar Ke2  is de beste.  Wit heeft dan gelijk voordeel. Een pion is een pion. Toch?  Zwart kan toch ook niet meer rocheren! Frank kiest een andere variëteit met 13. 0-0. Niet de beste maar dankzij wat te gul stagiaire-werk van Bastiaan op het veld staat wit bij zet 18. op winst.  En dan begint onze Frank een beetje te modderen.  18 e5   18.Pg5!!   19. Pxe5?  19. Pg5!! Dat ik hiervoor  Bastiaan als aanstormend talent karakteriseerde komt door zijn deel van de partij dat nu volgt: het wordt nu snel een eindspel en dat speelt hij foutloos.  Hij wint pionnen. Al gauw geeft niemand meer een stuiver voor Frank’s stelling. Tot zet 45.

OppExtFrank4  OppExtFrank4

Na 45. … c3 moet wit fatsoenshalve opgeven.  Noch Lg5  noch Lf6 kunnen de oogst nog redden. Na 46. Lg5 heeft zwart zowel Pc4 als a4 achter de hand. Uit!

Maar dan:  45. … Pd1 ????????????????   Volgens mij zat Frank hier fors in tijdnood en Bastiaan niet. Maar die was intussen waarschijnlijk daardoor ook zenuwachtig geworden.  Ik had al automatisch tegen Ron geopperd: ‘Geef zoiets toch op!!! ‘  ‘Nee’, siste Ron, dat wordt remise!’                    ‘????’                   Frank speelt hierna razendsnel.  Een wanhoopsoffensief, maar naar blijkt wel heel terecht. Hij moet er al een flinke tijd naar op weg geweest zijn.

In mijn hoofd barstte nu het slotkoor van de MattheusPassion los.  Zinspelend op de Wederopstanding!  Nu niet binnen drie dagen, maar binnen slechts drie resterende minuten.

46. g5 !!! c3  (één zet te laat!) 46. g6  hxg6  47. h7

Hierna krijgt Frank een dame tegen 4 pionnen, waarvan 3 verbonden en in aantocht.  Maar die gaan er natuurlijk om de beurt af. Natuurlijk, maar daarbij moet toch steeds goed worden nagedacht, want dat luistert nauw. Frank staat nu totaal gewonnen. Maar Frank heeft geen tijd meer. Op de rand van vallen offert hij zijn Dame dan maar om een theoretische remise te bereiken: K+P  tegen K.

Beetje teleurstellend voor Frank, beetje teleurstellend voor Bastiaan, maar voor de toeschouwers een verlaat paasfeest.

Een nieuwe lente en een nieuw geluid:
Ik wil dat dit lied klinkt als het gefluit,
Dat ik vaak hoorde voor een zomernacht,
In een oud stadje, langs de watergracht .

 (De eerste regels van de onsterfelijke Mei van Gorter)

Een aantal door mij gevonden leuk versierde paaseieren zal ik hier later aan toevoegen.  Kunt u  vast van het voorafgaande gezellig snoepen in het weekend. Paasbrood zal wel op zijn inmiddels.

Wordt vervolgd.

 

 

03-04-2018

Oppositie 2

 – 

Aris de Heer

½ – 5½

1

7270065 

Peter Folkertsma

 1533

 – 

8529532 

Ron de Vink

 1895

0-1

2

7256018 

Frederik Smith

 1561

 – 

7185981 

Bert Kuijer

 1806

0-1

3

6258670 

Tjerk Voskuil

 1510

 – 

6808131 

Paul Verkooijen

 1765

0-1

4

6310986 

Richard Sauer

 1511

 – 

7826654 

Martin Zwaneveld

 1670

0-1

5

8521788 

Bastiaan van Dam

 1569

 – 

7803114 

Frank de Geus

 1663

½-½

6

7957994 

Aart van den Brink

 1422

 – 

7268195 

Gerrit van Dok

 1625

0-1

 

 1517

 

 1737

 

 

 

Ronde 18

Het was niet erg druk in ons eetcafé op maandagavond 19 maart 2018. Toch wel leuk.

Gerrit-Ron

  1. d4 c5

GerritRon2   18GerritRon2

Ron had iets aardigs bedacht voor hierna, maar kreeg de kans niet. Ron:   “Ik kreeg natuurlijk weer geen 2. d5. (ES: en dat is toch inderdaad echt de beste!) Maar heb me suf gepiekerd hoe je op 2. c3 dan het best kan anticiperen. Maar ben eruit. Ik houd niet van de traditionele opzet  (ES: met 2 ….  d5) , want dan speel je feitelijk tegen Slavisch met zet minder. Ruilen is gelijk maar saai. Maar ik vond ook nog boekje over de ‘Sniper’ en  2…, g6 is dan gewoon goed, omdat daartegen de pion op c3 niet de beste opstelling is! Daarin wordt namelijk dan na 3. e4     3 …., d5 aanbevolen en gek genoeg levert de opzet  met 4. e5 wit niets op.  (ES: Ik geloof er bijna niks van. ) ‘Met dank aan Gerrit die mij dwong erover na te denken.´

In de buurt van zet 20 kreeg Gerrit kans om veel te ruilen, inclusief de dames.  Maar stond daarna zo op het oog behoorlijk gedrukt. (Komodo:  -1.13,  voor zwart dus) Zie diagram hieronder: Half open torenlijn is voor zwart. Een achtergebleven pion voor wit. Een weinig effectieve witte loper. Even de juiste route vinden voor zwart. Maar dat bleek toch niet mee te vallen. Komodo denkt dat je hier op h4 moet slaan, dan door h6-h5 de witte h-pion vastleggen op een zwart veld,  en dan de Toren van c8 overbrengen naar g8 en de loper naar e7 en dan die h-pion bedreigen. Maar of het dan erg eenvoudig wordt? 

GerritRon1 18GerritRon1

Zoals het nu in het echt ging redde Ron het niet. Hij liep zich te pletter op de Beemster muur, van onze eindspel-fanaat  (nee, niet de Berlijnse Muur in het Spaans, die is van Kramnik).   Die na zet 27 door herhaling van zetten remise bedong. Ron gaf maar toe omdat hij het ook al een poosje niet meer wist.

“Het eindspel dat ik tegen hem had was dus best leuk. “

Paul tegen Bert

leek vanavond bedrieglijk op echt schaak!

Ik speelde vroeger veel KoningsIndisch.  Tegen 1. d4 eigenlijk uitsluitend. Het was het enige waar ik toen wat van wist. Bert verklapte me eens dat hij dat ook was gaan doen omdat hij het mij op de club had zien spelen. Dat moet geweest zijn toen hij 17 jaren oud was. Sindsdien is Bert trouw een verwoed beoefenaar van deze opening gebleven. Hij bevindt zich in goed gezelschap. Gary Kasparov, David Bronstein, Bobby Fischer, Judith Polgar om maar eens wat te noemen. Het was lang een van de allerpopulairste openingen tegen d4. Alleen Kortsnoi moest er niks van hebben. Die vond het een onstrategisch soort gambiet. (?) Het wordt nog steeds regelmatig gespeeld, maar ik geloof dat nu weer het Grünfeld-Indisch (iets dergelijks maar met 3. … d5 i.p.v. d6)  nog populairder  is. Bert heeft inmiddels  een formidabele ervaring met de KingsIndian.  Dat was afgelopen maandag goed te zien.

Paul zocht de meer degelijke dan uitdagende behandeling, namelijk met ook een eigen Koningsfianchetto.

Dat zie je bij echte schakers ook weer meer tegenwoordig. Ach, het is allemaal een kwestie van mode. Er was een tijd dat wit was uitgekeken op de gewone hoofdvariant met Pf3, Le2, d5. Inmiddels doodgeanalyseerd. Eerst werd toen dat tegenfianchetto  (Lg2) heel populair. Ik herinner me heel lange varianten daarmee in de Losbladige Schaakberichten van Dr Max Euwe. Toen niemand daar nog chocola van kon maken, werd de Sämisch-variant  met f3, g4, h4 + lange rochade heel veel gespeeld.  Onze Paul weet dat natuurlijk ook allemaal, maar greep terug op de mode van de vroege zestiger jaren. Nou ja, niet helemaal hetzelfde, want hij speelde op de 7e zet Pc3 zonder c4,  en dan heet het Pirc, maar dat is toch bijna  één pot nat. Van dat verschilletje zal Bert niet wakker liggen.

18PaulBert1    18PaulBert1

Als u zich afvraagt wat dat paard op g4 doet, dat is een verzoek aan wit om zijn loperpaar op te offeren. Als wit dat niet wil ( 10. Ld2) is dat geen tempoverlies, want de belangrijkste bedoeling van die paardzet is om 10. …. f7-f5!! te kunnen spelen. Dat is nu eenmaal de basiszet van vrijwel alle varianten van het KoningsIndisch, pardon de Pirc. U zult daartoe ook vaak Pf6-h5  of zelfs Pf6-e1 aantreffen. Wit kan f5 niet goed voorkomen. En daar draait het om.

Hierna wordt het altijd spannend.  Wit staat een fractie beter maar moet ogen van voren en van achteren hebben. Na 11. exf5  neemt de ervaren KI-speler altijd met de g-pion op f5 terug, i.p.v. met de loper. En maakt zich daarna geduldig op voor komende troepenbewegingen richting vijandelijke koningsstelling. En de bedoeling is dat dan ook die loper op g7 ineens gevaarlijk wordt. Als dat allemaal lukt, krijgt zwart een prachtige stelling,  maar soms lukt het niet. Als wit alles goed doet.

18PaulBert2  18PaulBert2

Hier gebeurt dat dus niet: 19. Pg1 ?? (19. d4!?)  Na 19. ….  f4! of 19. ….  Ph5! (gespeeld) krijgt zwart aanknopingspunten. En na een zwakke witte 21e zet (Lg2-f3) staat wit gewoon ineens heel goed.

18PaulBert3  18PaulBert3

21. … Pxg3 !!!!  Bert ziet :  22. Kxg3? exf4!  Als wit met de loper terugneemt  volgt Lxc3 schaak en damewinst. Als wit echter met de koning terugneemt (brr) volgt mat met Le5! (#1) Over een ontwakende ijzersterke 'koningsindische' (nou ja Pirc-) loper gesproken.

Dus zit er niets anders op dan 22. Pge2 (gespeeld) waarna het zwarte paard na gedane arbeid triomfantelijk terugkeert naar h5. Dan is wit een pion armer en een gammele koningsstelling rijker.

Ook hierna doet Bert helemaal niets fout. Voorbeeldig wordt van de voordelen geprofiteerd en de arme Paul mag alleen nog van zet 23 tot zet 35 spartelen in een steeds nauwer wordend net. Daarna machteloos gevangen in 2 zetten. Zie verderop.

Ron:   ‘Maar vooral toch weer heel knappe partij van Bert.’ Hierbij sluit zich de huidige spreker volmondig aan.

De andere twee partijen werden niet genoteerd en dus daar kan ik niet veel over schrijven.

Ik zag dat Ab Hauer dramatisch verloor van Joost van de Heuvel. Maar dat was wellicht in de analyse achteraf want onze nieuwe jongeling werd later drastisch gesouffleerd door Frank die tijd had omdat hij oneven was. Wellicht had Ab eerst al gewonnen.  ????

En ik zag hoe Herman Zwaneveld met enige hulp van zijn tegenstander een enorme koningsaanval op touw zette tegen onze andere nieuwe oudere jongere Piet Tensen, en hoewel Herman er meer tijd voor nodig had dan strikt noodzakelijk, hij won! Ik zei toch al ……

Highlights:

Paul-Bert

18PaulBert4  18PaulBert4

34. ….  Tg3 !  (Komodo geeft Lc6 als nog veel sterker, maar waarom zou je ingewikkeld doen als het ook eenvoudiger kan?  Opnieuw speelt dat open veld g3 een belangrijke rol.)  En nu gaf Ron aan dat wit hier wegens de penning van de dame op f5 nog een heel klein beetje had kunnen spartelen met 35. De4!? Maar niet genoeg:  35. …. Teg8 36. Dxf5 Lxf5  en de aanval duurt voort. En zelfs als wit kans zou zien om alles af te ruilen zou het eindspel ook nog verloren zijn:

18PaulBert5  18PaulBert5

Wit is niet opgewassen tegen die twee vrijpionnen van zwart.

Maar Paul spartelde niet langer:

18PaulBert6  18PaulBert6

35.Txg3 fxg3+ 36.Kxg3 Tg8+ 37.Kh2   (37.Pg4 dan h5 of Lc6 of Dxd3 ) 37…Dxf2+ en wit geeft op.

 

Gerrit-Ron

18GerritRon4 18GerritRon4

28. Th7+  Tg7 anders verliest zwart zijn pion op a7   29. Th8 (beter Txg7!)  en nu had zwart nog 29. … a5 kunnen proberen, maar na 29. ….  Tg8  wordt het remise door herhaling van zetten.

Eindcorrectie moet nog plaatsvinden.