Categorie archief: Interne competitie

ronde 3, 19 oktober 2019

Wit Zwart Uitslag
Gerrit van Dok Frank de Geus 0-1
Martin Zwaneveld Herman Zwaneveld 1-0
Matthijs Groot Ab Hauer 0-1
Ron de Vink Bert Kuijer 1-0
Peter van Putten Afwezig met geldige reden
Paul Verkooijen Oneven

Ranglijst bijgewerkt t/m ronde 3

Nr Naam Punten Wa Gsp Gw Rm Vl Af Perc
1 Bert Kuijer 32,00 15 3 2 0 1 0 66,7
2 Ron de Vink 29,67 14 3 1 2 0 0 66,7
3 Martin Zwaneveld 29,00 13 3 2 0 1 0 66,7
4 Peter van Putten 25,67 12 1 1 0 0 0 100,0
5 Frank de Geus 22,00 11 2 1 1 0 0 75,0
6 Herman Zwaneveld 19,00 10 1 0 0 1 0 0,0
7 Ab Hauer 15,33 9 3 1 1 1 0 50,0
8 Gerrit van Dok 14,33 8 3 1 0 2 0 33,3
9 Matthijs Groot 13,17 7 2 0 0 2 0 0,0
10 Paul Verkooijen 10,00 6 1 0 1 0 0 50,0

Openingsperikelen

Er waren nogal wat openings-perikelen vanavond (14 oktober).  Ab was even kwijt dat je na  1.e4 e5 2. Pf3 vooral geen …f6 moet spelen, omdat je dan na Pxe5 eigenlijk wel weer de stukken in de doos kan doen.



Wonderbaarlijk genoeg was Matthjs dat ook even vergeten.  Ab, die er daarna ook even niet aan dacht dat hij in de opening vooral met zwart zijn stukken snel moet ontwikkelen en rocheren, raakte – zonder mogelijkheden tot enig initiatief- opgesloten achter een stèrk aan dammen herinnerende soort ‘hekstelling’, met een ernstig gebrek aan manoeuvreerruimte. En Matthijs maakte daar goed gebruik van. Na zet 35 staat wit 2 pionnen voor,  is zwart zijn rochade kwijt, en dringen de zware stukken zijn stelling binnen. Maar Matthijs kan die weelde niet dragen. Hij wordt wat te gemakzuchtig, en verknoeit zijn stelling grandioos  naar remise, en laat zich daarna zelfs naar de slachtbank leiden. Zagen we vorige week Ab al miraculeus aan een nederlaag ontsnappen, nu deed hij dat nog even dunnetjes over.



Ook Martin was m.i. een tikkie gemakzuchtig in de opening die door zijn verwekker Herman tien zetten lang uitstekend werd gespeeld. ‘Ach’ dacht Martin, ‘vergeleken met mijn ouweheer is mijn hoeveelheid schaakervaring omgekeerd evenredig aan mijn tekort aan levensjaren, dus ik zie wel.’ Na Martin’s beroerde zet 11  f4???   kreeg onze vriendelijke senior een schitterende kans om onze enthoustaste junior een lesje te leren.  Helaas zag hij dat niet en daarna kreeg onze jonge Zwaneveld verdorie nog gelijk ook. In enkele zetten werd de bejaarde Zwaneveld onder de voet gelopen.



Gerrit  behandelde  het Frans van Frank wel erg timide. Hij weet kennelijk niet dat als je het Frans niet steviger aanpakt (ja, helaas, met een heel kleine beetje theorie-kennis) je al gauw je witte voordeel kwijt bent en zelfs de kwade kans loopt  al gauw een aanvalletje op je af te krijgen. Daarom speelt Frank het zo graag. Dus dat ging nu ook zo. Maar Gerrit had het geluk dat Frank het wel wat al te enthousiast aanpakte en voor de aanval –als al gauw bleek-  iets te voortvarend een stuk offerde tegen 2 pionnen.  Daar ging Gerrit eens goed voor zitten en met zijn inmiddels sterk spel ging het er steeds beroerder voor Frank uitzien. Uit de gezichten die Frank naar mij trok, bleek me dat hij dat zelf ook drommels goed door had.

Doch in inmiddels totaal gewonnen stelling was Gerrit zo vriendelijk plotsklaps een toren als kadoaanbieding beschikbaar te stellen.  Wat ik knap vind van deze clubgenoot is dat hij na zoiets nog gezellig zit te glimlachen om zijn eigen blunder. Het klinkt wel minder uitbundig door het vertrek dan zijn bekende schaterlach als hij net iets gewonnen heeft, maar toch. Een reactie waar menigeen een voorbeeld aan kan nemen (ondergetekende wellicht alsnog).

Bij Ron tegen Bert speelde de openingentheorie ook nogal een rol. Via listigheid van Ron verzeilde die partij in een stelling waar Ron zich veel beter op had voorbereid. Waarschijnlijk ook op een stelling die je bij Bert eerder zou verwachten, een Pirc. Maar die verwachtte dat op zijn beurt weer, en deed het dus anders. Maar dat hielp dus niet. Maar ja, Bert is niet de eerste de beste, dus ook zonder veel ervaring ermee deed hij het goed. Na zet 6 heeft wit echt helemaal niks. Ook al suggereert Ron achteraf anders.

Maar dan doet Bert het een beetje verkeerd. Met een zet die ik er prima vind uitzien, maar het achteraf niet blijkt te zijn.   Ik moet zeggen dat Ron dat prachtig aanpakt. Zijn 7e zet is een vondst. Ik fluisterde hem toe: “Volgens mij geef je nu gewoon een pion weg!”  Hij schudt zijn peinzend hoofd ontkennend. Ik zag zijn fraaie voortzetting niet.  Ik vermoed Bert ook niet.  Die verzinkt nu in zwaar langdurig gepeins. Ik denk dat hij hier ook even de moed verloor.  Want zeker na een betere 11e zet was hij nog niet helemaal kansloos geweest. Maar zoals het nu ging, vooral na zijn voor mij niet goed te begrijpen 15e zet was dat wel het geval. Na de 16e zet geeft hij terecht op. Dan is er geen vreugde meer aan te beleven.

Kortom: kort maar hevig allemaal.

Wellicht ten overvloede, nog maar eens de in de schaakliteratuur gebruikelijke analysetekentjes.



Stand na ronde 2

Wit Zwart Uitslag
Bert Kuijer Externe wedstrijd 1-0
Ab Hauer Externe wedstrijd ½-½
Frank de Geus Afwezig met geldige reden
Gerrit van Dok Externe wedstrijd 0-1
Martin Zwaneveld Externe wedstrijd 1-0
Herman Zwaneveld Niet gespeeld buiten schuld
Peter van Putten Niet gespeeld buiten schuld
Matthijs Groot Niet gespeeld buiten schuld
Ron de Vink Externe wedstrijd ½-½
Paul Verkooijen Externe wedstrijd ½-½

Ranglijst bijgewerkt t/m ronde 2

Nr Naam Punten Wa Gsp Gw Rm Vl Perc
1 Bert Kuijer 25,00 15 2 2 0 0 100,0
2 Peter van Putten 17,00 14 1 1 0 0 100,0
3 Martin Zwaneveld 15,67 13 2 1 0 1 50,0
4 Ron de Vink 14,67 12 2 0 2 0 50,0
5 Herman Zwaneveld 13,33 11 0 0 0 0 0,0
6 Frank de Geus 13,17 10 1 0 1 0 50,0
7 Gerrit van Dok 13,00 9 2 1 0 1 50,0
8 Ab Hauer 10,33 8 2 0 1 1 25,0
9 Matthijs Groot 9,83 7 1 0 0 1 0,0
10 Paul Verkooijen 7,00 6 1 0 1 0 50,0

stand na ronde 1, 2019

Wit Zwart Uitslag
Bert Kuijer Martin Zwaneveld 1-0
Frank de Geus Ron de Vink ½-½
Gerrit van Dok Ab Hauer 1-0
Peter van Putten Matthijs Groot 1-0
Herman Zwaneveld Afwezig met geldige reden
Paul Verkooijen Afwezig met geldige reden

Ranglijst bijgewerkt t/m ronde 1

Nr Naam Punten Wa Gsp Gw Rm Vl Perc
1 Gerrit van Dok 14,00 15 1 1 0 0 100,0
2 Bert Kuijer 11,00 14 1 1 0 0 100,0
3 Ron de Vink 8,67 13 1 0 1 0 50,0
4 Peter van Putten 8,00 12 1 1 0 0 100,0
5 Martin Zwaneveld 5,00 11 1 0 0 1 0,0
6 Herman Zwaneveld 5,00 10 0 0 0 0 0,0
7 Frank de Geus 4,67 9 1 0 1 0 50,0
8 Ab Hauer 4,00 8 1 0 0 1 0,0
9 Matthijs Groot 3,00 7 1 0 0 1 0,0
10 Paul Verkooijen 3,00 6 0 0 0 0 0,0

Eerste ronde

Na het voltooien van het rapidtoernooi werd het tijd om aan een nieuwe , echte competitie te beginnen. We misten van de toppers alleen Paul, die had aangegeven dat hij geacht werd deze avond naast zijn ehtgenote op de bank te moeten zitten. Tja. Dat zijn natuurlijk redenen die gerespecteerd dienen te worden. Gevolg was wel dat hij nu door ons wel erg gemist werd.

Eigenlijk waren er nu maar twee borden waar echte kruitdamp van omhoog cirkelde.

En o ja, één bord zonder erg veel kruitdamp, maar waar een hoogst ongebruikelijke en toch wel interessante opening op verscheen, waar later het spelverloop wat grilligheid vertoonde. Doch waar uiteindelijk gelukkig de schaker die duidelijk wat verder vooruit kon denken en het meest geconcentreerd speelde toch wist te winnen.

En dan was er nog een bord waar ik niks mee kon omdat de daders het verloop niet hadden genoteerd en het eigenlijk al afgelopen was toen ik mijn rugzak had uitgepakt. Zo’n uitslag dient mijns inziens door de wedstrijdleider ongeldig te worden verklaard. Maar ja, die was er dus niet.

Eerst maar die ongebruikelijke  maar -naar ik nu pas ontdekte-  toch wel interessante opening.

Van Peter-Matthijs.

  1. d4 Pc6  ???? Wat is dat voor gekkigheid!?

Het lijkt een beetje op een ook niet ijzersterke, maar toch wel echte oeroude opening met flink veel theorie, de Aljechin-verdediging  (1. e4 Pf6)  maar dan in spiegelbeeld. U begrijpt echter dat die Aljechin-opening met zo’n naam toch nog wel ergens op moet lijken.  Maar deze Matthijs-creatie?? Al op de eerste zet op tempoverlies aansturen?

Als je zoekt naar een officiële naam voor dit geval (dat ik van plan was regelrecht naar de vergetelheid te schrijven als zijnde onzin)  ontdek je dat

1. Het toch best wel bestaat.

2. Er minstens vier namen voor in omloop zijn.
(Damepaard-verdediging,  Nimzowitsch damepion – verdediging , ( dit om het te onderscheiden van de de ‘gewonere’ Nimzowitsch-verdediging na 1. e4 (!) Pc6,    Bogoljubow-Mikenas-verdediging , en na 1. … Pc6  2 d5 de ‘Bozo-Indische’ verdediging. Ik stel voor om het maar gewoon de Matthijs-verdediging te gaan noemen. Gemakkelijker te onthouden.) 

3. In mijn database staan 3000 (!!) partijen met zulks. Zoveel nog? Tjonge!

4. Er zijn overgangen gebruikelijk naar  enkele wat meer gerespecteerde openingen.

5. Nee, het is geen goede opening. Maar ook weer niet zo slecht als ik dacht.

Ik wed dat zelfs de beste schakers van AdH nog nooit zoiets voor hun neus kregen. En zij dus ook nu al zouden moeten beginnen met nadenken. En dat is dan gelijk de  kracht ervan. Je haalt je tegenspeler direct uit zijn tradities!

Het meest voor de hand ligt nu  natuurlijk  2.  d5

Wat als volgt verder zou kunnen gaan:

Diagram (Matthijsopening1)



Maar dat vond Peter te veel voor de hand liggend. Logisch, je denkt dan aan iets dat voorbereid is door je tegenstander. En daar hoef je niet zomaar belangeloos aan mee te werken. Peter verkiest 2. Pf3  En dat is de zet die 60 % van die 3000 andere witspelers ook speelt. Terecht! En ook Matthijs speelt nu het meest voorkomende  antwoord 2. … d5 Je moet namelijk wel iets gaan doen aan de dreiging e4.  (Zo’n centrum d4/e4 geef je niet graag in je opening kado!) Dat zou je ook kunnen proberen met 2. ….  Pf6 maar dan wordt d5 wel erg vervelend omdat het paard niet meer naar e5 kan.

De volgens databases en computers nu beste voortzetting zou zijn  3  c4



Met wat beter spel voor wit.
Peter doet het anders  3  e3  Ook best goed.

Even nu de eerste 8 zetten: 



Matthijs valt wat te woest aan met een te vroeg opgespeelde dame en 1 paard, en dat is een te karige bezetting voor een koningsaanval. Maar Peter reageert te angstig. Zo krijgt Matthijs zelfs wat voordeel. Wat hij ineens weer verspeelt. En heel vreemd, daardoor stort zijn stelling ineens in elkaar:




Matthijs is ervan geschrokken en komt de tegenslag niet meer te boven. Verzint er nog wat foutjes bij.  Dat Peter nogal in vorm is de laatste weken blijkt m.i. ook uit de manier waarop hij de volgende stelling behandelt:

   Peter-Matthijs Kf7

Ik sta hier bij te kijken en denk: ‘Als hij nu maar ziet dat als die zwarte koning naar de a-lijn loopt, wit moeite zal moeten gaan doen om dat paard, dat een tekort aan vluchtvelden heeft, te behouden, en vooral hoe dat dan mogelijk is.’ Nou dat ziet hij. Hij speelt eerst een Toren van f1 naar d1, en gaat dan met de d-pion lopen en vervolgens met de e-pion. Zo krijgen de torens de ruimte over de d- en de e-lijn om in actie komen en die kunnen dat paard gaan dekken en/of een vluchtveld garanderen.

En zo wordt het een mooie overwinning.

Een echte rookpluim kringelde omhoog bij het bord van Frank tegen Ron. De brand was wel weer vrij snel geblust, maar het was wel even spannend. Gelukkig is thans de vrijwillige brandweer nog niet op instigatie van Brussel afgeschaft, wat ze van plan zijn! Onze schakers spraken bij zet 13 af, na meer dan twee uur diep nadenken, toen het al half elf was, en tijdnood ging dreigen, dat het maar remise moest worden.

Natuurlijk speelde Ron tegen 1 e4  Siciliaans.  Frank haalde een oude liefde van hem uit de mottenballen: de Grand Prix Attack. 

Na 1 e4 c5 2 f4 heeft zwart twee zetten die hun waarde hebben bewezen. En natuurlijk weet Ron dat:  (2  ..  e6)  of  directer 2 ….   d5!?  

En nu wordtFrank’s 3  exd5 terecht het meest gespeeld. ( 3 e5? Isverleidelijk, maar niet goed. Dit geeft het zwarte koningspaard de gelegenheid om provocerend na e6 via h6 (Lg1 is versperd!) naar het mooie veld f5 te springen. Daar staat hij prachtig. Kan niet met g4 verjaagd worden wegens Dh4+.  En later wordt dat boud voorkomen met ..  h5 .  Zwart staat al wat beter.)  3  …   Pf6!  (Dxd5 kan ook, maar zwart brengt liever niet zijn dame te vroeg in het spel) 4 Pc3  (Lb5!?) Pxd5

En òf Frank weet het hier niet meer, òf hij probeert Ron te verrassen. Maar zijn zet is eigenlijk niet goed. Ron gaat dat aantonen:



Ron voelt aan dat hij inmiddels al flink beter staat en wil dat niet vergokken. Dit wordt dus precizie- gereken. Hij verzinkt in zwaar gepeins. Na lang nadenken …..  mist hij de beste:

8 ….  Tb8?   8. … Pd4! heeft hij bekeken en verworpen. Hij had zo wat voordeel kunnen vasthouden, maar het is wel een erg ingewikkelde, diepe variant. Eigenlijk niet zo geschikt voor gewone stervelingen.

Na 8 … Tb8? Wordt het snel allemaal duidelijker. De kansen worden ongeveer gelijk en als Ron nog wat onduidelijks probeert, staat eerder wit weer wat beter.



Ron geeft dat toe na zet 13.

Goed zo’n schuimblusser, voordat het te laat is.

Voor Frank was er nog wel wat brandlucht te creëren, maar dat werd wel een veel te ingewikkelde stelling voor normale mensen.



Een andere rookpluim steeg op bij Bert (wit) tegen Martin.

In een geweigerd damegambiet dat door Bert erg rustig werd opgezet, ging Martin iets te hard van stapel. Met een wat vroeg c7-c5 en een niet solide genoeg pionoffer op b7. Hierna volgt de uitslaande brand. Martin staat met de rug tegen de muur, Bert mist enkele keren de sterkste, Martin ook. Het is allemaal wat te ingewikkeld. Maar vanaf zet 10 krijgt Bert echt met een pion meer zijn geliefde rustige strategische heft in handen en na een wat te optimistische 13e zet van zwart kan hem eigenlijk niets meer gebeuren.

 



En na een foutieve 20e zet van zwart staat er ineens een voor hem totaal verloren stelling op het bord. Ook erg ingewikkeld, maar dat karweitje gaat Bert klaren.



Dit was ronde 1. Een ronde die diverse schakers waarschijnlijk diep in de nacht nog flink hebben beziggehouden. En wat die rookpluimen betreft: Ik denk achteraf toch dat het de rooksignalen van de inboorlingen betrof die met elkaar communiceerden : “Hoera, het nieuwe schaakseizoen is weer begonnen!!”

Slotcorrectie moet nog plaatsvinden